Bruut Stuitelaar woont als kluizenaar in groot natuurgebied de Rand, ergens tussen Roerdonk en Maltstad. Bruut heeft er zijn boek IK BEN HIER! geschreven en het mag er zijn, dat boek! Stuitelaars pennenvrucht verkoopt als een tierelier. Er verschijnen lovende recensies in de bladen en talkshowhosts buitelen over elkaar heen om hem in hun programma’s te krijgen. Maar dan moeten ze wel naar de kluizenaar toekomen, want zijn hutje verlaten voor een interview doet hij niet. Zo is Bruut Stuitelaar.

Vandaag staat Charlotte Levendig bij Bruut op de stoep. Charlotte is hét kijkcijferkanon van de publieke omroep. Met haar cameraman wordt Charlotte uitbundig ontvangen door een roedel jonge honden die keffend op hen komen afgerend. Maar Charlotte is niet bang en dat voelen de hondjes feilloos aan. Onderdanig laten de beesten het tweetal passeren. Met zekere stappen treedt Charlotte de armetierige hut van Bruut binnen. Het is er een ravage. De kluizenaar ontvangt haar gastvrij. Met een tod veegt hij de tafel in de keuken schoon en biedt haar een krakkemikkige stoel aan. ‘Koffie?’ vraagt hij aan zijn gasten. Ze knikken van ja, maar zodra ze zien waar Bruut de prut vandaan haalt, kijken ze elkaar vragend aan. Charlotte neemt voorzichtig een slokje uit de door Stuitelaar aangereikte mok, knikt naar de cameraman en gaat meteen over tot het interview waarvoor ze op pad is gestuurd. Pas dan merkt ze het blauwe oog op, dat Bruut heeft opgelopen. ‘Ongelukje?’ vraagt ze, om te starten. ‘Gisteravond had ik een rare gast op bezoek. Hij vroeg de weg naar Maltstad.’ verklaart Bruut. ‘Maar voordat ik hem kon antwoorden duwde hij mij naar binnen, bedreigde mij met een mes en wilde geld zien. Dat zou ik, volgens die kwast, genoeg moeten hebben, vanwege mijn boek. We begonnen te vechten, zoals je nog kunt zien. Maar ik heb hem weggejaagd. Buiten zag ik dat hij een van mijn honden aan een riek had gespietst. ‘Moet de politie dit niet weten?’ vraagt Charlotte. ‘Van mij niet. Ik los mijn eigen zaakjes wel op. Als het er op aankomt, zijn we uiteindelijk allemaal op onszelf aangewezen, durske!’ beweert Bruut en knipoogt.

‘Tja, het is jouw feestje, Bruut. Trouwens, dat laatste blijkt wel uit jouw boek. Daar gaan we het nu over hebben, het boek IK BEN HIER!, dat momenteel alle verkooprecords verpulverd. Je beschrijft daarin het leven van een man die in zijn leven het een en ander voor de kiezen krijgt en hoe hij hier mee omgaat.’ Bruut knikt instemmend. ‘Nog koffie? ’vraagt hij. ‘Nee, laat maar. Eh, als jonge manneke heb je in een weeshuis gezeten, zou je aan de kijkers willen vertellen, hoe je daar terecht kwam?’ De kluizenaar neemt een slok van zijn koffie en begint: ‘Mijn ouders zijn verongelukt en omdat ik verder geen familie had, werd ik door de kinderbescherming in een gesticht geplaatst. Daar ging het eigenlijk al gelijk fout. Een van die paters kon zijn tengels niet thuishouden, zal ik maar zeggen.’


Thomas Splinter

Verhalen zijn splinters uit mijn onderbewustzijn.

0 reacties

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder