Het is een donkere, gure avond. Vol goede moed gaan ik en vriendin x op pad. Gewetenloos over wat deze avond zal brengen. Zou het gure weer een voorbode zijn, een kleine blik in de nabije toekomst? Op het eindstation van onze korte reis voegen wij ons, door middel van een verfijnde rits techniek, tussen de kudde tieners. De gemiddelde leeftijd van onze mede feestgangers is zeventien. Ongemakkelijk begint vriendin x te giechelen en ik kan natuurlijk niet achterblijven. Het blijkt moeilijker dan gedacht om me aan te passen aan de overige feestgangers. Wij hebben geen getoupeerde kapsels of geplamuurde gezichten. Wij dragen geen roze naaldhakken en glimmende liplees broeken. Bovenal was het ons niet bekend dat Kanker is gepromoveerd van dodelijke ziekte tot bijvoeglijk voornaam woord. Een kapsel is niet gewoon erg leuk en het wachten duurt ook niet erg lang. Nee, het woord erg heeft geen plaats bij de huidige generatie van de toekomst.

Eenmaal op het plein bij de ingang, schijnt het een erg populaire aangelegenheid te zijn, het is een drukte van jewelste. Vriendin x besluit een sigaret te roken en ik, als de meeloper die ik blijk te zijn, volg haar voorbeeld. Samen bekijken we de menigte. We lachen wat om de outfits van de pubers en verbazen ons opnieuw over de kapsels. Wanneer de regen zich aandient slaat een redelijk gespierde negroïde jongen een paraplu op van kleuterformaat. Ondanks het snoezige aangezicht, wat waarschijnlijk niet zijn intentie was, werkt dit redelijk op onze lachspieren. Na een half uur wachten zijn de deuren nog steeds niet open. Het lijkt er ook niet op dat opening van de deuren in de planning van de organisatie zit.

Meisjes gillen en op tikkende naaldhakjes rennen zij weg. Jongens kijken stoer en bang tegelijk. Uit het niets is er een man herrezen uit de menigte. Geen gewone man. Een schreeuwende man te paard. Hij draagt een helm en zwaait met zijn knuppel. Onverstaanbaar schreeuwt hij naar de menigte. De menigte hoort niets maar rent. Ik en vriendin x besluiten te vertrekken. Echter, wanneer wij ons op een veilige afstand bevinden, en de rust bij de ingang terugkeerd, is onze nieuwsgierigheid gewekt. We blijven. Wat zou er binnen zijn. Hoe zou het binnen zijn. Waarom gaan de deuren niet open. Wat was er aan de hand. Waar kwam de man met knuppel vandaan.

Pas nu bekijken we het grote plein der ongemakkelijkheid wat beter. Pas nu hebben we enig overzicht. Het plein is omsingeld door politiewagens. Geen gewone politiewagens. Wagens met kooien als kofferbak. Agenten rennen zenuwachtig en doelloos over het plein. Agenten met knuppels houden wacht langs de zijlijn. In onze rechter ooghoek wordt een dronken jongentje neer geknuppeld om vervolgens aan zijn oor over de grond gesleept te worden. Een ware nostalgische actie van oom agent. Ons medeleven gaat uit naar het jongetje dat per direct wordt afgevoerd. Zo nu en dan scheurt een politie wagen over het terrein waarbij enkele kinderen maar net aan een wisse dood door politie wielen kunnen ontsnappen. Een wagen rijdt met gillende sirene over het terrein. De aanwezige pubers schijnen dit hele tafereel meer dan normaal te vinden.

Naast het feit dat we ons hier erg oud voelen, neemt het dreigende beeld de overhand en durven ik en vriendin x nu ook toe te geven dat we een beetje bang zijn. Tevens nieuwsgierig.

In de duisternis sluipen wij opnieuw richting de ingang. Er gaat een deur open. Er gaat een feestganger naar binnen. De deur gaat weer dicht. Dit herhaalt zich 6 keer. De deur blijft weer gesloten. Onze tenen protesteren voor zover zij dat nog kunnen. Dit doen zij op een pijnlijke manier. Na twee uur wachten zonder resultaat besluiten wij te vertrekken en al direct voelen wij ons veiliger.

Het is vreemd te constateren dat je je veiliger voelt op een Slayer concert dan voor de dichte deuren van AHOY. Het is vervelend te ontdekken dat je voor sommige dingen simpelweg te oud geworden bent. Dertig minuten later brand mijn sigaret heerlijk tussen mijn vingers in de warmte van onze oude vertrouwde pub. Geen politie. Geen dreiging. Enkel een gemiddelde leeftijd van dertig.

De deuren van AHOY zijn niet meer geopend. Het feest is anderhalf uur eerder dan gepland beëindigt. Er werden zeven mensen gearresteerd en vier gewonden overgebracht naar het ziekenhuis.


Assepjotster

In the depth of winter I finally learned that there was in me an invincible summer...

1 reactie

Avalanche · 8 december 2009 op 13:12

Een leuke column met teveel slordigheidjes (zoals jongentje, politie wagen) om het een goed en lekker lezend verhaal te laten zijn.

(De aanduiding x maakt een wat criminele indruk. Noem haar desnoods Miep of geef haar geen naam.)

Geef een antwoord