Een aantal jaren geleden zag ik planten in mijn tuin opkomen, die ik er nog nooit eerder had gezien. Tere, handvormige, gekartelde blaadjes…
Het begon me op te vallen, dat mijn toen 14-jarige zoon veel belangstelling voor de nieuwe scheuten had en er soms met de tuingieter heenliep om ze te begieten. Dus tijd om bij hem te informeren of ik het goed had gezien:
“Zoonlief, heb jij die wietplanten daar gezaaid?” Hij begon te lachen. “Ja mam.” “Hoe kom je aan dat zaad?” “Bij de dierenwinkel gekocht. Wietzaadjes zitten in papegaaienvoer.” Mijn gedachten vlogen alle kanten op. Wat doe je met zoiets als opvoeder? Verbieden? Goedkeuren? Hij was me al een slag voor en zei: “Mam, vijf planten in je tuin mag, hoor! Had ik toch in het werkstuk geschreven. Had je dat niet gelezen dan?” Dat had ik inderdaad gelezen en God, wat haatte ik het gedoogbeleid op dat moment en wat haatte ik werkstukken. We besloten gezamenlijk de politie te bellen en nog eens precies navraag te doen. Inderdaad, vijf planten werd gedoogd.
Dus vooruit dan maar. Mijn zoon kennende, zou hij het toch niet kunnen laten als hij zijn zinnen erop had gezet, dan zou hij wellicht stiekem ergens anders wat zaaien. En stiekem vind ik erger dan openlijk en onder begeleiding.

Ik telde zorgvuldig de scheuten. Twaalf. “Oke, dan moet je er zeven uithalen.” “Mag ik daar even mee wachten tot ze iets groter zijn, mam? Want ik kan nu nog niet zien wat de goeie zijn.” Nee, dat mocht niet. Twaalf was te veel en regels zijn regels. Braaf koos hij er zeven, haalde die eruit, vermorzelde ze onder mijn ogen en kiepderde ze in de GFT-bak.

De vijf planten groeiden op en verdomd er kwamen bloemen aan. Ons tuintje werd een attractiepark voor klasgenoten en aanverwanten. Af en toe verzorgde zoonlief een soort rondleiding.

Op een dag moest ik de onvermijdelijke vraag stellen, wat hij dacht met de oogst te gaan doen, want het werd menens. Ja, dat wist hij eigenlijk ook niet. Want verkopen mocht niet en zelf roken deed hij niet, verzekerde hij me. We hadden dus een probleem.
Twee dagen later ging hij met een vriendje op vakantie. Mij werd verzocht goed op de planten te passen. En dat heb ik gedaan. Zodra hij vertrokken was, knipte ik de toppen eraf. Ik voelde me een goede opvoeder en een rotmoeder tegelijk. Hoe zou hij reageren?

Weer thuisgekomen, gaf hij mij een vluchtige kus en rende meteen naar zijn planten. Het bleef stil. Ik liep voorzichtig achter hem aan de tuin in. Daar stond ie. Keek met hoogrode wangen naar zijn verwoeste mini-plantage en zweeg. Het bleef een tijdje stil tussen ons. Toen draaide hij zich naar mij om: “Mam, heb jij de toppen eruit geknipt?” Ik antwoordde bevestigend. Hij keek me aan en zei: “Ik vind dit niet leuk.” “Nee jongen, dat begrijp ik,” antwoordde ik, “maar het leek me wel verstandiger.”
Hij slikte nog een keer en incasseerde. “Ach, ik wist toch niet wat ik er verder mee moest.” Zijn tranen verbijtend, rende hij naar boven. En zo liep dit avontuur met een sisser af en een paar ingelijste gedroogde bladeren hangen nog steeds als trofee op zijn kamer.

Het is nu negen jaar later. Binnenkort ga ik op visite bij een goede huisvriend van ons. Die kweekte ook wietplantjes. Straks even bellen wanneer precies de bezoektijden zijn in de gevangenis waar hij zijn straf van een half jaar uitzit. Sja, meer dan vijf plantjes én lampen erboven wordt niet gedoogd…..

Meteen ook maar even bellen of zoonlief misschien zin heeft om mee op visite te gaan…..

Categorieën: Algemeen

10 reacties

Kees Schilder · 25 februari 2004 op 17:51

Opvoeden blijft toch steeds maar balanceren op een slap koort.Erg boeiend en leerzaam beschreven.

Suus · 25 februari 2004 op 19:22

Goede column hoor, erg goed. Behoeden voor een eventuele foute stap of hem zijn grenzen en stappen laten bepalen. Inderdaad lastig. Maar goed geschreven…

Li · 25 februari 2004 op 19:54

Herkenbaar! Het baart mij zorgen dat blowen zo vanzelfsprekend is/wordt. Ik praat de blaren op mijn tong om mijn jongste (16) het verschil tussen alle soorten genotsmiddelen uit te leggen.

Li

deZwarteRidder · 25 februari 2004 op 20:17

kleine kinderen kleine zorgen…..grote kinderen enz enz..
maar dit vond ik toch een lekker uit het leven geschreven stuk,,, zat zelf al te dubben hoe het op te lossen 🙂

pepe · 25 februari 2004 op 20:59

Weer mooi en liefde vol geschreven Ma 🙂

Eftee · 25 februari 2004 op 21:22

Perfect geschreven Ma3anne!!
Maar uh…. nieuwsgierig als ik ben, blijf ik met een vraag zitten.
Wat heb JIJ met die toppen gedaan?

Mosje · 25 februari 2004 op 21:43

Goede column.

Echt gebeurd allemaal? Want dan wil ik nog wel even wat kwijt:
Je zoon iets beloven als ie op vakantie gaat, en dan stiekum die dingen afknippen. Zoiets zou ik mijn moeder behoorlijk lang nagedragen hebben. Het is het schenden van vertrouwen. Wist je nou echt geen andere mogelijkheid te bedenken?

Ma3anne · 25 februari 2004 op 22:16

Mosje, is allemaal echt gebeurd ja. Nee, ik wist geen andere mogelijkheden te bedenken anders had ik dat wel gedaan. Vond mezelf ook behoorlijk lomp. Simpel.

Had een boze zoon verwacht, maar dat was dus niet zo en dat verbaasde me best wel. Kennelijk had ik toch de passende oplossing gevonden voor hem. Want ook hij had een probleem en wist niet wat ie ermee aanmoest, dat had ik wel gemerkt. Het vertrouwen in elkaar hebben we nog steeds, dus daar is niks mis mee. Zo zie je: opvoeden pakt soms onverwacht ook wel eens goed uit.

Eftee, ik heb geprobeerd de knoppen aan mijn moeder te verkopen, maar die trapte er niet in. Ik kreeg alleen op mijn donder dat hij die planten had mogen laten groeien. 😀

viking · 26 februari 2004 op 11:17

Mmmm, ik herinner me nog wel een paar ‘blowtjes’. 😛
Ik vraag me af wat ík zou doen, gezellig samen een blowtje of het verbieden? Ik denk dat ook hier geldt dat iets ‘slechts’ doen, mits met mate, niet perse slecht hoeft te zijn. Waarom niet blowen maar wel lekker zuipen? Waarom wel kilo’s chips en snoep? Vette hap? Pillen?

Mup · 26 februari 2004 op 19:47

Herkenbaar, die dilemma’s. Knap beschreven, lef dat ook zo te doen, bewondering voor,

Groet Mup.

Geef een antwoord