[i]Een herinnering. [/i]
Toen ik was afgestudeerd aan de kunstacademie belde ik vaak naar de Vlampijp, het atelier-complex aan de Vlampijpstraat, onderdeel van de academie. Ik had daar nog een paar kontakten. Het gebouw, een voormalig kantorenfabriekje was in de jaren daarvoor mijn tweede huis geweest, ik sliep er nog net niet. Aan ons beeldhouwers was de begane grond toebedeeld en in de lange gang met links en rechts de ateliers van mijn studiegenoten, heb ik ontelbare malen heen en weer gedrenteld, gerend, gewandeld, gewacht. Deze gang; zijn afmetingen en zijn akoestiek waren mij bekender dan mijn atelier. De gang: waar alle deuren op uitkwamen, deuren waaruit telkens als ze werden geopend grillige windvlagen ontsnapten ten gevolge van de beeldenstormen die er binnenin de ateliers woedden. De gang, waar elke beeldhouwer doorheen moest om in zijn of haar eigen wereld te kunnen binnenstappen. Die gang; en in die gang hing ook de munttelefoon die wij allemaal gebruikten, aan het begin of aan het eind, afhankelijk van waar je stond.

Eens belde ik vanuit mijn atelier in Amsterdam naar de Vlampijp. Ik kreeg de beheerder aan de lijn, vroeg hem om voor mij de gewenste persoon te roepen en nadat hij op weg ging naar het desbetreffende atelier zag ik de gang voor me, een beeld dat in werking was gezet door het geluid van zijn zich verwijderende voetstappen.

Het duurde lang. Te lang voor de eenvoudige opdracht. Maar hoe langer het duurde, hoe meer ik het beeld van de ruimte, aan de hand van de overige geluiden die ik hoorde, (stemmen, iemand die de trap op rende, een deur die dichtsloeg) kon herdefiniëren.

Te hebben geleefd in de ruimte had de waarnemingen ervan als herinneringen opgeslagen in mijn lichaam, en deze werden eruit los getrild door alle voor mij hoorbare geluiden aan de telefoon. Zo scherp werd het beeld dat ik na tien minuten luisteren bang werd dat mijn vriendin ten langen leste toch nog aan de telefoon zou komen. Zij zou met haar stem in één snelle haal mijn verbinding met de ruimte doorsnijden.

Omdat ik zeker wist dit als een amputatie te zullen ervaren heb ik toen opgehangen. Daarmee verbrak ik weliswaar de telefoonverbinding maar het beeld van de ruimte bleef mij bij, geheel in tact.

Categorieën: Diversen

4 reacties

KawaSutra · 25 februari 2006 op 00:23

[quote]Daarmee verbrak ik weliswaar de telefoonverbinding maar het beeld van de ruimte bleef mij bij, geheel in tact.[/quote]
Zal op jouw vriendin vrij tactloos overgekomen zijn. Heb je het nog uit kunnen leggen?
Wel een mooie mijmering. Ik heb zo’n associatie bij de geur van plakkaatverf. Ik zie mijzelf direct weer zitten in mijn kleuterklas aan die ontzettend hoge ronde tafel. Ik kan me dan bijna nog voorstellen wat ik schilderde.

Dees · 25 februari 2006 op 12:12

Prachtig!

Door de ogen van de kunstenaar, in beeld en geluid beschreven. Het roept nostalgie op, maar ook komt het in de buurt van de essentie van de start van een creatief proces. Ben benieuwd of je er nog iets mee hebt gedaan, daarna.

Je taal is ook bijzonder trouwens… Prettig leesbaar, tikje poëtisch.

Nana · 25 februari 2006 op 19:02

Mooi beeldend en deze keer stijlvast. 🙂

Anne · 25 februari 2006 op 20:42

Kawa, even ter verduidelijking: de beheerder in het pand was van het verstrooide soort. Soms lag er een waas over zijn ogen waarin je de verten kon zien. Hij was dan overal, behalve ter plekke.
Ook in zijn stem kon je die toestand horen en in zo’n toestand nam hij dus de telefoon op. Daardoor wist ik al toen hij op weg ging dat de kans groot was dat er niemand meer terug zou komen. En net zo was het. Enne, mijn vriendin kon er hartelijk om lachen toen ik haar het verhaal later vertelde.

Dees, wat leuk dat je dat het gezien in de tekst want het vormde inderdaad het hart van het op dat moment ontstaand idee voor een (geluids-) beeld. Ik heb dat werk nooit uitgevoerd, het bleek te omslachtig, en andere beelden gingen voor, maar ik hoop het ooit toch nog aan te pakken. Ooit……
Anne

Geef een antwoord