Met bejaardenpasjes glibber ik over de verblubberde stoep. Een dun smeltlaagje vriest weer vast op oud ijs, gladder kan niet. Ik heb het alweer gehad met die winter.
Vlakbij ons huis staat een donkere gestalte de ruiten van een auto schoon te krabben. Dat deed hij ook al toen ik hem 10 minuten geleden op weg naar de brievenbus passeerde. De motor draait stationair en braakt benzinedampen uit die in de dunne mist blijven hangen. Er brandt een lampje in de wagen en samen met het lage gebrom van de uitlaat geeft dat het tafereel een zekere gezelligheid. Omdat ik vandaag nog geen praatjes heb gemaakt zeg ik:
‘Hele klus, niet?’
De man komt achter de zijkant van de auto overeind. Zijn forse gestalte licht op in het gele schijnsel van een straatlantaarn. In zijn houding straalt hij uit volledig tot mijn beschikking te zijn.
Hij heeft de onbezorgde openheid van de vertegenwoordiger die elke klant na een eerste handdruk het gevoel geeft een oude vriend te zijn.
‘Ach meneer’, zegt hij, ‘ik heb de tijd en als ik straks geen zin meer heb dan ga ik weer naar binnen, dan blijf ik thuis. Alles kan.’
Een samenzweerderige glimlach trekt over zijn gezicht.
‘Ik werk niet meer’.
Ik knik begrijpend.
‘En dat is het mooiste wat me overkomen is. Ik moet alleen nog even een nieuw ritme vinden.’
‘Wat langer blijven liggen, wat later erin’, antwoord ik en leg zo een voertje voor de rest van zijn verhaal dat stuiterend van verlangen in hem klaar ligt.
‘Ritme, daar gaat het om’, zegt hij beslist. ‘Mijn broer is ook gestopt en die zegt dat dat het belangrijkste is. Dat je niet blijft zitten, dat je wat blijft doen. Vooral als je alleen bent, zoals ik.’
Dan buigt hij zich wat verder naar me toe en zegt:
‘En ik hou nogal van een whiskietje.’
In het verkleinwoordje zie ik een heel leven opdoemen van wankele stappen op een krakende trap op weg naar een kil echtelijk bed.
‘En daar moet je mee oppassen.’
Hij trekt de schuldbewuste grimas van de man die veel geleerd heeft van alle whiskietjes en graag bereid is mij die levensles mee te geven.
Ik zwijg veelbetekenend om aan te geven dat ik ook wel weet wat een glaasje teveel met je kan doen.
‘Daarom’, vervolgt hij, ‘als ze me vragen dan ga ik nog wel een paar dagen naar de oude stek, ben je ook weer eens onder de jongens.’
Ik besluit het gesprek af te ronden voordat we een volgende fase van intimiteit bereiken. Ik ken mijn pappenheimers.
‘Nou succes dan maar’, zeg ik opgewekt en maak aanstalten.
Maar zo gauw ben ik niet van hem af.
Hij verkleint de afstand tussen ons en dempt zijn stem.
‘En dan ben ik ook nog op zoek naar een nieuw vrouwtje, op Parship. Maar niet zo een van in de 60 met van die krulletjes, dan heb ik net het gevoel of ik met mijn moeder aan het daten ben.’
Ik heb plotseling spijt van mijn praatje en beperk me tot een laf knikje. Behoedzaam ben ik al een paar stappen achteruit gedeinsd. Het gaat vooral om de tekst heeft hij ontdekt; Jeugdig, wandelingen, open haard, glas wijn..
‘Als u dat whiskietje maar weglaat’, zeg ik leutig en draai me schielijk om, op weg naar mevrouw Trawant die op me zit te wachten en die ik ineens hevig mis.


11 reacties

LouisP · 17 december 2010 op 23:18

Trawant,
“In het verkleinwoordje zie ik een heel leven opdoemen van wankele stappen op een krakende trap op weg naar een kil echtelijk bed.”

Stukjes als ‘een whiskietje’doen me denken aan de échte schrijvers van dit genre. Als ik vorige zin teruglees voel ik dat het niet écht als een compliment overkomt..maar neem maar met een gerust hart aan dat ik het wél als een dik vet compliment bedoel..

hele mooie en lieve uitsmijter..
louis

WritersBlocq · 18 december 2010 op 11:28

Jaja, die pappenheimers toch! Leuk sfeerplaatje en hoop dat je je Trawanten aanhad voor extra warmte 🙂

arta · 18 december 2010 op 11:30

[quote]Hij heeft de onbezorgde openheid van de vertegenwoordiger die elke klant na een eerste handdruk het gevoel geeft een oude vriend te zijn.[/quote]
Zó knap hoe jij met één zin een gezicht op het netvlies van de lezer weet te tekenen!

lisa-marie · 18 december 2010 op 14:30

heerlijk zoals je je pappenheimers beschrijft 😀

pally · 18 december 2010 op 22:11

Je hebt hem echt neergezet, die man! Hij verschijnt op mijn netvlies. Door hem raak te typeren en niet door een beschrijving van zijn uiterlijk. Knap! :wave:
[quote]een vloertje voor de rest van zijn verhaal dat stuiterend van verlangen in hem klaar ligt

heel erg mooi dit, Trawant (Ik heb de L even toegevoegd, geen dank :-D)
sorry zit per ongeluk in de quote 🙁
Pally

sylvia1 · 18 december 2010 op 22:40

Wat een onverwachte wendingen heeft deze column. Die eerste alinea zo onschuldig, ik verwacht weer iets grappigs maar dan… met een paar rake omschrijvingen staat daar de praatjesmaker, meelijwekkend, en dan die onverwachte uitsmijter… Prachtige column Trawant!

trawant · 19 december 2010 op 00:39

Dank voor je reactie Pally..
Maaarrr.. je bent dus geen sportvisser ., die leggen namelijk een vóertje in het water om de vis te lokken.. Vaak geprakte aardappels in balletje gekneed of ander lekkers..en dát voertje bedacht ik als beeld..

😉 😉

Vloerenleggers, die leggen vloertjes.. 😆 😆

Maar bij nader inzien.. vloertje kán ook, maar ik vind voertje mooier.
Wat één letter al niet kan doen..

Mien · 19 december 2010 op 18:47

Mooie seniorencolumn. Sansiveriaatje erbij, blokje kaas en af en toe zwaai zwaai vanachter gele vitrines en geranium. Kortom het leven is vurrukkeluk.

Mien

pally · 19 december 2010 op 18:49

Nee, ik ben inderdaad geen sportvisser, Trawant! 😀
Ik dacht echt dat je de L was vergeten. Maar nu je het uitlegt, vind ik voertje ook zeker leuker.
Sorry, :oeps: de juf was te snel met haar conclusie…

Harrie · 20 december 2010 op 11:25

Hee, Parship, dat ken ik nog van vroeger. Dat is toch dat middeleeuwse schip dat schipbreukelingen redde?

Avalanche · 20 december 2010 op 20:43

Wat aandoenlijk…. krijg onmiddellijk te doen met die man.

Geef een reactie

Avatar plaatshouder