Nederland, het land van de zwijgzaamheid, het land van de stille betrokkenheid, het land ook waarin Job Cohen al tweemaal in zeer korte tijd voor het nationaal voetlicht mocht treden (eerst bij het verscheiden van André H. en nu al weer bij het verscheiden van Theo van G. – zou hij stiekem bijleren voor een toekomst na zijn burgemeesterschap in de functie van uitvaartleider bij de plaatselijke uitvaartonderneming?), het land ook waar stilte heeft plaatsgemaakt voor luidruchtigheid. Hadden we aanvankelijk alleen maar stille tochten als er weer iemand was vermoord om onduidelijke redenen (soms leek het erop wie de stilste tocht kreeg toebedeeld), nu mag je lekker luidruchtig doen zonder dat de politie aan je deur komt klagen omdat je weer uit je dak gaat en de buren er zo’n last van hebben. Is je oma overleden? Sla met de pannen tot je buren gallisch gek zijn geworden. Overlijdt je buurman als gevolg van jouw lawaai? Dan mag je van de burgemeester van “ons” Amsterdam er lekker op los timmeren (althans, op pannen en potten, meer specifiek gebruiksartikelen voor in de keuken). Daarna moet je twee minuutjes rust in acht nemen. Waarschijnlijk om het effect van al dit lawaai op je buren te kunnen waarnemen.

Bij ADO Den Haag hadden ze dit fenomeen al veel eerder uitgevonden. Daar bestonden ze zelfs de kunst om de luidruchtigheid in banen te leiden. Dat is niet zo bijzonder. Een nieuwe ontwikkeling toont meestal in den beginne een ongestructureerd geheel waarna vaardige meesters er een lijn in proberen te krijgen. Dat staat Amsterdam dan nog te wachten. De luidruchtigheid in Den Haag, veroordeeld door politiek en in haar kielzog een legertje aan meelopers, lijkt door al deze commotie een nieuw leven te gaan krijgen. Misschien moeten we de Haagse supportersvereniging vragen bij luide tochten een afvaardiging van hun clubje toe te voegen aan de groep belangstellenden na weer de zoveelste oproep van ene burgervader om toch vooral iets te laten horen van protest na de zoveelste onzinnige moord. Zouden ze daar geld voor rekenen? Een beetje artiest wel. En artiesten zijn het. Stel je eens voor, twintigduizend man op de Dam die met potjes en pannetjes herrie maken en nog worden ze overstemd door het professionele ADO-spreekkoor met de welluidende artiestennaam “Krèg de kankah”. Niet mis te verstane teksten over de Dam als “Ali, moawt hangeh” of “kutmarokkaneh!”. Zou Cohennetje dat niet fijn vinden? Misschien kan de fanclub wel een (door de gemeente Amsterdam gesubsidieerd) cd’tje opnemen? Voetballers doen het ook dus waarom hun fanclub niet.

We vallen over spreekkoren bij het voetbal als ze ons niet welgezind zijn. Zouden we er ook nog over vallen als ze ons doel dienen?


2 reacties

Bakema_NL · 18 november 2004 op 19:18

De spreekkoren, althans die met kankerhoer e.d, mogen niet meer…..verboden. Nu heb ik een paar collega’s met een seizoenkaart voor ajax, niet bepaald iets om vrolijk van te worden de laatste tijd, maar dit terzijde. Die constateren dat die spreekkoren niet meer gebezigd worden, de “supporter” draagt nu gewoon een spandoek met daarop de tekst die niet meer gezongen mag worden. Afgelopen zondag was er iets dergelijks als “Gullit is de hoer van Rotterdam” te lezen……of zoiets.

DeVleg · 19 november 2004 op 12:42

Goed stukje.

Vergeet alleen niet dat de ADO supportes niet de enige zijn die vreemde dingen roepen. Op de een of andere manier ligt die club bij een hoop mensen onder een vergrootglas.

Geef een antwoord