“Nee hoor, lieve Louis, ik ben de gelukkigste mens van de wereld!”
Ze kijkt me heel serieus aan. Haar antwoord zou wel eens kunnen kloppen. Ik ben het namelijk niet. De gelukkigste mens. Met gewoon gelukkig zou ik al dik tevreden zijn. Nochtans heeft mijn omgeving alles om er gewoon gelukkig in te zijn. De mensen, dieren en planten om me heen doen er alles aan. Om me gewoon gelukkig te maken.
Neem nu dat ene paadje van mijn dagelijkse wandelroute met de hond. Aan weerszijde van het pad bevinden zich met draad afgebakende grasvelden vol met schapen. Het zijn er zoveel dat ik halverwege even moet gaan liggen.

“Ach, we hebben het niet slecht!”
En het gezicht dat hij erbij trekt! Gatverdamme! We hebben het niet slecht. Met zo’n antwoord kan ik dus helemaal niets. Nada. Nul de botten. Nee, we hébben het niet slecht. Ik heb het niet slecht. Ik heb een vriendin waarbij ik een scheet kan laten en het met een simpel ‘pardon’ met een sisser kan laten aflopen. Heb ik het daarom niet slecht? Ben ik daarom gelukkig?
We hebben het niet slecht. Flikker toch op. Ik wil gelukkig zijn. Gewoon gelukkig zijn.
Alles wat te veel is mag weg. Alles waar ik over droom en te veel is kan weg.
Ik droom vaak over te veel. Te vaak zelfs. Om gelukkig te zijn. Ik droom over bijzondere bomen, vogels en andere figuurtjes in de natuur. Over spannende momenten, bij een motorrit, over gewillige, vochtige vrouwen en zaken waar ík zelfs opgewonden van raak. Te veel en te vaak. Maar nooit droom ik over gelukkig zijn. Ik droom nooit dat ik plotseling gewoon gelukkig ben. Dat zit er niet in. Dat staat er niet in. In het rijtje.

Weet je wat me wél gelukkiger kan maken? Voor zolang het duurt.
Bomen en vrouwenpraat. Bomen die ik kan aanraken. Vrouwen waar ik mee kan praten over vrouwenpraat. Bomen die ik kan omhelzen.
Bomen met van die diepe verticale groeven. Grove korstige littekens. Die me pijn doen bij het omhelzen. Als wonden die groen afgeven. Op mijn wang, mijn armen en op mijn witte T-shirtje. Bij voorkeur pak ik bomen vast die ik niet helemaal kan omarmen. Kan ik ze wél helemaal omarmen dan kom ik later wel een keer terug.
Bomen met de juiste omvang en uiterlijk maken me zowaar ongewoon gelukkig. Bomen met de perfecte maat, de perfecte diameter.
Én vrouwenpraat.

Vrouwenpraat! Dat geeft me een fijn gevoel. Een lekker gevoel. Een gelukkig gevoel. Babbelen met een vrouw. Dat vind ik zalig. En dan mag ze er voor mijn part af en toe tussen gooien dat ze het niet slecht heeft. Dan laat ik wel een scheet als antwoord, zonder pardon.

Er is een vrouw in mijn leven die uitstekend dienst doet om er een heerlijk vrouwenpraatje mee te slaan. Een vrouw, een maatje, met de perfecte maat, de perfecte diameter. Het perfecte uiterlijk.
Ze is frivool, vrij en blij en ze danst, springt en huppelt. Door het leven. Door háár leven. Opgewekt neemt ze mijn hand. En omarmt me. Maar niet om te huppelen. Of te dansen. Met mij wil ze enkel seks. Pure seks. Seks zonder flauwekul. Seks zonder af te geven. Met of zonder poespas.

Na de seks doe ik een plas en laat een wind. Zachtjes. Zodat ik geen pardon moet zeggen.
Ik hoor dat ze de kopjes op de salontafel zet. Ik hoor haar in de bank ploffen. Haar stem is nog altijd hees.
“Koffie en een peuk achteraf. Heerlijk! Ik ben de gelukkigste mens van de wereld! En jij, lieve Louis?”
“Ach, we hebben het niet slecht.”

Categorieën: Algemeen

8 reacties

Mien · 9 april 2012 op 14:06

Wauw. Mooie column Louis. Recht uit het hart, waar het hart dan ook mag zijn. 😉
Mooie boomliefde ook.
Zo heb ik ze graag. De columns. Jouw columns.
Gelukkig ben je weer back.

Mien

arta · 9 april 2012 op 14:22

Supermooi!
Het goed/niet slecht hebben staat totaal los van gelukkig zijn, wat mij betreft.
Geluk staat bij mij voor onvoorwaardelijk blij zijn met wat je doet/ziet/ervaart en de mogelijkheid hebt uit elke (positieve of negatieve) ervaring kracht te putten.

pally · 9 april 2012 op 16:58

[quote]Weet je wat me wel gelukkiger maakt? Voor zolang het duurt. Bomen en vrouwenpraat.[/quote]
Dit vind ik de kern van je stukje en dat herhaal je ook en dat is leuk, een soort refrein in verschillende toonsoorten.
Echt een column van jouw signatuur, Louis. Teder en grof tegelijk. Het midden zoeken, maar dat verre van saai. Ik mag dat wel.

groet van pally

Harrie · 9 april 2012 op 17:58

Mooi. Verder eens met Pally.

Libelle · 9 april 2012 op 18:02

Wat gedisciplineerd, een windje na de seks.

trawant · 9 april 2012 op 22:15

Wel wat veel windjes Louis, maar Ik wapper wel wat met de Ipad..zo hè..hè..Die Belgische zijn taaie rakkers..

Maar verder ben ik toch wel weer even gelukkig dat je terug bent in de eredivisie en niet met je minste stukje!

En nu geen gezeur meer..Schrijven!

embee · 12 april 2012 op 22:56

Vroeg in de morgen, een door de dauw nog vochtig bos,een briesje, en een mooie vrouw. Wat zou je nog meer willen? Ik weet het: een Belgisch biertje.

Proost van Embee, mooie column!

marjan · 18 augustus 2013 op 17:07

Ik ben niet de gelukkigste mens ter wereld; maar we hebben het wel goed. En soms zijn we blij. Zomaar.

Mooie tekst

Geef een antwoord