De tafel waar ik nu op werk heb ik, net zoals de stoelen er rond, zelf gemaakt. Daar ben ik trots op. Wie een IKEA kastje in elkaar frutselt mag zichzelf, naast geduldig en, ja, zelfs handig, nog geen meubelmaker noemen. Althans niet de meubelmaker die ik bedoel. De man die planken koopt bij de houthandelaar en deze zodanig met zaag schaaf hamer en schuurpapier bewerkt tot er een mooi glanzende stijlvolle kast staat te pronken, dat is een meubelmaker. Er was een tijd dat ik bij die categorie van mensen hoorde maar dat is nu toch wel al een twintigtal jaren geleden. Eigenaardig, terugdenkend aan die tijd zijn het voornamelijk de geuren die me nu nog het meest bijgebleven zijn.
Hoofdzakelijk de zilte reuk van eikenhout maar ook de honingzoete geur van beuk, de scherpe hars reuk van dennenhout die soms dagenlang in het atelier bleef hangen, de naar bruin brood riekende afseliaplanken, mens toch, wat zijn dit voor mij nostalgische getuigenissen van die tijd.
De met loogzout bewerkte eikenhouten kasten, hun vermufte geur bij het drogen, de boenwas met haar warmtegevende vernieuwende eigenschap, de stank van de vernissen, nadrukkelijk aanwezig in het slecht verluchte kleurkot, kankerverwekkers van toen? De baas gaf gratis melk.

Terwijl ik dit zit te bedenken leest de wederhelft even mee.

“ Mijn herinneringen aan geuren gaat nog verder terug.” antwoord deze zonder dat ik een vraag gesteld heb.” O ja, vertel op.” repliceer ik daar mijn verhaal op dit moment toch een beetje vast zit.

“Toen ik helemaal in het begin in onze Psychiatrische instelling werkte, had men een deel van de kelders van de eeuwenoude gebouwen tot een fietsenstalling omgebouwd. Ik, als receptioniste, kreeg de verantwoordelijkheid over de sleutel.” begon ze.

Dit zal ze niet graag lezen maar dat is inderdaad al meer dan vijvendertig jaar geleden. Ik zie wel geen direct verband tussen die kelder en mijn geuren en vraag haar vriendelijk verder te vertellen.

“ Er zaten daar ratten, die heb ik zelf meerdere keren gezien.” benadrukt ze met iets luidere stem. “Het was een akelige kelder waarvan ik de deur niet durfde te openen zonder eerst voorafgaand uitbundige geluiden te maken met de sleutelbos. Het rook er naar geslotenheid zoals in een aardappelkelder, als men er te vlug binnen stapte moest men eventjes hoesten door de muffe onfrisse lucht die er heerste. Nu, dat hoesten was er voor mij niet bij daar ik steeds traag de speelweide van die ratten benaderde. Zo gaf ik die engerds ruim de tijd om andere oorden op te zoeken. Het gebeurde dat een rat toch niet weg was. Die was dan wel al half dood door het rattenvergif wist de ter hulp geroepene onderhoudsman met stok me te vertellen….. ”

Dit staat genoteerd.

Eigenaardig, nu ik er zo aan terugdenk heb ik de indruk dat geuren langer in ons hersenpannetje blijven hangen dan de andere details uit lang vervlogen dagen. Zo kan ik me, bij wijze van test, de geuren van de klaslokalen uit mijn lagere school perfect herinneren. In de grote gang heerste er een lucht afkomstig van de wekelijkse schuurbeurt, gedaan met schilferzeep opgelost in heet water.
Bij het bureau van de directeur was er dan steeds een antieke oude reuk van geboend linoleum waarneembaar. Ik herinner me wel die geur maar van het gedicht dat ik als straf vijf keer moest overschrijven weet ik niets meer.

“Weet u nog welke kleur uw fiets toen had?” roep ik vragend in de richting van de zetel met leeslamp waar mijn vrouw zich nu bevind. ” Wanneer” antwoord ze verstrooit daar ik haar duidelijk uit het verhaal van haar boek ruk. “ Wel, uit de tijd van die fietsstalling!” “Hoe zou ik dat nu nog kunnen weten!”


Meralixe

Er is een smaak, gewoon, een manier van het door het leven gaan, die zo verschillend is van mens tot mens, dat we mogen besluiten dat het eigen gelijk niet bestaat en dat respect voor de andere mening belangrijker is...

10 reacties

Dees · 21 januari 2012 op 12:17

Er zitten mooie zinnen in:

[quote]Hoofdzakelijk de zilte reuk van eikenhout maar ook de honingzoete geur van beuk, de scherpe hars reuk van dennenhout die soms dagenlang in het atelier bleef hangen, de naar bruin brood riekende afseliaplanken[/quote]\

Jammer dat je die observatie in één zin afsluit met een verzuchting waarin de ik op de voorgrond treedt. De observatie is mooier op zichzelf.

De dialoog loopt stroef, er zit geen chemie in. Ik zie en hoor de mensen niet. Ik lees meer een hij zei, zij zei. Of antwoorden, repliceren (voor mij is repliceren het maken of synchroniseren
van een replica). Ooit kreeg ik als tip monologen te schrijven voor twee medailles in een thema. Om beide monologen nadien te verwerken in een dialoog. Kan heel goed werken!

Vijvendertig is een spelfout die Word er moeiteloos uit zou moeten filteren. Jammer dat die is blijven staan

Libelle · 21 januari 2012 op 15:49

Een kalm rustgevend onderwerp, helemaal uw keuze heb ik begrepen en goed voor Column X…
De laatste zin had wat meer trekkracht mogen hebben.

LouisP · 22 januari 2012 op 09:49

mens toch, wat zijn dit voor mij nostalgische getuigenissen van die tijd.
deze zin, als voorbeeld, kan ook weggelaten worden en dat je het zo verteld dat de lezer dat voelt dat het nostalgische getuigenissen zijn voor je. Misschien een slecht voorbeeld want ik voelde dat toch wel, maar allee, ‘t is een voorbeeld.
Mooi vind ik dat je je vrouw erbij haalt maar:
‘Terwijl ik dit zit te bedenken leest de wederhelft even mee.’ Had ik anders gedaan, en haar er wat meer ingeschreven, want je hebt haar wel nodig voor de uitsmijter.
Mooie zinnen zitten er inderdaad in, en de bedoeling vind ik ook erg bijzonder. Het is gewoon een leuk verhaal

L.

Meralixe · 23 januari 2012 op 09:51

Oef, al meer dan 90 keren gelezen (aangeklikt) en nog niemand heeft de naar mijn mening grove fout opgemerkt. Een fout die ik, indien ik ze zou opmerken in een andere column van een collega column x er genadeloos zou afstraffen. :hammer:

Ferrara · 23 januari 2012 op 16:00

Nou vooruit Meralixe. antwoord(t) bevind(t)

Verder heb ik van je schrijven genoten.
Geur, maar ook smaak werpt je soms jaren terug in de tijd.

Harrie · 23 januari 2012 op 16:48

Meralixe in geuren en kleuren. Mooie column vol herkenning. Ook leuk geschreven. :duimop:

pally · 24 januari 2012 op 09:49

Ja, Meralixe, geuren blijven veel beter bewaard dan beelden. Die ervaring heb ik ook. Ik vind dit een column met veel mooie, beschrijvende stukjes.
Het geheel vind ik een beetje rommelig geworden. Je vrouw komt er wat onverwacht in- en uit fietsen, leuk, maar het lukt m.i. niet helemaal.
Toch vind ik het geheel qua gevoel zeker de moeite waard.

groet van pally

arta · 24 januari 2012 op 14:57

Ik onderschrijf Pally’s reactie helemaal!

Meralixe · 24 januari 2012 op 20:54

Zo, dat was het dan weer.
Morgen lig ik uit het eerste blad en komt deze column terecht in de archieven van column X.
Ik heb terug één en ander bijgeleerd. Dat opschrijven van een dialoog is zeker een uitdaging.
In deze column staat er in de tweede alinea en de voorlaatste alinea een zelfde overdenking en dit is volgens mij een grove kemel.(Eigenaardig, terugdenkend……)
We zien wel wat het volgende keer wordt…………………………………………………..Meralixe

Mien · 26 januari 2012 op 00:08

Nou Meralix, voordat je van het blad valt heb ik er ook even aan gesnoven. Best leuk.

Mien met gesperde neusvleugels.

Geef een antwoord