Internet is een mooi iets. Dan kom je ineens zo’n site als deze tegen, degelijk opgebouwd, je proeft uit alles het enthousiasme van het team dat erachter zit. Waarom niet, denk je dan. Je schrijft je in.
En dan komt het ware keuzemoment – mijn eerste column. Een beetje eng. Waar ga ik mee beginnen. Wat voelt goed? Voor mij was het al snel duidelijk, het moest een introductie worden. Ik ga me in mijn eerste stukje gewoon voorstellen aan mijn medeauteurs. Ik houd van het diepere contact tussen mensen, van woorden tussen de regels, eigenlijk van alles wat zich in het leven net iets dieper onder de oppervlakte bevindt. Dus is dit een logische keuze voor mij. Want als mijn schrijfsels straks met plezier gelezen mochten worden (wat ik hoop, maar niet per definitie verwacht), dan lever ik de lezer daarmee een stukje karakterbeschrijving dat een extra perspectief kan geven aan hetgeen ik hier met jullie ga delen. Dan weten jullie waarom ik zeg wat ik schrijf.

Het risico dat ik hierbij neem ligt erin dat het zomaar een behoorlijk onsamenhangend stuk tekst kan worden, te droog voor woorden. Alertheid dus, zo roep ik mezelf toe. Zo, genoeg overwegingen, we gaan beginnen:

Ik ben een gelukkig mens. Dat is niet altijd zo geweest. Ik heb een zware depressie achter de rug. Een huwelijkscrisis na het vreemdgaan van mijn man, wat ik hem overigens niet kwalijk neem. Zware gewichtsproblemen en het daaruit voortvloeiende slechte zelfbeeld. Gebrek aan aandacht en waardering. Gevoelens van eenzaamheid zonder alleen te zijn. Al die problemen heb ik opgelost, op eigen kracht, en dat geeft me de moed om jullie hier te kunnen confronteren met mijn teksten. Als ik op eigen kracht bij een vreemdgaande man gelukkig kan blijven, 46 kilo kan afvallen zonder jojo effect en met lak aan Sonja Bakker en Dr. Frank, en mijn zelfbeeld door nadenken weer in het goede perspectief kan plaatsten, dan moet ik ook in staat zijn om hier iets neer te zetten waar mensen iets aan hebben. Ik ga jullie niet vermoeien met details van mijn historie, ze zullen tussen de regels gaandeweg allemaal aan de orde komen.

Ik denk dat ik maar het beste kan vertellen waarom het schrijven zo belangrijk is voor mij.
Ik ben een denker. Mijn hoofd kan niet stilstaan. Onnoemelijk veel indrukken, die dagelijks bij mij ongefilterd binnenkomen moeten een plek krijgen om een bepaalde behoefte aan rust te verkrijgen. De genoemde rust is broodnodig, want een alsmaar denkend en overvol hoofd kost enorm veel energie. Ik sta ermee op, ik ga ermee naar bed. Enerzijds helpen analyse en logisch denken bij het verkrijgen van die rust, twee zaken die gelukkig van nature in mijn systeem zitten. Wat echter nog beter helpt is de dingen op “papier” zetten. Dat dwingt me om de zaken nog meer te ordenen, en dat geeft weer ruimte voor nieuwe gedachten.

Ik ben ook een gevoelsmens, een term waar ik eigenlijk niet zo van houd, want die wordt mij net iets te vaak gehanteerd als een vanzelfsprekend synoniem voor “mens met inlevingsvermogen”. Nee, ik zie in gevoelsmensen mensen die hypersensitief kunnen zijn, erg intuïtief, op het mediamieke af. Mensen die continu behoefte hebben aan warmte en een diep menselijk contact. Als je zo in elkaar zit heeft dat automatisch inlevingsvermogen tot gevolg, maar analytici kunnen ook inlevend zijn. Dat maakt hen nog geen gevoelsmensen. Dat lijkt paradoxaal, maar is het volgens mij niet. Puur op analyse, puur op basis van het juist registreren en interpreteren van allemaal gegevens, zoals lichaamstaal bijvoorbeeld, hanteren analytici een gereedschap om tot inleving te komen. De analyse. De ware gevoelsmens echter kan niet anders dan zich inleven, het is zijn natuur.

Ik dreig af te dwalen….. terug naar waar ik naartoe wil. Communicatie. Er wordt enorm veel gecommuniceerd. Maar gebeurt dat ook goed? Ik denk van niet. Vaak ontbreekt het aan luistervaardigheid, ware interesse, het genoemde inlevingsvermogen, wederzijds respect, bescheidenheid en het lef om vragen te stellen. Allemaal zaken die ik als essentieel ervaar voor goede communicatieve vaardigheden. Ik denk daadwerkelijk, op het naïeve af misschien, dat de wereld er een stuk vrediger uit zou zien als er meer aandacht voor goede communicatie zou zijn.

Goed communiceren moet je oefenen. Het gesproken woord is dan nog lastiger dan het geschrevene. Voor het geschreven woord heb je denktijd, voor het gesproken woord moet je ad-rem en geroutineerd zijn. Welnu, die oefening voor het verbaal goed communiceren kun je volgens mij halen uit het schrijven. Je oefent daarmee het formuleren en ordenen van gedachten, die gaandeweg, hoe vaker je dat doet, een tweede natuur wordt.
Voor mij is schrijven dus ook een manier om tot betere verbale communicatie te komen.

Verder denk ik zoals ik al aanstipte, in alle bescheidenheid, toch dat ik wel iets te vertellen heb. Anders zou ik niet schrijven. Een dagboek als vorm van database van mijn levensloop, daar heb ik het geduld niet voor. Ik wil mijn gedachten delen, met anderen, anders gaat een groot deel van het nut van schrijven voor me verloren. Omdat ik denk aan te voelen (dit is bewust zo geformuleerd) dat anderen er iets aan zouden kunnen hebben. De tijd zal het leren, ik ben benieuwd wat deze nieuwe stap die ik hier heb gezet, zal brengen.

Tot zover mijn introductie, nu ga ik me eerst eens even verdiepen in hetgeen op dit klankbord door anderen is neergezet. Tot schrijfs!


14 reacties

SIMBA · 26 mei 2010 op 12:20

Nou…..laat maar komen die stukjes 😀
Welkom hier Veronique!

LouisP · 26 mei 2010 op 12:24

Veronique,

met aandacht gelezen….goed schreven en voor mij best wel origineel en bijzonder..om jezelf zo te introduceren..

welkom!

Louis

Avalanche · 26 mei 2010 op 12:36

Jij bent binnen. En hoe! Eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat mijn aandacht even verslapte bij’het moest een introductie worden’. Gelukkig heb ik – met aandacht – doorgelezen.

Van harte welkom op CX. Ik kijk uit naar je volgende bijdrage.

Chi_Dragon · 26 mei 2010 op 14:14

Welkom kijk uit naar je volgende stukjes!

bouwjaar54 · 26 mei 2010 op 14:15

“Communicatie. Er wordt enorm veel gecommuniceerd. Maar gebeurt dat ook goed? Ik denk van niet. Vaak ontbreekt het aan luistervaardigheid, ware interesse, het genoemde inlevingsvermogen, wederzijds respect, bescheidenheid en het lef om vragen te stellen”.

Echt gecommuniceerd wordt er zelden. Er wordt teveel geluld (“ikkuh/ikkuh/ikkuh”) en te weinig geluisterd/vanuit betrokkenheid gesproken.

Welkom…

Fem · 26 mei 2010 op 19:51

Das een mooie binnenkomer!
Ik “luister” aandachtig naar je volgende inzending…

Ontwikkeling · 26 mei 2010 op 22:18

Welkom op CX. Een prima introductie!

Veronique · 27 mei 2010 op 09:54

Dank allen voor het lezen en de hartelijke welkomstwoorden. Ook puntjes (of punten – maakt niet uit hoe groot) van kritiek op mijn schrijverij worden op prijs gesteld.
Zowel waardering als gefundeerde kritiek doen een mens groeien, als het goed is.

arta · 27 mei 2010 op 11:34

Eigenlijk ben ik niet zo van de introducties. Ik geef de voorkeur aan: Laat eerst maar eens wat zien, vind de achtergronden van de schrijver zelf minder interessant dan de verhalen…

Zwart · 27 mei 2010 op 15:56

Wat een lief warm welkom.

Ben ik de enige die een gevoel van “moeten”krijgt bij dit stuk.
Wel leuk voor je dat je erzelf van overtuigd bent dat je wat te vertellen hebt.

Wederom een stuk waar ik niets mee kan. ik zeg mn registratie wel weer op..wat een drama.

Kwiezel · 27 mei 2010 op 22:06

Veronique, welkom hier.
Je schrijft goed, maar ik begrijp niet zo goed waarom je zoveel privé-info verspreidt. Ben wel benieuwd naar de schrijfsels die je in gedachten hebt.

Dees · 28 mei 2010 op 07:40

he wat zonde nou! Na al die opbouwende fijne kritiek en die geweldige stukjes van je. Een literair genie als jij, zo’n aanwinst hier…

Maar goed, we hebben het maar te accepteren. Dag Zwart :kus:

Dees · 28 mei 2010 op 07:42

Veronique,

De helft kan er uit. Het is wel sympathiek, daar niet van, alleen is het een beetje veel.

Veel succes met de volgende!

Fem · 28 mei 2010 op 07:46

😆

Geef een antwoord