Ik tel de etages terwijl de lift mij in een vliegende vaart naar de zeventiende verdieping brengt. Nog een beetje versuft stap ik uit. Eerst loop ik langs de koffieautomaat en dan naar mijn werkplek vlakbij het raam. Ik nestel mij in mijn bureaustoel en meld me aan bij het netwerk. Met een opgewekt ‘goedemorgen Frans’ word ik door mijn beeldscherm uitgenodigd mijn werkzaamheden aan te vangen. Terloops werp ik een blik naar buiten en zie een ontwakend Amsterdam aan mijn voeten liggen. Een niet aflatende stroom auto’s rijdt in de diepte langs mij heen in beide richtingen. De A10 doorklieft de stad als een levensader en laat haar hart kloppen. In de verte rangeren eigele treinen die elk hun richting kiezen langs havens en door weilanden. Langzaam kruipt er een naderbij en verdwijnt in een tunnel om even verderop weer tevoorschijn te komen. Enorme havenkranen zwaaien traag van links naar rechts om de afgemeerde zeeschepen te lossen. En vlak aan de horizon zie ik een Airbus naar hoogte zoeken nadat hij net van Schiphol is opgestegen.

In gedachten sta ik op en open het raam. Ik reik met mijn hand naar buiten en op de tast zoek ik net zo lang tot ik de contouren van een vrachtwagen onder mijn handpalm voel. Tussen duim en wijsvinger pak ik hem van de rijbaan en til hem, een halve slag draaiend, over de vangrail om hem aan de andere kant zijn weg te laten vervolgen. Ik zie een schip met zeecontainers liggen, pluk een autootje van de snelweg en rijd er via het spoorwegviaduct naartoe. Vervolgens gebruik ik de havenkraan om de containers met een flinke zwaai op de lege treinwagons te plaatsen die op de kade staan te wachten.
In een andere richting zie ik midden in het weiland een boerderijtje staan, half verscholen achter een windsingel van fiere populieren. Van een opgestapelde voorraad hout maak ik een omheining en één voor één pak ik de koeien op die even verderop staan te grazen en plaats ze tussen het hek. Ik koppel de balenpers achter een donkerblauwe tractor type Ford 5000 en rij mijn baantjes over het platliggende stro. Met de andere hand geleid ik een tweede tractor met aanhanger langszij om de plastic strobalen op te laden en af te voeren.

Naast mij ligt uitgespreid over de vloer een hele berg Monti-bouwsteentjes. Ik neem een vloerplaat en als een echte metselaar bouw ik een glimmend wit huis met een deur en echte raampjes waar je doorheen kunt kijken. In het vuurrode dak laat ik een uitsparing vrij voor de schoorsteen, want die hoort er natuurlijk ook bij. Het wordt een huis met een zwembad en ook met een glijbaan. Het huis staat op de hoek van het karpet. De brede baan langs de rand van het kleed is de weg en het parket, vanaf het kleed tot het wandmeubel, is het water waar nu mijn bootjes varen.

Plotseling word ik opgeschrikt door een dichtslaande deur. Oh, mama is thuis!
“Kijk mama, ik heb een echt zwembad gebouwd, en in de garage staat een auto!”
“Mooi hoor Fransje, wat kun jij toch lief spelen, ik heb de hele dag geen kind aan je gehad!”

Categorieën: Fictie

KawaSutra

Columnist (nou ja) van 2005 t/m 2012 Een voorzichtige comeback in 2017 Het leven, daar gaat het om!

19 reacties

sally · 22 juli 2006 op 19:39

Lastig hé, als je als ambtenaar de slaap niet kan vatten op je werk. 😀

Maar er vloeien wel aardige fantasieën uit voort.

liefs Sally 😉

Mosje · 22 juli 2006 op 20:49

Mooi Frans, wat kun jij toch lieve stukjes schrijven, we hebben geen kind aan je!
😛

Trukie · 22 juli 2006 op 23:12

Daar moet je echt weer Kawa voor zijn om een uitzicht zo inspirerend te laten zijn. Ik zat destijds tussen echte ambtenaren op de 14de. Zij keken af en toe eens of ze nog voor de files weg konden flitsen en ik keek of er nog genoeg zon boven het strand hing.

Weer een orginele invalshoek Kawa.

bert · 23 juli 2006 op 00:02

Ja Frans, dat waren nog eens tijden. Er is wat afgereden en gevaren en gebouwd op het vloerkleed thuis.
Mooie herinneringen aan voorbije tijden.
🙂 🙂 🙂

Ma3anne · 23 juli 2006 op 08:51

Goh, wat is dit mooi geschreven zeg. Als vanzelf ging ik met je mee naar je kindertijd, toen je de wereld nog naar je hand kon zetten.
En vandaaruit zag ik mezelf weer op het vloerkleed zitten en hele werelden bouwen…..

Knap, om de lezer zo mee te voeren vanuit een heel bijzonder perspectief.

WritersBlocq · 23 juli 2006 op 10:22

Altijd door blijven spelen en bouwen – en er zo mooi over schrijven!

Prlwytskovsky · 23 juli 2006 op 11:31

En die computer op je werk die met een vriendelijk ‘Goedemorgen Frans’ opstartte ben je helemaal vergeten?

KingArthur · 23 juli 2006 op 13:41

[quote]En vlak aan de horizon zie ik een Airbus naar hoogte zoeken nadat hij net van Schiphol is opgestegen.[/quote]

Ik heb nog naar je gezwaaid, maar je zwaaide niet terug.

Dees · 23 juli 2006 op 14:20

Mooi! Zou willen dat ik dat nu nog zo makkelijk zou kunnen 🙂

Anne · 23 juli 2006 op 15:33

Prachtig stukje Kawa! Mooi dat de werkelijkheid overgaat in een volgende en dan uiteindelijk uitkomt bij weer een waarheid van vroeger. Mooi stuk in de traditie van het zorgvuldige associatie-schrijven.

Lisa · 23 juli 2006 op 16:14

Mooi. Je herinnert me eraan om zo nu en dan de dingen te bekijken door kinderogen.

champagne · 23 juli 2006 op 20:40

Mooi geschreven Kawa…ook ik was ineens terug in de tijd tijdens het lezen.

melady · 23 juli 2006 op 23:09

[quote]eigele[/quote]

Dat moest ik wel even drie keer lezen maar nu snap ik um. 😀

Lieve column Fransje

WritersBlocq · 24 juli 2006 op 00:22

‘Herkenbaar’ wordt al gemeden op CX, maar het woordje ‘mooi’ wordt ook ernstig veel gebruikt, met name door mijn persoontje, als ik het wel heb 😀
Maar ik blijf het een mooi stukje vinden, en kan er niets aan doen, is dat errug 😕

senahponex · 24 juli 2006 op 13:04

Kawa onstellend mooie column als je ze zo blijft schrijven pas ik voortaan op je 😀

pepe · 25 juli 2006 op 12:58

Wat een heerlijke column, en wat blijft het fijn kind te zijn/voelen. Ik heb pas nog met de lego mogen spelen 😉

KawaSutra · 25 juli 2006 op 20:15

Hartelijk dank voor al die leuke reacties. En dit ondanks de hitte. 🙂

Mup · 26 juli 2006 op 00:54

Kawa, ik weet dat jij nog herhaaldelijk terugleest wat je geschreven en ingestuurd hebt, daarom reageer ik ook altijd nog op je stukken, en omdat ik ze erg leuk vind om te lezen. Ik begrijp ook nu waarom je zo’n meester bent in het raden van de auteurs van de RWIB-columns:-)

Ik vind deze en mooi en herkenbaar:-)

Groet Mup.

DreamOn · 7 augustus 2006 op 20:44

Ik vind het een prachtige column Kawa. Als er weer een columnboek van CX wordt gemaakt, dan moet deze er zeker in!

Geef een antwoord