Het dagelijks afscheuren van een simpel velletje van een kalender kan zich ontwikkelen tot een amusant, ritueel gebeuren.
We hebben het over de scheurkalender 2009 van het Genootschap ‘Onze Taal’. Een bijzonder aardig clubje (sinds 1931) dat zich ten doel stelt verantwoord gebruik van de Nederlandse taal te bevorderen en er meer kennis en begrip van bij te brengen. Dat mag misschien wat suf klinken, voor mij als liefhebber is het allesbehalve suf wat ze daar aan de Raamweg in Den Haag regelmatig weten op te hoesten.
‘Onze Taal’ maakt reclame voor allerlei taalgerelateerde boeken en tijdschriften en heeft ook zelf vele interessante publicaties op haar naam staan. In de eerste plaats natuurlijk dat maandelijkse tijschrift van ze. En niet in de laatste plaats die scheurkalender. Dus.

De zeven dagen van de week zijn thematisch ingedeeld. Elke dag geeft zeker minimaal vijf minuten stof tot nadenken en soms zeurt het behandelde onderwerp zelfs een hele dag lekker door.
Vrijdags bijvoorbeeld is uitspraakdag.
Het velletje van afgelopen vrijdag, de 16e:
Wat is knetbief? ronkte de voorkant.
Effe scheuren om op de achterkant Marc van Oostendorp helemaal los te zien gaan over mijn treurige uitspraak van dit woord die me al een heel leven lang hardnekkig achtervolgt. Sterker nog, die is er niet meer uit te rammen.
Met ‘Knetbief’ en (wat mij betreft) ‘kornètbief’, ben ik niet de enige want het blijken veelgehoorde manieren om het woord cornedbeef uit te spreken. Zo gewoon dat de slager z’n wenkbrauwen misschien wel verbaasd zal ophalen als een klant om ‘kornd bief’ vraagt, zoals de oorspronkelijke, Engelse uitspraak luidt.
Het is de weg die leenwoorden nu eenmaal gaan: als een woord lang genoeg in het Nederlands gebruikt wordt, past het zich vanzelf aan de klankregels aan die Nederlandstaligen nu eenmaal hanteren.
Vroeger hadden wij op de Zwarteweg in Bussum bij het straatvoetbal de gouden regel: ‘Drie korners is een pinantie’. Een meer dan vanzelfsprekende zaak voor ons jongetjes en het laatste wat ons met het dagelijkse zweet op het voorhoofd een zorg was, was dat we bezig waren met onze geheel eigen interpretatie van het Engels.
Maar met ‘kornètbief’ is nog iets aan de hand. Iets waardoor je kunt zien dat het woord al heel lang in onze taal moet zitten. Dat is de klinker `e. Daar weten de Engelsen helemaal niks van af. In het Nederlands bestaan er bijna geen woorden met lettergrepen die op -ornt eindigen. Dat is misschien een reden dat er een -è-klank aan toegevoegd is. Maar de belangrijkste reden is waarschijnlijk dat de eerste mensen die het woord zijn gaan gebruiken, en daar reken ik ook mezelf toe, alleen de gespelde vorm kenden en die zo nauwkeurig mogelijk op z’n Nederlands zijn gaan uitspreken. Wisten wij veel?

Vanmorgen onder de douche greep ik routineus naar de shampoo. En daar hadden we er waarachtig weer eentje.
‘Palmoolieve’, roep ik, ondanks -tig jaar bloedig onderwijs in de Engelse taal, al een leven lang tegen beter weten in.
En dat blijf ik maar doen.
Tot de dood er op volgt.

Met dank aan Marc van Oostendorp, Onze Taal.
Aardige website ook.

Voor belangstellenden.
Mijn boek is uit: KRABBEN AAN DE KORST http://www.boekscout.nl/html/boek.asp?id=582

Categorieën: Maatschappij

5 reacties

Mosje · 25 januari 2009 op 11:48

Aardig informatief stukje, waarbij ik moet opmerken dat “pinantie” landelijk gebruikt werd, want ik woon een heel eind van Bussum en ik ken het woord ook. Sterker nog, ik nam ze vaak. 🙂

pally · 25 januari 2009 op 15:44

Geinig stukje, Mut. Ik vind dit een leuk onderwerp. We kennen allemaal wel van die woorden uit onze jeugd, soms algemeen, soms streek, persoons-of gezins gebonden.
Wat dacht je van de ‘boulevard-fidefekwie’ rond Parijs? En een ‘adviesje’ om aan de muur te hangen? Of een tante die altijd sálamie ging kopen?
Ach, zo kan ik nog wel even doorgaan. Nog twee dan: een onsje ‘békon’ en een krozant, 😆

groet van Pally

SIMBA · 25 januari 2009 op 16:03

Erg leuk stukje!

Mien · 25 januari 2009 op 23:02

Leuke column Mut.

Tja … op z’n limburgs en brabants wordt het dan [punnantie].

Mijn opa had ook een paar leuke.
Die had het altijd over de [fibi] (FBI) als hij naar [koojak] (Kojak) keek.
Hij luste overigens graag altijd een [zuup] erbij (7up).

… by the way … [feliez] met je boek Mut!

Mien

lisa-marie · 26 januari 2009 op 18:20

Wij spraken nog van een “punaltie” tegenwoordig spreekt de jeugd het feiloos uit inclusief het engelse accent erbij. 😀

ps wij hebben daarom een donald duck scheurkalender daar bestaat gewoonweg geen discussie over,wel zo handig hier.

Geef een antwoord