Ze kijkt me onderzoekend aan en vraagt het hemd van mijn lijf. Tegenwoordig moet ik het van dichtbij en verhalen hebben, de altijd aanwezige waterval is spoorloos. Met horten en stoten komt het eruit.
Met een duidelijk onderliggende gedachte begin ik het eerste contact en laat haar binnen. Meevoelend vertelt ze dat het allemaal gaat meevallen. Ik kijk haar met één oog aan en knipper. Om het nóg spannender te maken.
Ze is knap, lastig, maar ik ben nu niet in de positie om haar schoonheid te zien, laat staan mijn bewondering te tonen door de perfect wijkende kaaklijn.
Langs de andere kant sta ik open voor verwijding van mijn zinnenstrelende einder, glorend, mijn vloeiende horizontaal. Zeg het maar, met een bloem, een roos van vlees. Waar de zon niet schijnt en haar indringende persoontje nu in werkt gelijk een lauwe douche.
Hoe vaak speelde ik vroeger in dit scenario als kleine spuitgast waarbij de rollen waren omgedraaid?
Blazen, stelt ze voor, zijn half vol of half leeg. Zelfs in mijn meest optimistische huidige perspectief is er voor vocht geen ruimte.
Ik voel dat ze naar mijn ring staart en vergeet mijn principe over zero tolerantie. Tenslotte gaat het over mijn ego dat nu wel of niet wordt gestreeld door het knappe vrouwmens.
Weet ze dat ze zich in het hol van de leeuw begeeft? O wee, ik kan zo niet verder, niet meer terug. Zij wel.
Zonder spot ken ik mezelf niet maar neem het in als een man. Hoe lang is geluk lekker? Ik zit er aan vast voor zolang het duurt.
Het eenrichtingsverkeer loopt gesmeerd af in mijn voordeel en ze besluit impulsief te stoppen. De verminderde afdruk is voelbaar en ik haal opgelucht adem. Pupillen vergroten en in plaats van dat de washand wordt gehaald schiet ik terug in het ongebruikte ondergoed.
De afgelaten rubberen uier wordt binnenstebuiten gefrommeld en verdwijnt in een afvalbak. Terwijl ik tergend langzaam mijn veters uit de knoop haal en opnieuw strik hoor ik de constante straal uit een kraan.
Ik heb géén zin in een sigaret en vraag haar min of meer dringend hoe het er voor staat.
‘Loos alarm.’

6 reacties
Avalanche · 12 maart 2010 op 11:10
Een column die je steeds opnieuw moet lezen om door te dringen tot de kern van het verhaal. Ik geloof dat ik die inmiddels heb kunnen blootleggen, Louis. Geen makkelijke kost, wel mooie.
SIMBA · 12 maart 2010 op 12:31
Knap stukje! Moeilijk, dat wel.Maar het geeft helemaal niks om iets enkele malen te moeten lezen om het te snappen.
klapdoos · 12 maart 2010 op 13:17
Goed perspectief in een kort verhaaltje geperst en uitgemolken, mooi verwoord. Ik snapte het direct. Knap geschreven, graag gelezen,
groet van leny
LouisP · 14 maart 2010 op 10:13
bedankt voor het lezen en de reacties
L.
trawant · 15 maart 2010 op 11:29
Mooi stuk geworden Louis,,Dwingt tot goed lezen..
Die kleine spuitgast toch.. 😉
FelisXx · 23 mei 2010 op 16:27
Het lukt me toch echt niet om het te begrijpen… :oeps:
Hmm, ik snap het al -na de 2e keer lezen-.