Om te beginnen zal ik me even voorstellen. Mijn naam is Starter. Graag zou ik willen zeggen dat ik een doodnormale, gezonde jongen van 20 ben die studeert, veel meisjes versiert, en elk weekend uitgaat om zich de volgende dag voor zijn kop te slaan. Niet alleen ben ik niet doodnormaal, ik twijfel zelfs aan de essentie van het woord doodnormaal. Wat is “normaal”? De normen en waarden die wij in onze maatschappij elkaar aangeleerd, of liever gezegd “opgelegd” hebben? Het blindelingse vertrouwen dat wij, als toch wel mak en nederig ras hebben in onze “democratie” wijst er al op dat wij niet zo normaal zijn als wij denken. Sterker nog; In mijn ogen zijn wij het tegenovergestelde van normaal.
Op dagen zoals deze twijfel ik aan mezelf. Het contrast tussen jou en mij zal waarschijnlijk zo immens groot zijn, en tegelijkertijd zo minuscuul klein.
Ik analyseer alles.
Ik analyseer mijn gedachtengang. Een constante rewind van beklemmende, beperkingvormende gedachten. Ook hier kan ik mijzelf afvragen of dit door mijn medemensen in het hokje “doodnormaal” geplaatst zou worden.
Ben ik dom? Ben ik slim? Wie ben ik?
De “doodnormale” identiteitscrisis die op mijn leeftijd gebruikelijk is? Of gaat dit verder dan een verleden van depressies, puistjes en groepsgedrag?
Soms wou ik dat ik normaal was. Ik voel me innerlijk gehandicapt. Een levend minderwaardigheidscomplex met de arrogantie van een God. Ben ik God?

Het is elke dag opnieuw een strijd. Dit klinkt depressief, maar dat is het zeker niet. Strijd heeft zijn pure kanten. De romantiek van het duister is een bron van licht.
Ik ben gezegend met een passie voor regen. Liefde voor het lelijke. Dit is tegelijkertijd mijn vloek.

Stap voor stap loop ik de trap op. Zal ik me naar boven haasten? Of zal ik toch mijn tijd nemen.. wat is gunstiger..
Een compromis: de eerste trap vlieg ik op, de tweede is mijn ademtijd.
Als ik de doorzichtig-glazen deuren van mijn afdeling open duw beginnen mijn ogen de omgeving af te tasten. Leuke meisjes? Saaie mensen?
Mensen die over mij zullen oordelen? Mij op de proef stellen?
Ik voel de ogen prikken. Deze dag zit, zoals vrijwel elke dag, vol met vragen die als ik beter nadenk retorisch blijken.
Hoewel ik dag en nacht mijzelf zonder aanleiding of benefiet test, weet ik na jaren denken nogsteeds niet wat het mij uitmaakt wat andere mensen van mij vinden.
Waarom zouden wij ons als mens zijnde uberhaubt druk maken om meningen van anderen? Het leven bestaat uit herinneringen, je hebt genoeg momenten om je schaamten goed te maken. Wanneer je grote verzameling herinneringen tot een einde komt eindig je toch alleen. Alleen, om je laatste paar bij je collectie te voegen.
Tot het allerlaatste moment twijfel ik. Zal ik doorlopen naar de kastjes met de headsets, of zal ik toch een afslag naar de koffieautomaat nemen? Ik heb geen tijd om een masker op te houden. Ik heb het te druk met mijn droomwereld.
In alle open- en eerlijkheid ben ik nog niet wie ik ben. Niet echt. Ik ben zoveel slimmer, zoveel knapper dan op mijn knapste dag. Ik ben beter dan jou, beter dan mijn collega’s en beter dan mijn familie, mijn vrienden. Morgen kan het beter.
Toch word ik weer beziggehouden door mijn eigen vrijheid. Ik beperk mijn mogelijkheden met mogelijkheden. Fucking for virginity..
Ik weet hoe ik overkom, ik weet hoe het beter moet. Ik weet precies hoe ik mij moet gedragen. Maar ik kan het niet.
Daar zit ik dan..alleen aan een tafeltje in de hoek.. anti sociaal, maar de beste plek. ..Totdat de kleine dwerg met zijn rectale defectiestem en de “ik voel me in mijn sas” boerinnenvrouw met mannelijke trekjes tegenover mij komen zitten.
Na een minuut of tien komt een van de seniors naar me toe om me te verwijzen naar een andere plek, wegens uitleg van een bepaald systeem.
Met gemengde gevoelens pak ik mijn spullen onhandig, omdat ik in mijn gedachten nu al door de mensenstroom loop. Lachende mensen, te gek-gaaf-cool mensen, allemaal zonder boodschap in deze wereld. Tenminste, in mijn ogen. Betekenloos maar invloedrijk op mij. Belangrijk voor mij als een eindexamen waarmee je je leven succesvol afsluit. Zo lijkt het tenminste.. Ik ben een grote tegenstelling.

Zou ik anders willen zijn? Ik hou van mijn diepzinnige hersenspinsels. Ik hou van mijn misschien wel opzettelijk zelfontwikkelde onzekerheid. Als ik mijzelf dom voorstel, ben ik ook dom. Als ik mezelf onhandig voorstel, ben ik ook onhandig. Ik stel me een persoon voor en ik ben het. Ik word het..de vraag is alleen of ik er nog vanaf kan komen. Doe ik dit met opzet? Wie weet.. mijn onbewuste zelf heeft een sterke persoonlijkheid.

Misschien ben ik wel te slim voor deze wereld. Ik ben precies op de hoogte van mijn eigen leven. Ik weet veel meer dan ik mezelf dag in dag uit wijs maak. Ik geloof in mezelf terwijl ik mezelf wijsmaak dat ik dat niet doe. Ik wacht alleen nog op de dag dat er een schakel omspringt. Hetzelfde mechanisme dat knapt als iemand me maar lang genoeg dwars probeert te zitten. Ik zal er niet over liegen dat ik me schaam om aan mensen te vertellen dat ik naar psychologen ben geweest. Waarom ik me schaam? Tsja, dan kom je weer in het “doodnormaal” gebied.
Hoe slim of dom ik ook daadwerkelijk ben, ik vraag me af of ik nou gewoon enorm veel zelfkennis heb, of dat de meeste psychologen hun opleiding bij een pakje boter hebben gekregen. Eerlijk gezegd denk ik het laatste. Toch vreemd dat veel mensen door deze zelfde mensen wel geholpen kunnen worden.

Hoe langer ik op mijn nieuwe plaats zit, hoe moeilijker het voor me wordt om eraf te komen. Een tafel voor me zit een meisje waar ik een aantal maanden geleden nog een soort van “relatie” mee had.. ook al was het niet volwaardig genoeg om echt een relatie genoemd te kunnen worden. Ik ben benieuwd of ze weet dat ik over haar denk. Is ze bezig een bepaalde show op te voeren om mij aan het denken te zetten? Of overschat ik mezelf? Laat ik het maar op het eerste houden, met een toevoeging van haar eigen behoefte aan aandacht en populairiteit.
Pauze.. ik zie de mensen stipt om 20.00 hun headsets afdoen, zich uitrekken of vrijwel direct van hun stoel afspringen alsof hun kont in de fik staat.

Het gekke is dat deze mensen waar ik over praat, niet eens zozeer een hekel aan me hebben. Een stuk of tien beschouw ik zelfs als gedistantieerde vrienden. Voor dit gedistantieerde heb ik zelf gekozen. Zoals je misschien al begreep, ben ik zelf niet sociaal ingesteld. Zonder de nodige uitleg die ik in het voorgaande heb toegelicht, zou dit waarschijnlijk wel niet te begrijpen zijn. Iemand zo gekozen op zichzelf, met aan de andere kant een enorme affectie aan acceptatie van zijn medemens.

Het enige dat sterker dan mijn emotionele gedachten is, zijn mijn hormonen. Af en toe worden mijn gedachten abrubt gebroken door een langslopende vrouw. Op mijn werk werkt een meisje met een geweldige kont. Vijfentwintig jaar, helaas met een vriend. Sky is the limit, maar mijn motivatie schiet te kort. Keer op keer bedenk ik hoe het is om haar te neuken. Fantasie, want niets is zo mooi als het lijkt. Zelfs vrouwen niet. Dit is eigenlijk al de eerste stap om aan te nemen dat ik leef in iets dat ik zelf creeer. Ik dood? Ik dacht het niet.
Dood, het meest ongrijpbare dat er is.. maar voor mij is het leven net zo ongrijpbaar. Onvatbaar en alleszeggend, net zoals de dood.
Het leven bestaat uit impulsen. Ik vraag me af hoe het zou zijn als ik een mes uit de keuken pak en mijn broertje door zijn maagwand steek. Naar de slaapkamer van m’n moeder, haar neuk en vermoord. Hoe zou dat zijn?
Begrijp me niet verkeerd, dit is geen lust van me.. slechts een zondig denkbeeld. Niet zo “doodnormaal”, maar wel een trigger. Iets zoals dat valt, voor mij althans, niet voor te stellen. Net zoals de dood wanneer deze voor mij komt. Maar het gebeurd toch.
Als zoiets onvoorstelbaars eigenlijk al op je af komt..ook al laat het nog op zich wachten.. dan is de kans toch eigenlijk veel groter dat je leeft in je eigen speeltuin?
Als ik het zou geloven..als ik het graag genoeg zou willen.. dan zou ik alles kunnen. Maar dit is mijn wereld, ik leg mijn eigen beperkingen op. Net zoals jij.

Na vier uur non stop achter mijn computerscherm te hebben gezeten pak ik mijn spullen weer, en zonder iets te zeggen haast ik me naar de vakjes waarin de headsets kunnen worden opgeborgen. Ik word nog begroet door mijn “vrienden”. Ik kijk ze liever niet aan, toch word ik gedwongen door een jongen bij de uitgang. Zijn gevoel voor humor laat me in de steek. “Zozo, half tien he! Dan moet je weer!” zegt de jongen knipogend. Pik in je oog.

Op weg naar huis denk ik aan de manier waarop ik leef. Wanneer komt mijn moment? Mijn “trigger”. Groots word ik zeker. De vraag is alleen wanneer..


7 reacties

Prlwytskovsky · 17 april 2006 op 17:10

[quote]Graag zou ik willen zeggen dat ik een doodnormale, gezonde jongen van 20 ben die studeert, veel meisjes versiert, en elk weekend uitgaat om zich de volgende dag voor zijn kop te slaan.[/quote]

Als je dit aan het begin wel had gezegd had die hele column niet nodig geweest. 😉

Welkom bij de mensen Starter.

Starter · 17 april 2006 op 18:35

hahahah,

Is ie zo slecht? of kom ik gewoon nerdy over?

Mug · 17 april 2006 op 20:22

Zo phoe, ik heb me door de eerste helft heengelezen, tijd voor commentaar denk ik…

Wat meteen al opviel: de lengte van de tekst. Er wordt op deze site af en toe nuttig gediscussieerd, of gezeurd, over hoe een column geschreven moet worden. Daarbij gaat het ook wel eens over lengte van columns, wat wel en niet kan. Er is enige discussie mogelijk over het ideale aantal woorden van een column, maar ik denk dat een stuk tekst van rond de 500 tot 600 woorden netjes is. Het mag minder, maar meer wordt vaak vermoeiend om te lezen. Ik denk dat ongeveer 1500 woorden toch echt veel te lang is, dus probeer het bij volgende stukjes wat korter te houden, dan houd je de aandacht ook vast…Mocht je verder tips willen over Hoe Een Goede Column Volgens De Regels Geschreven Wordt willen hebben, zie het forum in het columnX cafe daarover.

Verder qua stijl best origineel, om van een afstandje naar jezelf te kijken en daarbij kritische vragen te stellen, al kom je een tikje arrogant over… Hoop nog eens iets van je te lezen, al zal dat wel, gezien de titel.

Ma3anne · 17 april 2006 op 20:34

Goed geschreven, leuke invalshoek, maar toch kom ik er niet doorheen. Iets te veel ‘ik’, dit hele verhaal.
(1532 woorden, 112 keer het woord ‘ik’, dat is ca. 7,5%!)

Starter · 17 april 2006 op 21:03

hahaha, ja ik ben volslagen nieuw met columns schrijven.. ik schrijf normaal nooit. heb dit een keer op een depressieve dag na het werken geschreven. Heb zelf ook geen flauw benul hoe lang een normale column hoort te zijn, dus jullie tips komen wel van pas.

In ieder geval bedankt tot zover.. of ik nog ooit een tweede column in ga zenden is nog maar de vraag, aangezien ik zelf niet zo fanatiek ben hiermee..

KawaSutra · 18 april 2006 op 02:05

Dus Deel 1 is eigenlijk tevens Slot?
Dan rest inderdaad de vraag: “Wanneer…”

Troy · 18 april 2006 op 15:18

Leuk verhaal, maar te lang voor een column. Ook de alinea verdeling kan iets beter. Toch heb ik je stukje geboeid gelezen. Ben benieuwd naar het vervolg op je zelfstudie.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder