Een harde wind met imponerende luchten trekt haar sporen over het avondstrand van de Loire-Atlantique. Het water heeft dezelfde antracietkleur als de lucht . De wolken met witte randen lijken het spiegelbeeld van de golven met schuimkoppen. Onze bus staat met zijn neus vlak voor dit schouwspel. We ruiken de zee en voelen de wind, ook al is het hefdak naar beneden en zijn alle ramen gesloten. Alsof we in een boot zitten. Het is allang donker als we ons met moeite los maken van dit natuurbeeld en vertrekken lopend naar een andere wereld: het kleine dorp dat vlak achter ons ligt. Op het dorpsplein is een zomerkermis, compleet met felle verlichting, aan- en uit flitsende lampjes en de weeë vanillegeur van suikerspinnen, vermengd met moûles-frites en pizza.

Aan de zijkant maakt een rockband in het halfduister niet eens slechte muziek. In de speelhal vol beeldschermen klinken de bekende doordringende tek-tekgeluiden van overal ter wereld. Verderop vitrines met enorme grijpers, die op het laatste moment altijd de grote teddybeer loslaten, zodat mensen met een verlangende zucht opnieuw munten in de gleuven duwen. Tussen draaimolens staat een grote trampoline, waar vastzittend aan twee elastische koorden een kind met enorme sprongen telkens ver boven het publiek uitkomt.
Zo hoog! Ik kan het nauwelijks geloven. Het bijbehorende geluid doet me in elkaar krimpen.

Het jongetje gilt van angst, hoewel hij technisch gezien, ’veilig’ in een gordel zit of eigenlijk hangt. Ik zie nu pas, dat de kermismedewerker, een soort afstandbediening in zijn hand heeft, waarmee hij een versnellende bewerking toepast, zodra het slachtoffer bijna beneden is. Zo springt hij, zonder er iets aan te kunnen doen, steeds hoger en sneller rechtstandig de hoogte in. Wie laat dit toe? Dan pas zie ik de vader van het ventje lachend een video maken van het gebeuren. Hij spoort de assistent aan zijn zoontje hoger en hoger te laten gaan. Snerpend snijdt de gillende kinderstem door de lucht.

Ik word heet en koud tegelijk. Van kwaadheid, van niet begrijpen. Willens en wetens je kind zulke angsten laten doorstaan om je kennissen een leuke video te laten zien? Op ‘You Tube’ zetten misschien?
De video, die zijn zoon nog vaak zal zien, is vast heel anders. In de lucht moeten springen zo hoog dat je denkt nooit meer beneden te kunnen komen en verwachten te pletter te vallen, neerkijkend op je vader en moeder en andere volwassenen die wreed lachend toekijken. Misselijk loop ik verder.

Als ik even later omkijk is het stil. Het arme sprinkhaantje is uit zijn gordel bevrijd. Maar voor hem begint het pas. Even krijg ik moordneigingen. Zijn dit ouders?
Van de likeur op een terras ga ik bijna over mijn nek.

Stil lopen we terug naar het troostende golfslaggeluid van de oceaan.’s Nachts spring ik hoog boven de bus uit. Ik zit nergens aan vast. Zie hem ver beneden me staan, klein als een dinky-toy. Ik blijf maar stijgen, zie de wereldbol langzaam uit beeld verdwijnen.

Categorieën: Reisverhalen

Avatar

pally

Genieten van leven en mensen en natuur om mij heen. Schrijven als belangrijke drijfveer om te ordenen, te relativeren en te communiceren.

11 reacties

Avatar

arta · 11 september 2008 op 07:40

Jeetje, Pally, wat heb je dit verhaal levensecht neergezet. De overloop van ‘plezier’ naar ‘ellende’ maakt de impact nóg groter.
Erg mooi geschreven en erg triest voor het sprinkhaantje.:-)

Avatar

SIMBA · 11 september 2008 op 08:19

Bah, wat zijn er toch nare mensen op de wereld!
Goed stuk Pally!

Avatar

Neuskleuter · 11 september 2008 op 08:32

Hoe ouders hun kind pushen, dit keer wat letterlijker dan normaal. Met ‘ach, stel je niet aan, dat is toch leuk!’ als excuus in dit stuk. En ‘het kind kan wel wat hebben, daar wordt ‘ie sterk van,’ als achterliggende gedachte.

De overgang van de zee naar de kermis die steeds dichterbij komt, is mooi gedaan. Ik weet niet of je het zelf ook zo beleefde, maar het voelt alsof je alles observeerde, tot je het jongetje zag. Pas daar begon het verhaal echt tot leven te komen en voelde ik me geen kijker, maar deelnemer.

Avatar

lisa-marie · 11 september 2008 op 09:08

De overgang van het schouwspel aan de zee naar het dorp is prachtig, net zoals het geheel.
Het is zo echt geschreven dat ik helemaal mee kon voelen met het mannetje en met je kwaadheid naar de volwassenenen toe.
Ik heb gewoon genoten van het geheel en ga hem zeker nog eens lezen. :wave:

Avatar

Anne · 11 september 2008 op 09:39

Voor mij had de tegenstelling, of het contrast nog scherper gemogen Pally, zonder toevoeging van jouw persoonlijke boosheid over de behandeling van de jongen. Doordat die er nu toch bijzit hinkt het stuk wat mij betreft nu op twee benen: of een pamflet tegen ouder/youtubeterreur, of een prachtige surrealistische beschrijving van een Franse zomeravond. Het heft elkaar dan in mijn ervaring een beetje op. Alleen verslag van wat je ziet en wat tegelijkertijd zowel passend is binnen het al genoemde surrealisme maar er ook vreselijk mee botst – mooie paradox trouwens – en vervolgens ‘s nachts jouw droom; het zou meer dan genoeg zijn. Dan is er geen stijlbreuk en toch wordt het gruwelijke van de wijze waarop sommige ouders met hun kinderen omgaan voelbaar voor de lezer. Zelfs gaat het dan over iets nog groters: macht en misbruik daarvan van de ene mens over de ander, niet alleen die van de vader over zijn kind, maar ook van hoe dat wat jij waarneemt jou tot in je dromen achtervolgt; ook een vorm van macht.

Avatar

pally · 11 september 2008 op 14:17

Ik denk dat je gelijk hebt, Anne, mijn commentaar had er niet bij gehoeven om het goed over te laten komen. Dat had ik inderdaad beter weg kunnen laten. Ik denk dat ik zo verontwaardigd was dat stijl en vorm daaraan een beetje ten onder zijn gegaan, met dit effect.
Dank voor je kritiek,

groet van Pally

Avatar

Mup · 11 september 2008 op 14:58

Van de eerste twee alinea’s een maken, en de laatste wat meer uitdiepen, naar mijn mening. En de categorie mag van mij naar maatschappij.

Goede titel, goede inhoud,

Groet Mup.

Avatar

weathergir · 12 september 2008 op 10:55

Ik “verontwaardig” met je mee, hoor! Mooi geschreven, zeg… :wave:

Avatar

WritersBlocq · 13 september 2008 op 10:52

Hè hè heb ik eindelijk weer eens op tijd een echte Pally gelezen!
Het eerste gedeelte is prachtig neergezet, dat kun jij zo goed. Maar je kunt nog veel meer, en wat Anne aangeeft vind ik ook. Of het echt zo diep moet weet ik niet, maar alleen al een verschil in vaart in je zinnen kan een groot verschil maken. Van rustig kabbelend naar vernietigend golvend. Zo is deze zin
[quote]Ik zie nu pas, dat de kermismedewerker, een soort afstandbediening in zijn hand heeft, waarmee hij een versnellende bewerking toepast, zodra het slachtoffer bijna beneden is. [/quote] erg traag, met onnodige komma’s.

Maar het is een lekker verhaal, en ik word ook woest van zulke dingen. Zo had ik ook zo’n mamma op vakantie die haar rillende en kotsende zeezieke kleine meisje voortaan liever aan de nanny mee zou geven, zodat ze zelf van de walvissen kon genieten…

Groetje, Pauline.

Avatar

pally · 13 september 2008 op 11:00

Dank voor alle reacties!

De suggesties van WB en Anne neem ik zeker mee in latere columns,

groet van Pally

Avatar

pepe · 14 september 2008 op 12:44

mooi neergeschreven.
verder hoef ik hier niets meer te tikken, vorige reacties zijn voldoende denk ik.

Geef een antwoord