Bij Blokker sta ik een opvouwbare wasmand af te rekenen en de caissière vraagt of ik een nieuw dukatenboekje wil hebben.
Ik kijk haar aan. Lang en indringend. Ik probeer wat bedachtzaamheid in mijn blik te leggen, bedenk mij en leg er in plaats daarvan mededogen in. Daarna deel ik haar met ietwat schorre stem mee dat ik mijn oude boekje nog niet uit heb.
Ik word getrakteerd op een blik waarin ongeloof, wantrouwen, en pure wanhoop om de voorrang strijden.

‘Eh…eh…meneer…ik bedoel een boekje om dukaatzegels in te plakken en…’
‘Laat maar lieverd’, antwoord ik, voor mijn doen uiterst geduldig. ‘Ik doe alleen aan postzegels.’
‘O, over postzegels gesproken, nou ben ik een bakblik vergeten. Kunt u die nog even voor mij pakken?’
Het meisje loopt de winkel in en komt even later met een bakblik terug.
‘Wij hebben alleen nog een springform, is dat ook goed?’, vraagt zij onzeker.
‘Tuurlijk meid, een kapstok mag ook hoor, als ik er maar een appelentaart in kan bakken.’
In haar blik zijn nu ongeloof en wantrouwen verdwenen. Rest nog pure wanhoop.
‘Eh…het is appeltaart meneer.’
‘Really??? Is dat zo?? Maar je zegt toch ook pruimentaart en niet pruimtaart?’
Gelukkig begint mijn mobiele krijskanon te blèren en snel neem ik op.
JANSEN!!!!! Onze magistrale politieke fractievervuiler en tevens Wethouder in onze Gemeente.
‘Wat moet je Jansen?. Maak het kort want ik doe de aankoop van mijn leven op dit moment.’
‘Ik moet je straks even spreken, Kees. Ik ga zeu meteen naar de coiffeur (??), kan het dààrnà?’
Tuurlijk, Jansenboy, waar wil je me over spreken. Over je testament?’
‘Dat hoor je straks’, zegt hij en hangt op.
En terwijl de caissière met rood hoofd het springform inpakt bel ik Jansen’s kapper, sorry, coiffeur.
‘Allo, met Sjoerdie’
“Eh..dag Sjoerdie, met de secretaris van wethouder Jansen. Ik moest doorgeven dat de weledele heer Jansen een halfuurtje later komt.’
‘Okeetje hihihi, weet je ook door wie van mijn personeel hij geknipt zou worden?’
‘Tuurlijk, door dat vette wijf. Zijn niet mijn woorden hoor. Dat zei Jansen. Hij had het over “dat vette zwijn”, Alie geloof ik.’
Het blijft even stil bij Sjoerdie. Dan, ‘o, hij bedoelt waarschijnlijk Adrie’
De vrieskou stuift mijn oor binnen.
‘Whatever, Sjoerdieboy. En eh..o ja, Sjoerdie. Weet je wat die guitige wethouder ook nog zei.?’
………………….
‘Hallo, Sjoerdie ben je er nog.’
‘Ja’
‘Oké, Jansen zei dat er bij jullie ook nog zo’n nicht werkt. Hij zei:ik citeer: ” zo’n nicht die s’nachts in bed alleen de artiesteningang prefereert haha” . Herkenbaar?
Jaja, Sjoerdieboy, je hebt een wethouder met humor als klant. Fijne dag verder, lieverd’
En voor hij verder al dan niet uit zijn vel springend kan reageren, hang ik op.
De caissière heeft intussen zwetend en hijgend de springform (of is het “het” springform?) ingepakt en ik vertel haar dat ik mij heb bedacht en toch liever een broodform wil hebben.
Na een kwartier verlaat ik Blokker met een kaasschaaf en tien boekjes dukaten.
Aan het eind van de middag loop ik mijn stamkroeg binnen om mijn afspraak met Jansen na te komen.
Jansen is er al. Op het eerste gezicht verdienstelijk geknipt, in aanmerking genomen dat je weinig zinvols kunt uitrichten op z’n hoofd. Jammer.
Dan zie ik het hoofd van kroegbaas. Vuurrood ! Hij kan amper zijn lachen inhouden.
Hij wijst naar het achterhoofd van Jansen die voorovergebogen aan een tafeltje de krant leest.
Ik kijk. En ik kijk nog eens. Daarna nog eens.
Sjoerdie heeft zichzelf overtroffen. Jansen’s achterhoofd is zo geknipt dat daar het woord “LUL” in verwerkt is.
‘Dag Jansen, begroet ik de hufter. ‘Hadden ze dat schaamhaar langs je oren niet wat gevoeliger kunnen bijpunten?’


15 reacties

pepe · 1 maart 2005 op 07:36

Ernstig leuk weer, ik vraag me steeds vaker af waar je dit toch allemaal vandaan tovert.
😛 😀 😛

Martijn · 1 maart 2005 op 08:35

Haha, Kees.

Van [i]’blockhead'[/i] naar ‘Blokkerhoofd’ doet ie moeiteloos.

[img]http://smile.smilies.nl/376.gif[/img]

Groet Martijn 😀

WritersBlocq · 1 maart 2005 op 09:30

@ Martijn:
Kees Schilder, het Blocq aan het been van Jansen! Gelukkig maar, ik heb weer in een kreukel gelegen na deze har”d”verwarmende Jansencolumn 😀 😀
Groetje, Pauline.

Mosje · 1 maart 2005 op 11:18

En uit de luidsprekers bij Blokker schalt wederom:
“Attentie dames, code 3.”
😉

prikkels · 1 maart 2005 op 11:49

Jij maakt van een simpele gang naar de Blokker een waar jungle-avontuur, waar ik enorm van heb genoten.

Ik ben reuze benieuwd hoe jij je houdt in de Bijenkorf of Maison de Bonnetering.

Pluim en een big smile. 😛 😛 😛 😛

Ma3anne · 1 maart 2005 op 14:20

Bij het Blokkerfiliaal te Z. zag ik, evenals bij de HEMA te Z. rookworsten bij de ingang staan. Ik vroeg me al af waarom dat was.

Charlotte · 1 maart 2005 op 15:34

Geweldig verhaal Kees! Ik heb me rotgelachen 😀 😀

Robster · 1 maart 2005 op 17:21

Hahaha, erg leuk weer hoor 😀 Top! 😛

sally · 1 maart 2005 op 17:52

😀 😀 😀 😀

liefs
Sally

Mup · 1 maart 2005 op 20:06

Met jou zou ik wel eens willen winkelen bij de Hunkesmeuler, 😀

Groet Mup.

Li · 1 maart 2005 op 21:02

😛 Lig ik nu in een appelflauwte of in een appelenflauwte :dunno:

Ach, dat zal me een worst wezen 😀

Louise · 1 maart 2005 op 22:11

Je moet die Jansen niet zo pamperen, Kees!
Volgende keer achtermekaar een belletje naar z’n uroloog; ‘t zal ‘m leren (om Jansen te zijn) 😀

Ab · 2 maart 2005 op 09:06

Hoi man geweldig verhaal,het was wel lachen bij blokker,die kop van die volendammse zaadnaad.Jij komt toch ook bij sjoerdie,ik niet meer want dat gebonkt tussen mijn schouderbladen vind ik niks.Nou weet je waarom ik mijn kop kaal scheer.
vrijeradicaal ab

viking · 2 maart 2005 op 09:12

😀 😀 😀

Shitonya · 2 maart 2005 op 11:06

Ze worden steeds voorspelbaarder, maar evengoed blijven ze leuk om te lezen 🙂

Geef een antwoord