Ik zoek de rust van een kist. Een eikenhouten kist. Als de dood dan toch zal komen, zal ik hem geen verwijten maken. Een paar woorden uit het populaire repertoire van vroeger. De dood als rustplek. Een plek waar het goed toeven is na een werkzaam leven. Maar ik ben bang ! En het wordt erger. Bang voor het moment tussen 6 plankjes. Bang dat ik helemaal niet met mijn ziel onder mijn arm door een lange gang zal schrijden, een prachtig licht tegemoetlopend. Geen welkomstwoord, niks engelengezang. Geen weerzien met bekenden en geliefden die mij zijn voorgegaan.
Gewoon de leegte, de donkerte. Helemaal alleen. Helemaal niks. Sluiten en uit.
Waarom zal ik hier nog ergens mijn best voor doen, als er aan het einde toch niet afgerekend wordt. Het maakt me onrustig. Er is nog zoveel te doen. En de tijd vordert. Het is zo tegenstrijdig allemaal. Aan de ene kant ‘bekijk het maar met zijn allen’. Aan de andere kant wil ik graag iets achterlaten, iets van waardigheid. Al is het maar : ‘Dit was Kobus, hij deed gewoon zijn best’. Een soort monument. Niet dat schouderophalend gebaar; ‘nou en’ ?, maar ‘oh, ja zo was tie’. Ik wil voor mijn naaste omgeving in gedachten blijven. Maar er is nog maar zo weinig gepresteerd. En ik heb haast.
Ik weet wel. Je hebt het nooit helemaal in de hand. Er zijn zoveel invloeden waaraan je tijdens je leven wordt blootgesteld. Maar dat zijn toch in de regel maar snel bijeengeraapte slappe argumenten. Bijkomende puntjes om je ‘zijn’ te verantwoorden.
Het maakt me triest. Als ik wat meer power aan de dag had gelegd was ik vast bekende topsporter geworden. Had ik een fantastische job gehad of had een of andere titel verdiend aan een universiteit.
Had, had, had… maar ik was Kobus. En Kobus was wel overal bij, maar op het verkeerde tijdstip en op de verkeerde plek. Kobus heeft een opleiding gevolgd, en gewerkt. Heeft een gezin trachten te onderhouden. Heeft zelfs een eigen bedrijf gerund. Maar alles ging naar de knoppen. Ja, oke, belasting en andere graaiers kwamen wel op het juiste tijdstip ! En Lulhannes was erbij en keek ernaar. Ik had het toch liever anders gezien. De kids hebben het er behoorlijk zwaar mee gehad, en mijn ex ook. Gaat ook niet in je koude kleren zitten. Natuurlijk, het gaat nu redelijk goed met ze. Maar wat heb ik daar dan aan bijgedragen ? Ben nou niet bepaald de vader en man geweest om een standbeeld voor op te richten. En ook voor de liefdes die na de zondvloed kwamen zal ik niet de ideale sterke beer zijn geweest in karakter en lijf.
Ik krijg er de kriebels van. Ik moet presteren. En de tijd is zo kort. Het maakt me bang.
Straks knijp ik er nog tussenuit op het moment dat ik net even geen vrienden heb. Zal wel op het verkeerde moment gebeuren, ook alweer op de verkeerde plek. Moet ik mijn eigen kist dragen. Het maalt in mijn hoofd, de radertjes piepen. Ik moet aan de slag. Maar ik ben moe. Hondsmoe.

Categorieën: Mannen & Vrouwen

1 reactie

Kees Schilder · 11 april 2003 op 12:36

Mooie eerlijke column Kobus! Het is voor mij een eer je te kennen al is het alleen via deze site.
groet
paco

Geef een antwoord