Afgelopen weekend voelde ik iets zeurends opkomen in mijn mond. Ik ken dat. Een jaar of vijftien geleden had ik om de paar maanden een wortelpuntontsteking, en verloor ik op die manier een aantal volgens de tandarts niet te redden kiezen. Maar net als toen hield het gezeur deze week weer op, en kwam daarna terug. Dinsdag was ik op bezoek bij een kennisje. ‘Je kan nu nog naar de tandarts gaan’ zei ze rond het middaguur. Maar ik wachtte liever wat af. Paracetamol werkt ontstekingremmend, dus… Gisteren, woensdag, de hele dag nauwelijks een centje pijn, maar net voor het naar bed gaan kwam het op gemene wijze terug. Ondanks dat ik vanochtend ook weer nergens last van had, dus toch maar even voorzichtig met de tandarts gebeld. Morgen is de praktijk gesloten, en vroeger kwam die ellende ook steevast in het weekend in volle hevigheid opzetten. Ik mocht langskomen, en dat kon meteen. Mooi, dan kon ik me ook niet ongerust maken over wat me te wachten stond.

Vroeger was dat een drama. Ik en de tandarts. Zo lang mogelijk probeerde ik door te manipuleren mijn ouders ertoe te bewegen het bezoek maar uit te stellen. Pas jaren later besefte ik dat dat niet echt de goede manier is om zo’n angst kwijt te raken. Ik heb wel eens een paar week lang voordat ik erheen moest nauwelijks kunnen slapen, maar er eerder naartoe gaan: ho maar. De tandarts die wij vroeger hadden, was een uiterst slechte tandarts. Regelmatig vielen de vullingen mij letterlijk uit de mond. Meestal enkele uren nadat hij ze had aangebracht. Omdat ik niet terug wilde (oh nee!) was ik dus extra voorzichtig. Toen mijn vier jaar oudere neef eens bij ons was te logeren, ik was denk ik acht, had ik het tandartsbezoek ook al weken weten uit te stellen. Mijn neef was op een woensdag jarig, en hij zou het bij ons thuis vieren. De laatst mogelijke afspraak van die maand voor mij met de tandarts viel precies op deze dag. Deze neef, die ik tegenwoordig heel graag mag, kon erg goed tekenen. Hij had om mij te plagen enkele dagen van tevoren een zeer natuurgetrouw getekende tandartsboor met een holle kies getekend. Het consult zou ’s ochtends om half tien plaatsvinden, dus ik was die dag al snel van mijn zenuwen en mijn angst verlost. Dacht ik! Want eind van de ochtend, toen ik voor het eerst pas iets durfde eten, lag bij het eerste plakje cake waar ik voorzichtig een hapje van nam, de nieuwe vulling alweer op mijn tong. Nog dezelfde middag moest ik terug. Daar was ik het dit keer niet helemaal mee oneens, want met die zoete cake in mijn holle kies had ik dus ongelooflijk kiespijn gekregen.

De tandarts die ik vroeger na de man van de losse vullingen kreeg, was iemand die vond dat je je niet moest aanstellen. Dat bleek uit alles. In zijn wachtkamer keken de trofeeën van de jacht in Afrika je starend aan. Als kind van elf heb ik me wel eens voorgesteld hoe mijn hoofd daar tussen zou staan. Zou mijn hoofd ook zo wezenloos kijken als er glazen ogen in zaten? Zouden er nog enkele tanden en kiezen in mijn kaken zitten, of zou hij humanerwijze mijn hoofd er al bij gehangen hebben, voordat hij ze er allemaal met veel pijn had uitgehaald? Zonder overdrijven was deze gedachte in mijn kinderogen nog niet eens zo ver beneven de waarheid. Ook buiten deze fantasie om was deze ex-legertandarts een houwdegen eerste klas. Meermalen lagen er als ik bij hem aanbelde grote druppels bloed op de hoge trap voor zijn grote herenhuis. Die had een vorige patiënt daar bij het verlaten van de praktijk verloren. Zonder enig begrip of geduld voor iemand die niet dagelijks bij een tandarts zat, en misschien ook wel doodsbang was, deed hij efficiënt wat hij krachtens de verzekeringsverplichting moest doen. Deze robotachtige benadering zorgde ervoor dat ik toen ik achttien was mijn saneringskaart liet verlopen. Drie jaar later, toen mijn gebit hierdoor nog niet eens zoveel schade had opgelopen, wist ik de moed weer te verzamelen om opnieuw op controle bij de tandarts te gaan. De oude houwdegen was er ondertussen mee gestopt en in plaats daarvan had ons gezin een tandarts gekregen die zowaar begrip kon opbrengen voor mensen die er bang voor waren. Een aardige man, die mij met een behandeling van slechts 80,- opnieuw een saneringskaart bezorgde. Mijn angst bleef overigens nog jaren aanhouden. Tussen mijn tweeëntwintigste en mijn vijfendertigste sliep ik meestal de nacht voordat ik naar de tandarts ging gewoon niet. De laatste jaren gaat het dus heel veel beter. Jaren geleden ben ik opnieuw door een pensionering van tandarts veranderd, maar ook mijn huidige tandarts heeft gelukkig veel begrip voor mensen die het wat moeilijker vinden, zo’n behandeling.

Deze tandarts kon vanochtend dus niets vinden. Net als gisteren overdag, was de pijn om mij te plagen op dat moment totaal verdwenen. Mijn neef in zijn jonge jaren zou er de hand in gehad kunnen hebben. Ik kon in alle eerlijkheid niet eens aangeven of het links gezeten had, boven of onder. Overal had ik de afgelopen dagen de pijn wel af en toe kunnen lokaliseren. Toen een te maken röntgenfoto zo onaangenaam bleek dat ik dreigde over te moeten geven, besloot de tandarts dat idee ook maar te verlaten. Waarschijnlijk was er toch niets op te zien geweest. Om te vieren hoe het allemaal was meegevallen, hoewel nog wel op mijn hoede, besloot ik in de stad een broodje te gaan eten met een grote kop cappuccino erbij. Het broodje was heerlijk, maar bij de eerste slok warme cappuccino, die toevallig welgemikt op de goede plek kwam, had ik de grootste moeite om niet als een indiaan te gaan dansen en de bezweringen voor een regendans te schreeuwen. Met mijn mobiel daarvandaan meteen weer met de tandarts gebeld. De cappuccino liet ik koud worden, en daarmee heb ik vervolgens twee paracetamol weggespoeld. Dat hielp gelukkig al vrij snel.

Vanmiddag bleek dus toch de zenuw van een kies ontstoken te zijn. Die is vervolgens op vakkundige wijze doodgemaakt. Heel even heb ik het nog benauwd gehad. De tandarts vertelde dat het soms niet helemaal lukt, als een zenuw echt ontstoken is, om deze helemaal verdoofd te krijgen. Ik heb ook altijd pech! Maar goed, op dit moment is alles alweer enkele uren achter de rug en zit ik dus een beetje te verkoeveren, met nog steeds een gevoelloos dikke bek. Volgende week moet ik nog een vervolgbehandeling… (copyright John Piek)


10 reacties

Mosje · 13 januari 2005 op 13:20

[quote]Volgende week moet ik nog een vervolgbehandeling[/quote]En ga je dan een vervolgcolumn schrijven? Jezus man, wat een lang verhaal!
Maar wel leuk om te lezen.

Dees · 13 januari 2005 op 15:14

Inderdaad lang! Maar je schrijft ‘lekker’. Benieuwd naar de volgende.

Greetz,

Dees

Kees Schilder · 13 januari 2005 op 15:50

[quote], lag bij het eerste plakje cake waar ik voorzichtig een hapje van nam, de nieuwe vulling alweer op mijn tong. [/quote]

Moet een HEMA cake geweest zijn.Kan niet anders.
En een kies behandelen heet tegenwoordig “element gecraficeren” Whatever. Leuke column

KingArthur · 13 januari 2005 op 16:06

Breek me de bek niet open. Ga eens voor de verandering naar een tandarts die koud van de opleiding afkomt. Moet voor jou voldoende stof opleveren om een volledig boek over te schrijven.

Mup · 13 januari 2005 op 21:05

[quote]Met mijn mobiel daarvandaan meteen weer met de tandarts gebeld.[/quote]

En toen nam Li op?

Groet Mup.

Li · 13 januari 2005 op 22:36

😀

Breek me de bek niet open!

Li

Ma3anne · 14 januari 2005 op 20:26

Heel herkenbaar!

Groeten, Mosje

Shorties · 22 januari 2005 op 15:48

Ik ben een sukkeltje: wel steeds opgelet of mijn column geplaatst was, maar niet op reacties gelet 🙂

Iedereen bedankt voor de complimenten natuurlijk!

Shorties · 22 januari 2005 op 15:52

Quote:
—-
Moet een HEMA cake geweest zijn.Kan niet anders.
En een kies behandelen heet tegenwoordig “element gecraficeren” Whatever. Leuke column
—-

Dat weet ik niet meer hoor. Dat is wel een beetje lang geleden. De cappuccion was van La Place, maar die kon het volgens mij ook niet helpen 🙂

Shorties · 22 januari 2005 op 15:54

[quote]Breek me de bek niet open. Ga eens voor de verandering naar een tandarts die koud van de opleiding afkomt. Moet voor jou voldoende stof opleveren om een volledig boek over te schrijven.[/quote]

Nee, een tandarts die het werk toch al een paar jaar doet, maar die vind dat ze tegenwoordig niet meer zulke goede apparaten maken als in de jaren veertig. (echt waar gebeurd, komt in een volgend deel)

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder