Ik ben een jongen van de stad. Auto’s rijden langs mijn raam voorbij, wanneer ik rustig een boek zit te lezen. Ik word wakker van de eerste tram in de ochtend en mijn studie naar de psychologie werd in het verleden vele malen onderbroken door de sirenes van een politieauto. Wanneer ik uit mijn raam kijk of door mijn buurt loop worden de grenzen van mijn kijken bepaald door de gebouwen om mij heen. Een weiland toont zich maar zelden op mijn netvlies. Soms als ik van Amsterdam naar Amstelveen rijdt op mijn fiets, dan wil ik nog wel eens een rustige route door het weiland nemen. Je hoort er geen auto’s, alleen af en toe een tractor en het geratel van mijn stadsfiets. Je hoeft niet bang te zijn een persoon aan te rijden, want er is simpelweg genoeg ruimte. Koeien grazen en schapen mekkeren. De verse broodgeur van de Turkse bakker op de hoek is vervangen door de geur van pas gemaaid gras. Je kunt hier uren ronddolen zonder dat iemand je aanspreekt.

Het leven op een weiland lijkt op vakantie. Even helemaal weg uit de sleur. Plotseling komt de gedachte bij mij naar boven of het niet veel beter is om op een weiland te wonen. Hier in de stad heb ik nog tientallen boeken die ik wil lezen, vele bladzijden die ik wil schrijven, maar ik kom er niet aan toe door het dagelijkse ritme, waar de stad mij in heeft ondergedompeld.

Een klein huisje midden op het weiland zou perfect zijn om aan alles toe te komen, waar ik in dit drukke stadse leven geen tijd voor heb. Het lijkt zo mooi, maar dan komen de minpunten om de hoek kijken. Vereenzaming lijkt al snel op de loer te liggen. Als ik hier in mijn stad een week, door de griep geveld, binnen moet zitten, dan lopen de frustraties van een onsociaal leven al hoog op. Er is dan geen positiviteitsgoeroe, die mij een helpende hand kan bieden. Nee, het enige medicijn is een avond naar de kroeg. Voor een persoon wonend op een weiland is dit een hele onderneming. Hoe kom ik thuis? Fietsen is wel erg ver en de auto betekent geen bier. Een taxi zou kunnen, maar dat maakt de avond opeens prijzig. Het openbaar vervoer zou kunnen, maar dan moet er met tien bier achter de kiezen gelet worden op het halen van de laatste bus. Problemen, die zich vormen door de frustraties van het onsociale leven.

De perfecte oplossing zou zijn wanneer de personen die mijn leven in de stad vullen ook meeverhuizen naar het platteland. Dat betekent ook dat de sleur van de stad verhuist naar het platteland en dan ben ik uiteindelijk nog niets opgeschoten.


5 reacties

arta · 21 december 2010 op 12:18

Een leuke overpeinzing, Bundo, met een logische, doch leuke uitkomst.
Hier en daar loopt het niet zo lekker, maar zinnen als deze:
[quote]Hier in de stad heb ik nog tientallen boeken die ik wil lezen, vele bladzijden die ik wil schrijven, maar ik kom er niet aan toe door het dagelijkse ritme, waar de stad mij in heeft ondergedompeld.[/quote]
maken dat weer helemaal goed.

sylvia1 · 21 december 2010 op 14:00

Leuk onderwerp! Heb het laatst ook eens geprobeerd om het verschil tussen fietsen in de stad en dorp te beschrijven maar dat lukte me niet. Bij jou proef ik het wel. [quote]Plotseling komt de gedachte bij mij naar boven of het niet veel beter is om op een weiland te wonen.[/quote]
Op een weiland, als in op een eiland, mooi gevonden.

lisa-marie · 21 december 2010 op 17:06

Die oplossing zou wel er perfect zijn,
ik heb ervan genoten.

Mien · 22 december 2010 op 07:52

.
Randstedelijk dilemma dat soms ook in de provincie speelt.
Voor de echte Hollandse waaghals: [b][u] [url=http://thomasblondeau.cobra.be/wp-content/uploads/2010/08/037-timmermans-boerenpsalm.bmp71687.jpg]Boerenpsalm[/url][/u][/b]

Mien Felix

Harrie · 22 december 2010 op 13:32

Ik hou ook niet van baksteen.
Als je op zoek bent naar een rustige omgeving, ik heb een geweldig bos in de aanbieding.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder