Droef beeld: man en vrouw in gezinsverpakking ìn de regen èn de kou dóór de Efteling. Één kind zit bepakt, bezakt en beladen van de heliumballonnen en quasi goedbedoeld Wereld Natuur Fonds-gereutel in zijn wandelwagen en likt apathisch aan zijn verschraalde zuurstok. Het gezinsleven anno 2010. Efteling, toch het bijstandsdisney naast de Loonsche Duinen, geldt als biosfeer voor alle mogelijk voorkomende leefvormen. De bijzonderste leefvorm is voor mij zonder twijfel ‘het gezin’, of wat daar voor door mag gaan. Ouders worstelen zich door deze kweldagen heen of hun leven (en hun huwelijk!) ervan af hangt. En denk nou niet dat het niet zo is, want we weten beiden dat ik gelijk heb.

Kinderen maken de dienst uit. Ouders hebben door de week hun ritme al totaal laten leiden door hun kroost, en dat bevalt die kinderen prima! Als het die kinderen niet bevalt zetten ze het gewoon op een janken. Of lekker tegendraads hun ‘nee-fase’ verlengen. Die is wel bekend toch, de ‘nee-fase’? Leg ik de studenten even uit: de ‘nee-fase’ van een kind is de fase waarop alles met een hardvochtig ‘nee’ beantwoord wordt. Voorbeeld?
“Jaapje, zullen we met de autootjes spelen?”
“Nee! Jaapje wil niet met de autootjes spelen!”
“Jaapje, zullen we naar de hertjes in het park gaan?”
“Nee, Jaapje wil niet naar de hertjes in het park gaan!”
“Jaapje, zullen we dan lekker gewoon helemaal niets doen en elkaar hier het bloed onder de nagels vandaan halen?”
“Nee, Jaapje wil niet…”
En zo gaat het maar door.. De ‘nee-fase’ dus. Heerlijke fase!
Enfin, die fase kunnen kinderen prompt terug laten komen, ook al zit dat tuig wat leeftijd betreft al 43 fases verder.

Terug naar de Efteling, want daar liepen wij afgelopen zondag met in onze schaduw mijn schoonouders. Waarom waren wij daar? Voor hen. Zij wilden graag een keer terug naar het Sprookjesbos. Er schijnt daar een of andere paddenstoel te staan uit de tijd dat je paddenstoel nog schreef als paddestoel en dat was voor hen genoeg reden om terug te gaan.
Zoals gezegd was het waterkoud en kletsnat, maar volwassen als wij zijn trotseerden wij dat. Prima, geen probleem.
Maar: wie heeft het toch in godsnaam in zijn of haar malle harses gehaald dat het wel eens leuk zou zijn om op zo’n dag met je treurige gezin in de regen te gaan lopen en zompige frieten weg te gaan knagen? En liepen ze maar echt in de regen! Nee hoor, omdat het regent zitten de restaurants in dat park allemaal stampend vol! Het puilt er uit van hongerig en nat volk! En daar blijft het niet bij, want ook wandelwagens en ander rollend materieel moet mee naar binnen, waardoor de ruimte in die tenten slechts voor vijfenzeventig procent effectief gebruikt wordt. De laffe doperwten, koude varkenshaas, depressieve haricots verts en taaie speklinten zijn overigens goede redenen om deze restaurants per definitie te mijden, maar dat terzijde. Daar heb ik graag een nat pak voor over.

Ook buiten de restaurants blijven ouders hun kroost maar suikerspinnen en zuurstokken uitdelen, want stel je voor dat Jaapje het even niet leuk heeft! Dan gaat Jaapje klagen en dan is het hek van de dam… Dat is ook de enige reden dat die ouders dat gajes meenemen naar zo’n treurig park. Met minder neemt deze generatie kinderen geen genoegen meer.

Kan het ouders ook nooit uitleggen. Die haken nu af in dit stukje. Gauw door naar de ditjes en datjes. Ouders verweren zich altijd met dezelfde geëigende argumenten. Dat wij, bewust kinderlozen, “niet weten wat we missen”. En dat zij “erg veel liefde terug krijgen” van hun omkoopminnend gepeupel. Er wordt niet gerept over poepluiers, schreeuwbabies, jankkleuters, krijsgedrochten en ander ondermaats gewauwel.
Tegenwoordig houd je die kiddo’s dus niet makkelijk meer bezig. Een simpel spelletje volstaat zeker niet. Gelopen koers. Anders geldt jengeldreiging Rood en dat is voor geen der partijen humor.
Vroeger was makkelijk. Je bleef gewoon thuis op koude, natte dagen. Ging met het gezin ganzenborden of pimpampetten en zéker niet kreupel door een Efteling of Walibi sjouwen. De woordspeling ‘duinrellen’ vind ik te gemakkelijk.
Kan me herinneren dat ik met mijn vader hele zondagmiddagen vulde met spelletjes Mastermind. Op het scherp van de snede streden wij en het laatste potje werd pas gespeeld als de weeë geur van mijn moeder haar heerlijke broccoli bezit nam van de keuken.
Wie ziet er nog wel eens twee spelende kinderen in bomen hangen? Als apen bengelden wij vroeger aan takken om vervolgens keihard uit de boom te lazeren. Bij moeder kreeg je de kans goed uit te huilen met een kop thee en een kaakje, om meteen weer naar buiten te vliegen en met je vriendjes een aflevering van ‘Tour of Duty’ na te spelen. ‘Airwolf’ werd lastiger, want die wieken wilden maar niet aan onze fietsen blijven plakken. En als het regende speelden we boven met onze elektrische treinen of we gingen bouwen aan het mooiste Lego-kasteel van het westelijk halfrond. En omstreken. Toen we ouder werden maakten we huiswerk, ook heel ouderwets want dat doen die kinderen tegenwoordig allemaal op school, onder de noemer ‘studiehuis’.
Nergens meer zie ik kinderen dit soort ‘ambachtelijke uren’ doorbrengen met elkaar. Als ik morgen hoor dat ons buurmeisje even naar ponywerpen is of weet ik veel wat, ben ik niet meer verbaasd.
Wie nu denkt dat mij niéts meer verbaast heeft het mis. Ik ben heus nog wel te verbazen.
Het kán namelijk nog erger. Zag laatst in een bekend televisieprogramma een grachtengordelkransje van volwassen dames de aanschaf (geboorte!) van de tas van één van de leden van het grachtengordelkransje van volwassen dames vieren. Ik herhaal de regel niet, maar neem van mij aan dat het de waarheid is. Er was een nieuwe tas, dus dat was reden voor een feestje! Inclusief taart versierd met een luizig Xenos-kaarsje. Zelf twijfelde ik serieus of ik niet naar Koefnoen zat te loeren of naar Koot en Bie, maar nee, ze viérden de aanschaf van de tas. Als dát geen voer voor een duister Grimm-sprookje is… En dat moeten nog ouders worden!

Hoe ons dagje Efteling afgelopen is? Het was ontzettend genoeglijk. De regen heeft ons zachtjes langs de paden van ons geheugen door het Sprookjesbos geleid, waar een hoop ouders liepen die flink de weg kwijt leken te zijn. Gelukkig dat op iedere hoek, weliswaar niet zelden verscholen achter bossages, een vrolijk sprookjesfiguur de juiste richting aangaf. Welke richting? Richting uitgang. Lekker naar huis, waar de chocolademelk gehoorzaam wachtte.

Hessel Visser


5 reacties

DACS1973 · 3 februari 2011 op 13:09

Welkom op CX!

Vlot geschreven, leest lekker weg. Maar mij iets te veel Youp van het Hekkerig van toon. Je komt wel een beetje over als een mopperende ouwe *** die roept dat het vroeger allemaal beter was. :hammer:

arta · 3 februari 2011 op 13:30

Jeetje, Hessel, wat kort door de bocht. Wanneer iets sterk overtrokken geschreven wordt of met humor kan er best gegeneraliseerd worden, maar op deze manier komt het op mij als één lange klaagzang over… ‘Vroegâh was alles beter’: Pffft…

Bijstands-Disney klinkt wel heel erg kleinerend over dit meest bijzondere pretpark van ons land. (Ja, smaken en manieren van ‘ondergaan’ verschillen :-D) Overigens heb ik zelf ook geschreven over dit onderwerp afgelopen zomer: [url=http://examedia.nl/columnx/modules/news/article.php?storyid=10903][b]Vreemde vogels spotten.[/b][/url]

lisa-marie · 4 februari 2011 op 08:48

kom een keer op een door de weekse dag in de efteling en dan kijken wat je ervan vind. Volgens mij erger je je dan wel ergens anders aan.
Enne de tijd staat niet stil hoor.. vroeger toen we nog buiten speelden hoorden we altijd aan dat vroeger allles beter was 😀

En lees eens vreemde vogels van Arta dat geeft je ook een andere kijk op alles.

trawant · 4 februari 2011 op 11:47

Altjd leuk nieuwe gezichten waarvan je het idee hebt dat ze wel wat kunnen.
Dus welkom.

Maaarr, méér is minder en minder is méér in de schrijverij. Het kan de helft korter en kernachtiger. Hou het bij een Efteling impressie, skip de overdaad aan voorbeelden, schrap in je bijvoeglijke naamwoorden, werk naar een afmaker toe.

Dus vooral niet teveel onderwerpen op één hoop in een stukje,.
EN het ouderschap EN vroegâh EN hup nog een anekdote van de TV. Het kan niet op.

We snappen het zo ook wel.
Mijn conclusie; steek iets op van de reacties die je hier krijgt ( we bedoelen het allemaal goed 😉 ) en voorrral dóórgaan..

vanlidt · 5 februari 2011 op 07:12

Ooit hadden Arjan Ederveen en Tosca Niterink een item over zo’n volksgezinnetje op een kermis. En tussen alle absurde lol door was dit ineens helemaal niet grappig, maar heel mooi omdat het zo schrijnend, zo pijnlijk was. En daar moest ik aan denken toen ik jouw stuk las.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder