Er loopt een man op straat onder een grijze lucht. Hij heeft een wolkje boven zijn hoofd. Een persoonlijk wolkje, dat je doorgaans alleen maar ziet bij stripfiguren uit de Donald Duck. Onder de toch al grijze lucht heeft hij een wolkje boven zijn hoofd dat bijna zwart ziet van de ingedikte verzameling grijs die zich erin heeft opgehoopt. Er stroomt een gestaag buitje regen uit het wolkje. Van die regen die verraderlijk is. Het lijkt niet zoveel voor te stellen, maar het doorweekt je botten en organen ongemerkt vroeger of later. En als je het merkt is het eigenlijk al te laat. De man heeft het buitje niet altijd in de gaten. Toch doet hij meestal een pet op. Een bruin met crème geruite pet, van het type dat doorgaans voorbehouden was aan grootvaders reeds gestorven, maar nog niet vergeten. Hij loopt een beetje gebogen, zijn rug belast met die nare verzameling koud water, die hij door gewenning niet meer in de gaten heeft. Zijn gezicht heeft de groeven die gepaard gaan met het dragen van lijden, hier en daar nog wat verzonken vechtlust, tijden niet gebruikt. De lijntjes rond de ogen verraden nog een gevoel voor humor van weleer, maar ook die lijntjes buigen bij de uiteinden zo langzamerhand naar beneden, groefjes voor een waterval die geen einde lijkt te kennen.

Soms merkt hij ineens dat hij instinctief behoefte heeft aan een paraplu. En op een malle dag steekt hij die ook op, al voelt het een beetje vreemd. Hij denkt dat iedereen naar hem kijken zal. Het buitje lijkt even in de war maar leidt zich niet om de tuin en wurmt zich sliert voor sliert richting het dak van de paraplu, om daar weer een boos en donker geheel te vormen om de man te blijven doorregenen, nog dichter bij zijn kern.

Er verandert weinig, behalve dan toch een beetje. Een leuke gedachte die hem doet grinniken, een geluid dat zijn voeten net een sprankje veerkracht geeft. Een vrouw die in het voorbijgaan leek op die vrouw van ooit. Die ene, met die warme armen en een fel temperament. Zij die hem niet bedrogen heeft. Ineens een onwillekeurige spierreflex, die hem zijn rug een fractie van een seconde rechten doet, zijn schouders verbreden doet. Was hij niet ooit een man?

Hij koopt nieuwe, waterdichte, rode schoenen in de uitverkoop, al zijn ze eigenlijk ‘geen gezicht’ voor een man van zijn leeftijd en passen ze niet bij zijn geruite pet. De rode schoenen leiden de man met een buitje boven zijn hoofd over de straten van versombering. Mensen kijken triestig aangeslagen naar beneden. De man doet hetzelfde, conformist in hart en nieren die hij altijd maar gebleven is. Hij kijkt naar beneden en ziet daar zijn rode schoenen. En alsof ze hem iets toegefluisterd hebben kijkt hij ineens omhoog, recht in het gezicht van zijn persoonlijke buitje. De lijntjes om zijn ogen krullen automatisch mee, alsof ze van plan zijn de zwaartekracht te tarten.

Het wolkje boven zijn hoofd trilt licht onder de sensatie, scheurt en vertoont een waanzinnige kleur blauw, die de man vaag herkent van ooit. Er dwarrelt goudstof uit de scheur dat zich een weg baant naar zijn lijf en leden en uiteindelijk naar de grond waar het stof een net niet cirkel om zijn voeten vormt en het water droogslaat. Het stof dwaalt naar zijn gezicht, de groeven, de poriën, de sporen van zijn moedeloze tijd en nestelt zich daar, om net een laagje te vormen dat het nieuwe doorgebroken licht weerkaatst en hem verweerd doet stralen. Het stof omvat zijn botten en organen, die zich stijf en pijnlijk onwennig tegen de nieuwe warmte aan schurken.

De man staart naar boven en doordrenkt zich van het hemelsblauw en voelt de zon tot in zijn ziel. Hij neemt zijn pet af in saluut naar een scheur in zijn firmament en vertrekt naar de kroeg aan de overkant. Een borrel op het terras aldaar. Dat is precies waar hij aan toe is.

Categorieën: Diversen

11 reacties

Prlwytskovsky · 9 december 2009 op 14:20

Dat heb ik nou ook vaak, zo’n klein kutwolkje alleen boven mijn pet. 😉
Goed geschreven Dees, ik ben er eens even voor gaan zitten.

Avalanche · 9 december 2009 op 14:32

Erg mooi, Dees! :wave:

Ma3anne · 9 december 2009 op 17:08

En zo maak je door middel van het wolkje het innerlijk van de man transparant.
Erg mooi gedaan.

Emiliever · 9 december 2009 op 19:22

Héél mooi zoals je die man beschrijft. Ik zou hem willen kennen!

pally · 9 december 2009 op 21:50

Minitieus beschreven gedachtengang van een voorbijganger en doorgedrongen in zijn hoofd met gebruik van het stukje lucht boven hem als metafoor. Je leert hem kennen, knap gedaan, Dees!

één dingetje:[quote]het buitje lijkt even in de war maar leidt zich niet om de tuin[/quote]

Dit zinnetje doet mij vreemd aan. Bedoel je ‘laat zich niet om de tuin leiden?’Of expres zo gedaan?

groet van Pally

Dees · 10 december 2009 op 07:41

Hm, ik ken hem niet! Zie alleen een beeld en gooi er ingredienten bij. Vind het leuk dat je zegt dat je hem leert kennen.

Van dat wolkje en de tuin is met opzet, enerzijds omdat het wolkje niet los gezien kan worden, maar ook omdat ik het leuk vind om zo een beetje met taal te klooien. Moet alleen uitkijken, want anders ga ik het ook nog in sollicitatiebrieven doen ofzo. Minder geslaagd.

Thx voor de reacties. Dit is er weer eentje uit de serie ‘brak’ overigens, niet dat het erg veel zal zeggen, maar toch 🙂

FatTree · 10 december 2009 op 23:00

Mooi portret Dees. Het zet mij aan het denken over hoe mensen in elkaar zitten, en hoe het kan dat je soms een goede bui hebt, en soms je neerslachtig kan voelen, alsof er inderdaad continu een regenbui boven het hoofd hangt.

De eerste 2 alinea’s lopen alleen niet echt lekker. Een aantal kromme zinnen die nog niet helemaal af zijn. Echter heeft het voor mij de pret zeker niet gedrukt!

EDIT:

Ik moet geen diepgaande stukjes meer lezen wanneer ik gedronken heb, excuus Deesie. Je miste ergens een leesteken naar mijn idee, waardoor de zin voor mij wat lastig werd in mijn toestand, maar van kromme zinnen is geen sprake.

Nu in nuchtere toestand weer gelezen, en weer genoten!

arta · 11 december 2009 op 12:37

Normaal quote ik geen hele alinea’s, maar deze vind ik zó ongelooflijk mooi:[quote]Het wolkje boven zijn hoofd trilt licht onder de sensatie, scheurt en vertoont een waanzinnige kleur blauw, die de man vaag herkent van ooit. Er dwarrelt goudstof uit de scheur dat zich een weg baant naar zijn lijf en leden en uiteindelijk naar de grond waar het stof een net niet cirkel om zijn voeten vormt en het water droogslaat. Het stof dwaalt naar zijn gezicht, de groeven, de poriën, de sporen van zijn moedeloze tijd en nestelt zich daar, om net een laagje te vormen dat het nieuwe doorgebroken licht weerkaatst en hem verweerd doet stralen. Het stof omvat zijn botten en organen, die zich stijf en pijnlijk onwennig tegen de nieuwe warmte aan schurken. [/quote]

Heel erg mooi geschreven!
🙂

Dees · 11 december 2009 op 14:10

he gelukkig, ik denk dat dit stukje een van mijn persoonlijke favorieten van eigen hand is en dan is het wel leuk als er naast kanttekeningen ook ineens een hele alinea wordt gequote. Muchas gracias.

:kus:

KawaSutra · 11 december 2009 op 18:26

Dat gebeurt er dus als de zon door de wolken breekt. Voor hetzelfde geld zijn het gewoon de afkickverschijnselen van een eenzame alcoholist. 😀
Mooi, beetje surrealistisch en heel kunstzinnig.

Mien · 15 december 2009 op 10:03

Mooie talmende column. Stil in zijn vertwijfeling.
Deze vond ik mooi:
[quote]De man staart naar boven en doordrenkt zich van het hemelsblauw en voelt de zon tot in zijn ziel. Hij neemt zijn pet af in saluut naar een scheur in zijn firmament en vertrekt naar de kroeg aan de overkant.[/quote]

Puntje van kritiek. Hier en daar gebruik je te veel woorden. Dan loopt de zin niet lekker. Drie keer ‘zijn’ in een zin bijvoorbeeld. 😉

Mien reading in the rain

Geef een antwoord