Voor de school staan groepjes leerlingen. Anderen fietsen en brommeren er zwalkend in cirkels omheen. Het is één uur, middagpauze. Ik heb mijn auto in een te krappe garage bij het schoolgebouw gemanoeuvreerd en zoek nu de receptie. In de hal komen groepen leerlingen me tegemoet richting de uitgang. Op hun weg naar buiten praten en lachen ze luid. Ze lijken mij niet te zien. Ze doen geen stap opzij, dus doe ik dat maar. Bij de balie meld ik, dat ik een gastles kom geven. Het klinkt wel interessant en in gedachte laat ik het woord nog even nagalmen: Gastles. Een aantal dagen voor dit bezoek vroeg mijn vriendin, docent gezondheidszorg op een ROC in een grote stad, of ik eens na wilde denken of ik het zag zitten in haar lessen iets te komen vertellen over mijn ziek zijn. Voor het doceren over een aantal kwalen en stoornissen in de lessen kon ze putten uit een groepje ervaringsvrijwilligers van MEE. Ik moest in mezelf even grinniken toen ze het zei. Ik zag het voor me. “Hallo? Met Lydia van het Albeda, heeft U een reumapatiënt voor me?” Of “Oh, U heeft geen C.O.P.D.-er, jammer!. Heeft U voor volgende week dan wel een Crohn?”

Ze hadden bij MEE ook geen “borstkanker”, dus vroeg Lydia mij. Ik had vrij laconiek gereageerd dat ik wel wat wilde vertellen, maar de avond voor mijn verhandeling had ik toch nog even wat thema’s van de afgelopen twee jaar doorgenomen op mijn log. Ik hoefde ter voorbereiding niets op papier te zetten, want ik vergeet niet. Maar ik betrapte me op het feit, dat ik de details aan het vergeten ben. Prettig gevoel wel.

Vriendin komt me ophalen bij de receptie. Na een automatenkoffie in de lerarenkamer, vraagt ze of ik het zie zitten. “Ja, hoor, het lukt wel”, antwoord ik lopend naar haar lokaal. Zo voelt het ook, ik heb geen zenuwen. Ik hoef namelijk geen tekst of ingestampte kennis te onthouden, zoals vroeger voor een spreekbeurt. In de klas zitten de twintig leerlingen net in de banken. De variatie in huidskleur is groot. Ik probeer me te verplaatsen in hen. Wat zouden ze nu denken? Hier en daar wat gefluister. Mobieltjes worden afgezet. Blikken worden gewisseld, maar voor een groep adolescenten vind ik het verder opvallend stil. Zouden ze deze ochtend zijn voorgestructureerd door hun docent misschien?

Vriendin Lydia past in de categorie docenten van het strenge soort. “Een juf met een denkbeeldige zweep”, zegt een lange jongen, die voor de les door haar op zijn niet ingeleverde werk wordt aangesproken. Een lach en knipoog naar mij. Met zijn grapje laat hij zijn acceptatie blijken en erkent hij tevens het gelijk van zijn juf.

Als ik vervolgens het verhaal over mijn kanker in chronologische volgorde over de klas uitstort, luisteren de leerlingen aandachtig. Sommigen met de armen over elkaar, anderen onderuitgezakt op hun stoel. Het meisje voor me klikt af en toe met haar pen. De leerling naast haar maakt tekeningetjes op haar map. Ik weet niet zo goed wie ik aan moet kijken en zoek daarom een rustpunt op de muur boven een Antilliaanse met bijpassend fysiek. Voor het behoud van contact met de leerlingen kijk ik soms nog even links of rechts de klas in.

Mijn verhaal loopt, maar ik vraag me tussendoor af hoe het is om zo’n verhaal aan te horen. Een heel kankerverhaal in anderhalf uur. Dat moet wel behoorlijk aankomen bij een negentienjarige, bedenk ik me. Ik hoef geen orde te houden, de klas is muisstil. Na gerichte, soms confronterende vragen van de jongeren en mijn antwoorden, rond ik af. Ik vertel aan het einde, wat anekdoten over de onbevangen uitspraken van mijn toen vijfjarige dochter in de ziekteperiode. De humor brengt wat lucht in het zware geheel merk ik. De leerlingen veren weer een beetje op en Lydia sluit mijn gastles af met de aankondiging na de pauze nog even met de leerlingen door te praten in verband met het heftige onderwerp.

Terug in de lerarenkamer krijg ik als dank een enorme bos tulpen en een boekenbon. Ik voel me een beetje onwennig tussen haar collega’s, als ik bedank voor de cadeautjes. Na nog een praatje gaat Lydia weer de klas in. Ik loop het gebouw uit, over de met kauwgom bespikkelde stoep richting winkelcentrum aan de overkant van de school. Even mijn gedachten sorteren en even langs de kinderafdeling van Zara. Die heb je in onze provinciestad niet. Weer thuis krijg ik een sms-je van mijn vriendin. “Nogmaals bedankt en ze vonden het indrukwekkend…”

Ik ook.


12 reacties

Kuin · 26 maart 2009 op 11:41

Knap dat je al die details nog weet, terwijl je een lezing hebt gehouden. NIet voor de hand liggend dat je dan oplet of iemand met zijn pen klikt enz. enz. Mooi!

SIMBA · 26 maart 2009 op 12:23

Lijkt me harststikke leuk zo’n gastles! Dit soort lessen blijven goed hangen.
Kun je van die boekenbon het boek van Fem kopen 😉

lisa-marie · 26 maart 2009 op 21:38

Goed van je want een gastles is niet altijd even makkelijk. 😀
Deze zinnen raken mij:
[quote]Ik hoefde ter voorbereiding niets op papier te zetten, want ik vergeet niet. Maar ik betrapte me op het feit, dat ik de details aan het vergeten ben. Prettig gevoel wel.[/quote]

pally · 26 maart 2009 op 22:19

Goed beschreven en van verschillende kanten belicht. Het lijkt me overigens best lastig om te doen, zo’n soort gastles waarvan je zelf het onderwerp bent. Chapeau!

groet van Pally

Mien · 26 maart 2009 op 23:18

Scherpe waarneming, moedig neergezet en knap verwoord. Kortom topcolumn.

Mien

KawaSutra · 27 maart 2009 op 00:31

Van mij ook bijval. Knap om dit te doen en knap beschreven.

LadyDaan · 27 maart 2009 op 00:39

Dank voor jullie lieve reacties.
En dat boek van Fem staat inderdaad op mijn verlanglijstje.
Liefs, LadyDaan

doemaar88 · 27 maart 2009 op 11:50

Knap dat je ervoor hebt gekozen om een gastles te geven. Belangrijk ook. Je hebt het mooi beschreven in dit stuk, heel prettig om te lezen. Naast de gastles, is je column dus ook met vlag en wimpel geslaagd! 😀

Fem · 27 maart 2009 op 12:00

:wave: Wat ontzettend dapper en goed dat je zoiets doet!

Schrijven en spreken zijn twee totaal verschillende dingen. Als je het allebei kan, ben je wat mij betreft heel goed bezig… Als je mijn boek ook nog eens gaat lezen ben je nog beter bezig :hammer:

Dees · 27 maart 2009 op 17:52

Moedig, anderhalf uur lang je ziel blootgeven aan een stel pubers, die toch als handelsmerk onvoorspelbaarheid op hun voorhoofd hebben staan. Ik vind het grappig dat alle details je zijn opgevallen en het doet dit stukje ook goed. Verhoogd waarnemend door zenuwen misschien?

arta · 27 maart 2009 op 19:56

Inderdaad: Moedig!
Beetje lang, maar wel lekker leesbaar.

Prlwytskovsky · 27 maart 2009 op 23:43

[quote]“Een juf met een denkbeeldige zweep”, [/quote]

Al zou die echt zijn ….. Whooowwhhhh.

Geef een antwoord