‘Die stok is van bamboe, niet?’

‘Ja, hij was nog van mijn man.’

‘Mag ik …?’

‘Natuurlijk, meneer. Pas op, de walkant is glad.’

‘Wat een prachtige stek. U bent gevangen door de nieuwste rage, het vissen?’

‘Nee, ik kom hier al vijftien jaar, sinds zijn dood, elke donderdagmiddag naar de gewichtloos deinende dobber staren. Deel met hem mijn herinneringen en gedachten Tot ze eindelijk zwijgen. Lukt minder snel tegenwoordig, het is inderdaad drukker geworden.’ 

‘Welk aas gebruikt u? Brood, wormen?’

‘Niets. Er zit niet eens een haakje aan.’

‘U hebt dus nog nooit beetgehad.’

‘U bent de eerste.’

Meer op: https://robertbeernink.nl/

Categorieën: Overig

Robert

Robert Beernink auteur van verhalen, #BinnenDoorDenkers en lichtgedichten. Zijn motto: elk verhaal is waar, elke waarheid slechts geloof.

2 reacties

Nummer 22 · 5 juni 2020 op 08:14

Geweldig! Super einde!

Vissen is niet wat ik doe, observeer het gedrag van vissers, meestal mannen soms met een kind, jongens die starend naar hun dobber of in hun
schutkleur visserstentjewachten op het geluid van de verklikker ‘beet’. Ik zie de vissers hun spullen inpakken of sjouwen naar de waterkant. Tussen de walbegroeiing op een plateau dat inklapbaar is met stelpootjes om de horizontale stand te behouden. De lange hengels met het lijntje, dobber, haakje en aas in het water. De visser staart, rookt een sigaret, een sigaar of is er niet. Ik zie geen twee benen uit het tentje steken. Waar zou de visser zijn?, ik wandel verder en zie een meerkoet paar in hun nest driftig in de weer want er moet gebroed worden!

Geef een antwoord