Het is guur en stormachtig als ik begin aan de lange rit vanuit mijn woonplaats naar de kust. De cd-speler is toe aan het negende nummer: ‘Make you feel my love’. Gefascineerd zit ik te luisteren hoe Adèle zingt over stormen boven een aanrollende zee, over hoe ze alles zou willen doen om hem haar liefde te doen voelen. Ik zing met haar mee en als vanzelf wordt deze song een soort mantra voor me. Alsof dit liedje mijn voorgevoel weg kan nemen, weg moet nemen. Telkens opnieuw laat ik dit nummer op het hoogste volume door de auto galmen, totdat ik het, ergens voorbij Utrecht, foutloos mee kan zingen. Na anderhalf uur bereik ik de kust. Een snel rekensommetje leert dat ik zevenentwintig duetten met Adèle gezongen moet hebben. Ongemerkt is de tijd vergleden en is me niet opgevallen dat ik te laat dreig te komen. Als ik, op een sukkeldrafje, linksaf sla om de boulevard op te stormen, bots ik bijna tegen Sinterklaas op. Dat verklaart de vuurrode wangetjes, opgewonden stemmetjes en blije kindergezichtjes die ik op mijn snelwandeling hierheen voortdurend zag. Van een afstandje zie ik hem al zitten, op een verwarmd terras maar desondanks toch enigszins kleumend bij een kopje thee. Hij geeft me een hand en mijn voorgevoel blijkt te kloppen. De mantra van Adèle heeft daar niets aan kunnen veranderen. Ik leg me neer bij het feit dat er niet meer dan een gezellige middag aan zee in zal zitten. Na een door een Piet geserveerde cappuccino besluiten we samen de harde wind te trotseren en lopen we, iedere vorm van fysiek contact vermijdend, langs de vloedlijn. Aan de horizon vergallen de schoorstenen op de Maasvlakte prachtige vergezichten. De wind loeit in mijn horen, laat de golven opzwepen en me soms even naar adem snakken. Hij praat op de manier waarop hij schrijft, zonder de rem los te laten. Ik voel, weet, dat er onder al die gereserveerdheid een leuke man zit. Maar zelfs de harde wind kan zijn voet niet van de rem blazen.

Hij loopt, schouders gebogen, richting tram en ik hoop dat hij iemand zal vinden bij wie hij alle remmen durft los te gooien. Ik start de motor en Adèle zingt de laatste regels van haar song: ‘I’d go to the ends of the world for you, to make you feel my love.’ Vandaag ben ik naar het andere eind van Nederland gereden. Ooit reis ik naar het andere eind van de wereld.


Avalanche

Zit nooit om woorden verlegen. http://tekstfontein.com

9 reacties

Avalanche · 25 november 2009 op 11:04

Natuurlijk loeit de wind in mijn oren (en niet in mijn horen)……

LouisP · 25 november 2009 op 12:04

Avalanche
mooi, dat je, euh, ik verschillende bijzondere zinnetjes tussen de regels kunt lezen. Vooral bij de prachtige laatste alinea…
mooi…
Louis

pally · 25 november 2009 op 13:15

De onderlaag van deze wat teleurstellende date goed voelbaar gemaakt, Avalanche. Alleen vraag ik mij af of het logisch is te verwachten dat de remmen bij een (eerste?)ontmoeting al los gaan.
Mooi geschreven,

groet van Pally

Emiliever · 25 november 2009 op 13:36

Mooi Avalanche! Jij verdient inderdaad beter. Maar Pally heeft wel een beetje gelijk, de remmen eraf bij de eerste ontmoeting? Ik kan erover meepraten, da’s niet altijd fijn!
Maar schitterend opgeschreven, het duurde best even voordat ik doorhad dat het over een date ging…verrassend dus.

Avalanche · 25 november 2009 op 13:59

@Pally, @Emiliever: Ben het wel met jullie eens dat je niet meteen vol gas hoeft te geven, maar om nou de hele tijd in de eerste versnelling te blijven hangen… 😉

KawaSutra · 26 november 2009 op 01:41

Wees maar blij dat Sinterklaas niet gelijk bij de eerste ontmoeting de remmen los gooide, dan had je je date helemaal nooit gered. 😀

Mien · 26 november 2009 op 11:51

Stille wateren hebben diepe gronden.
Pas op dat je niet verdrinkt.

Mien Badmeester

arta · 26 november 2009 op 13:50

Je weet zeker dat er een leuke vent onder zit? Waarom geen tweede date dan?
Leuk verhaal!

Avalanche · 26 november 2009 op 14:29

Wilde hij niet…. ik was een tikkeltje te ongeremd naar zijn smaak, denk ik.

Geef een antwoord