Zo’n beetje centraal gelegen, op een dor veldje tussen de campings in, streek een reizend circusje neer. Het bestond slechts uit drie oude wagens; een woonwagen, een materiaalwagen en een gesloten wagen met getraliede ramen.
Nog diezelfde avond zou de voorstelling worden gegeven. Bij de receptie van de campings zette een oude man een affiche neer waarop een briefje was geplakt, ‘ce soir 18.30 heure’ en ‘heute Abend 18.30 Uhr’. Onze peuter en kleuter hadden de pony die bij het circus hoorde al geaaid, toen hij langs kwam met ook zo’n bord eraan en het was een uitgemaakte zaak, dit mochten we ze niet onthouden.

Het circus ‘en plein air’ kende dus geen tent, op enkele tegels waren wat planken gelegd die de piste markeerden en aan een zijde was een kleine tribune opgericht van schragen, roestige buizen en verveloze planken. Toen we er naartoe liepen, langs de wagens heen, wees onze oudste druk gesticulerend naar de ‘beestenwagen’, daarin bevonden zich immers de tijgers en de leeuwen. Veilgheidshalve namen we plaats op de begane grond. Een meisje van een jaar of twaalf torste een plateau met limonade, chips en snoep maar deed bijna geen zaken, het vroege avondeten was nauwelijks gezakt. Het gezichtje van het meisje verried geen enkele emotie.
De directeur van het circus had zich buiten onze waarneming in een clownsjas gehuld en een rode neus opgezet. Hij maakte een rondje langs de kinderen en uit zijn stropdas spoot water, tot grote hilariteit van de kleinsten. De klanken die hij uitstootte hadden het in een hoestbui ook goed gedaan en achter zijn rug sprong het meisje van de versnaperingen op een grote bal van ‘Skippy’-formaat. De voorstelling was kennelijk begonnen. Moeiteloos hield ze evenwicht en rolde op de bal de piste rond. Het vlijtige applaus van de kinderen schrok van zichzelf en de directeur riep bijna automatisch ‘bravo, bravo,’ alsof het monotone rollen nog hoogtepunten in zich hield.
Plotsling liep hij op een cassetterecorder af en startte trompetgeschal en tromgeroffel. De oude man van de affiches stopte het meisje twee ballen in de hand waarmee ze al ballend, op de grote bol staand, de piste rondging. Tijdens haar act zag ik zowaar even een kleine glimlach, ze genoot van het applaus, dat nog leek aan te zwellen. ‘Bravo, bravo,’ riep de circusdirecteur aanhoudend, terwijl hij de teugels van de pony aannam. Toen hij ze losliet begon het beest uit zichzelf rondjes te lopen. Lenig sprong het meisje op zijn rug en ging op zijn kont staan. Ze hoelahoepte met twee ringen om haar armen, terwijl de pony zijn rondjes draafde. Voor de tweede keer zag ik een kleine glimlach door de tristesse van haar gelaat breken, toen de kinderhandjes enthousiast klapten. De oude man tilde daarna steeds twee kinderen op de pony en liep een paar rondjes piste. Al met al een tijdrovend karwei, maar ook tijddoden werd in dit circus tot kunst verheven.

De directeur had ondertussen een bord gepakt met de tekst “Entreacte’ en toonde het aan het publiek. Dat betekende vast pauze, want hij schakelde de cassetterecorder in, die met blikkerige toon zijn irritante werk begon.
De versnaperingen werden weer aan het meisje gehangen en zonder protest of wanklank bewoog ze zich met haar last tussen het publiek. Ze verkocht nu enige flesjes lauwe limonade en minizakjes chips, die destijds nog geen hinder hadden van een uiterste verkoopdatum. Tot onze grote verwondering plaatste de oude man een rad van avontuur in de piste en begon de circusdirecteur lootjes te verkopen. Sommige ouders chanteerden hun kinderen met de belofte van een ijsje en vertrokken spoorslags.
De prijsjes van de tombola, die erg lang duurde, waren in grauw papier verpakt als wilde men ze verborgen houden voor de nieuwsgierige blikken van het publiek.

Niet dat ze veel misten, de mensen die al weg waren. De clown deed nog een truc met de ezel, die liep als hij moest stoppen en stopte als hij moest lopen. Het meisje deed hetzelfde nogmaals, afgewisseld met radslagen en handstands tussen haar acts in en de pony liep ditmaal linksom in plaats van rechtsom. Ik miste de verholen glimlach van het meisje erg en het applaus werd ook minder. Het publiek druppelde langzaam weg als schuilende fietsers bij een afnemende bui en zonder commando of aanleiding waren de pony en de ezel in ene naar hun hooibaal bij de beestenwagen gedraafd. De directeur, ineens gekleed in hemd en bretels, stopte zijn cassette en dook met zijn hand onder een plank een fles op. Gretig nam hij enkele flinke teugen terwijl de oude man hem afkeurend gadesloeg en de planken van de piste begon te verzamelen. De laatste mensen hadden zojuist het terrein verlaten.

Ik kon me niet herinneren waar het meisje was gebleven na haar optredens, maar de andere ochtend zag ik haar in de kleine supermarkt van de camping. Ze was een leuke verschijning met een knap gezichtje en bewoog zich bijna gracieus. Haar gezicht had wel harde trekken en haar ogen blikten vermoeid, met holle ogen. Ze pasten niet bij een meisje van elf of twaalf, dat met haar vriendinnen speelt of naar het strand gaat.
Het waren de ogen van een meisje dat het voortbestaan van een klein circus moest torsen, een circus dat gedoemd was te sterven. Tussen haar boodschappen in zag ik twee flessen whisky staan en ik moest moeite doen om haar niet te omarmen en te troosten, inwendig brulde ik; heeft ze wel een moeder en hoe moet het verder?
Ik droeg mezelf op het nooit te vergeten.


9 reacties

Avatar

Sagita · 18 augustus 2012 op 22:08

Wat een mooi (inhoudelijk en geschreven) verhaal! Het begin doet me denken aan een schilderij van Picasso. Ook een groepje rondtrekkende circus mensen.
groet Sa!

Avatar

Yfs · 19 augustus 2012 op 10:01

Wat ben ik blij dat dit circusje is neergetreken op de hoofdpagina, een centraal gelegen veldje dat in bloei staat zo tussen de café’s. Ik hoorde even de Dikke deur “Pipo Koeien’ roepen. Zoals je het hier beschreven hebt had het Russische Staatscircus er beslist niet aan kunnen tippen!!! Prachtig! :wave:

Avatar

Nachtzuster · 19 augustus 2012 op 15:39

Heel mooi, Libelle. Aangrijpend en goed dat je het hebt ingestuurd als column.
Ik herinner me een kermis tegenover ons huis vroeger en daar was ook een meisje van mijn leeftijd (12 jaar) dat mee moest helpen. Toen vond ik het machtig interessant, maar wie weet welke ellende daar achter stak.

Avatar

Meralixe · 19 augustus 2012 op 19:35

Nostalgie verweven of geconfronteerd met de harde werkelijkheid. Hier en daar en uitmuntend mooie sfeerschepping zoals:

was een kleine tribune opgericht van schragen, roestige buizen en verveloze planken.

Voor de tweede keer zag ik een kleine glimlach door de tristesse van haar gelaat breken,

Ze verkocht nu enige flesjes lauwe limonade en minizakjes chips, die destijds nog geen hinder hadden van een uiterste verkoopdatum.

Spijtig maar misschien net zò bedoeld, een triestige ondertoon. :eh:

Avatar

sylvia1 · 19 augustus 2012 op 20:14

Ja dat is ook een mooie reden om te schrijven; om niet meer bang te hoeven zijn dat je dit zult vergeten. Toevallig las ik dit weekend een groot interview met Bernlef, die juist zegt dat hij blij is dat hij een beperkt geheugen heeft, dat geeft hem meer ruimte bij het schrijven. Mooie column Libelle, wel jammer dat je ‘m exact dubbel hebt geplaatst (eerst als column hier ingestuurd en dan later toch nog in ‘t café?)

Avatar

pally · 20 augustus 2012 op 09:49

Ik vind het gewoon een heel mooi stuk, Libelle en realiseerde me hierdoor weer hoe die kleine, wat klungelige circusjes werken in Frankrijk. Wij zijn er vroeger heel vaak heengegaan en nu nog weleens. Ze zijn triest, aandoenlijk en nostalgisch. Het sociale aspect dat je aangeeft voegt er nog iets extra’s aan toe. :wave:
(Dat hij in het café ook staat doet daar voor mij niks aan af). CVDM?

groet van pally

Avatar

Libelle · 20 augustus 2012 op 10:28

Allemaal van harte bedankt!
Ik heb het verhaaltje met kleine wijzigingen twee keer geplaatst. Een beetje vanuit de veronderstelling dat men een boek ook wel eens twee keer leest. Een arrogant vertrekpunt, ik realiseer het me.
Vriendelijke groeten van Libelle.

Avatar

Mien · 20 augustus 2012 op 16:52

Mooie column Libelle.
Voor mij ook CvdM.
Je schrijft steeds beter.
Chapeau.

Mien

Geef een antwoord