“Ik verzeker u,” sprak Pim Fortuyn, “ik word minister-president.” Ja. In de Hel. Maar die broer van Pim, Marten, is ook niet helemaal goed bij zijn hoofd. Ik neem u even mee terug naar die dag in het voorjaar van 2002. Marten Fortuyn zat in de tuin een broodje te eten. Bericht op de radio: Pim is vermoord. Marten stond op. Even het merkenbureau faxen. Ken je dat? Een naam wordt een begrip, en handige jongens registreren dan snel die naam als merk. Marten heeft zich ook aan die truc schuldig gemaakt. Marten die zich nooit veel aan de politieke avonturen van zijn broer gelegen had laten liggen. Maar na diens dood heeft hij in mei 2002 wel als de gesmeerde bliksem de familienaam laten registreren als merk. Vreemde actie. Niet Marten, maar de geestverwanten van Pim hadden de naam moeten registreren. Immers, het ‘merk’ Fortuyn had alles te maken met een foute politieke groepering, en niets met een ernstig verzuurd broertje.

Okee, persoonlijk zou ik mij ook doodschamen wanneer rare types als patjepeeër Meneer Van As, stoephoer Winny de Jong en Nazi Michiel Smit er met mijn naam vandoor gingen. Maar ik heb goed nieuws voor Marten. Dit stelletje schorum is ooit bijeengeraapt door Pim zelf. Omdat dit het ideale slag mensen was om ons land naar grotere hoogten te brengen. Onze Grote Leider zelf heeft deze mensen in zijn gelederen opgenomen. Daarmee heeft Pim zijn familienaam tot speelbal gemaakt van mensen met grote ego’s en weinig verstand. En uiteindelijk is die Mat Herben de hoeder van de naam en het gedachtegoed van Pim gebleken. Mat die door dik en dun achter de partij is blijven staan. Mat die zich voor het goede doel herhaaldelijk als kop van Jut heeft laten gebruiken. Ik meen dat hij nu voor de achttiende keer opnieuw is ingevallen als fractievoorzitter, de schat. Niet zure Marten, maar Mat gaat wat mij betreft, als hoeder van Pim’s gedachtegoed, over het gebruik van de naam.

Dat gedachtegoed van Pim was overigens niet op de eerste plaats het vergroten van inkomensverschillen. En vreemdelingenhaat had, in tegenstelling tot wat veel mensen denken, evenmin de hoogste prioriteit bij Pim. Waar het Pim dan wél om te doen was? Humor! Want we hebben wat afgelachen…

Het begon al met Mat Herben tijdens de formatie van Balkenende-I. Alle nog geheime afspraken lagen op straat: Mat had midden op het Binnenhof frank en vrij met een kladblok met aantekeningen lopen wapperen, en was geflitst door een fotograaf-met-telelens. Jazeker, Matt was militair. Bij de communicatie-afdeling, dat spreekt! En na de vorming van het kabinet bleek de LPF-staatssecretaris voor familiezaken, mevrouw Filomena Bijlhout, nog te hebben bijgeklust in Desi’s Doodseskader. Aftreden dus, met een flinke financiële regeling. Nou ja, de regeringsdeelname van haar collega’s bleek eveneens van korte duur. Daarna de oppositiebankjes. Met mensen als Hilbrand Nawijn. Ooit heb ik de twijfelachtige eer gehad, samen met hem een treinreis te mogen maken. Alle inzittenden van de wagon wendden regelmatig beschaamd het hoofd af, wanneer Hilbrand op luide toon de ene platitude na de andere ten beste gaf. Met die veel te harde snerpstem van hem. Aan het eind van de rit werden in de trein aspirientjes rondgedeeld. Tegen de oor- en hoofdklachten. Hilbrand Napijn…

En de een na de ander liep weg, of moest weg. Zowel uit de Rotterdamse raadsfractie als uit de Kamerfractie. Een soort tien kleine negertjes dus, met excuses aan de heer Verualia, eh, Vorela, eh… Nou ja, sorry. En op de valreep keerde de zieltogende LPF Gonny van Oudenallen nog even de rug toe. Ze was niet welkom. Om volstrekt onduidelijke redenen, trouwens. Want iemand die een greep in de kassa doet en die feiten verdoezelt in een administratieve puinhoop: dat is toch juist de LPF’er ten voeten uit? Maar hoe dan ook, gelachen hebben we wel.

Terug naar de actualiteit. Marten heeft onlangs bij de kiesraad geklaagd, want de LPF heeft de naam afgekort tot Fortuyn, en daarmee het merkenrecht dat Marten zich had toegeëigend geschonden. Maar bij de kiesraad houden ze ook wel van een geintje. Ze hebben de LPF gelijk gegeven: die mag zich gewoon Fortuyn noemen. Marten zoekt het maar uit. Een stelletje lolbroeken bij elkaar, die erfgenamen van het gedachtegoed van Pim. Ze zijn echt heel veel leuker dan Pim’s zure broertje. Ik beloof u dat ik ze in de gaten zal blijven houden. At your service!


DriekOplopers

Driek Oplopers is het pseudoniem van veelschrijver Rikus Spithorst. Rikus is actief als voorzitter en woordvoerder van de Maatschappij Voor Beter OV en is hoofdredacteur bij stevigestukkies.nl

5 reacties

KawaSutra · 14 september 2006 op 22:01

[quote]Hilbrand Napijn…[/quote] :laugh:

Prlwytskovsky · 14 september 2006 op 22:35

Mooi, dat hakt er lekker in Driek. Sterk geschreven.

WritersBlocq · 14 september 2006 op 23:22

Pijlsnel geschreven en binnengekomen, zoals altijd.
[quote]Maar na diens dood heeft hij in mei 2002 wel als de gesmeerde bliksem de familienaam laten registreren als merk. Vreemde actie. Niet Marten, maar de geestverwanten van Pim hadden de naam moeten registreren. Immers, het ‘merk’ Fortuyn had alles te maken met een foute politieke groepering, en niets met een ernstig verzuurd broertje.[/quote]
Welnee, het merk ‘Fortuyn’ was er pas lang nadat meerdere mensen deze familienaam via hun papa’s hebben doorgekregen. Het seniorenrecht gaat voor mij boven zo’n merkje, want dat is of gaat heel gauw uit de mode.

Kees Schilder · 15 september 2006 op 10:30

Strak als altijd. Top weer Driek

Dees · 15 september 2006 op 18:12

Twee columns in één eigenlijk, maar ik begrijp de verleiding en het zwichten ervoor wel.

Ik begrijp de broer van ook wel en moet hem bijna gelijk geven. Het zal je familienaam maar wezen!

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder