In de trein zit er wel eens iemand tegenover mij de krant te lezen met de stripjespagina mijn kant op gedraaid. Ik kan dan nooit de verleiding weerstaan om die te bekijken, maar vaak slaat mijn overbuurman of –vrouw al om voordat ik ze uit heb. Ik moet me dan echt inhouden om mijn hand op te steken en ‘Wacht nog heel even!’ te roepen. Want dat staat natuurlijk raar. Zoiets kun je thuis doen, aan de ontbijttafel of zo, maar niet tegen een wildvreemde. En eigenlijk is het ook niet erg fatsoenlijk om ongevraagd mee te lezen. Het zou me ook niet verbazen als blijkt dat mensen met opzet gauw de krant omvouwen zodra ze mijn ogen in de achterpagina voelen priemen. [i]Jij gaat helemaal niet mijn stripjes lezen, klaploper. Neem je eigen krant maar mee[/i]. Ik heb er nooit naar durven vragen.

Behalve lectuur hebben ook beeldschermen een onweerstaanbare aantrekkingskracht op de blikken van medepassagiers. Ik merk het vaak genoeg als ik op de computer bezig ben aan een stukje. Vanuit mijn ooghoek neem ik dan waar hoe naastgezetenen vanuit hún ooghoek op mijn scherm zitten te koekeloeren. Dat heb ik liever niet als het verhaal in kwestie nog niet klaar is. Een beeldhouwer wil toch ook geen pottenkijkers in zijn atelier?

Laatst was het weer raak. De treinreiziger naast me, ergens achterin de zestig schatte ik hem, wees naar mijn minilaptopje en vroeg of ik mijn ogen niet vreesde te bederven met die priegelige lettertjes.
‘Nee, dáár ben ik niet bang voor, wel voor het idee dat mensen – zoals u – ongevraagd meelezen. Vandaar die minimale tekstgrootte.’
Ik had me altijd voorgenomen om dát te antwoorden als die vraag me werd gesteld, maar op dat moment, toen puntje bij paaltje kwam, opperde ik olijk: ‘Misschien train ik mijn ogen er juist wel mee.’
Hij stiet het lachje des ongeloofs uit. ‘Uhhúh!’

‘Ik kan het beeld wel iets groter zetten, dan is het heus prima te lezen’, bracht ik er tegenin. Ik voelde nu toch heel sterk de behoefte om het voor mijn trouwe laptopje op te nemen. Ik kamde mijn bestandsmappen uit, op zoek naar een tekst die ik zonder schroom aan een vreemde kon laten lezen, en vond een oersaai verslag van een dito werkoverleg. Ik stelde de weergave in op honderd procent.
‘Zo gaat het toch wel?’ Tot mijn ergernis bespeurde ik twijfel in mijn stem.
Mijn buurman wierp een blik.
‘Ja da’s iets beter, maar het blijft toch moeilijk te zien van opzij. Nee, zo’n dingetje is niet geschikt om stiekem van mee te lezen!’, luidde zijn conclusie en hij voegde daar een raspend ‘Huh-huh-hurggggh’ aan toe.
‘Dat was nou precies mijn bedoeling!’, had ik hem moeten toebijten, maar ik lachte slechts schaapachtig mee.

Toen was ons onderhoud kennelijk voorbij, want meneer diepte een puzzelboekje en een pen uit een plastic draagtas op, om vervolgens uiterst geconcentreerd sudoku te bedrijven. Ik ging verder op mijn laptopje. Althans, ik deed alsof, want eigenlijk heb ik, totdat ik moest uitstappen, zitten loeren hoe hij bijna alle cijfers in de verkeerde vakjes zette.

Categorieën: Diversen

7 reacties

lisa-marie · 8 september 2011 op 09:08

Geweldig!! moest er erg om lachen want het is zeker zo en trouwens dat heb ik ook met telefoongesprekken mijn oren gaan zomaar ineens meeluisteren.
nou weet ik het met ogen is dat net zo 😀

arta · 8 september 2011 op 16:03

Ik doe het ook. Meelezen met buren, tegenover-mij-zitters en soms probeer ik het zelfs te doen aan de andere kant van het gangpad. :oeps:
Nouja, wat ik wil eigenlijk wil zeggen is: Goed geschreven, Dacs!

Ferrara · 8 september 2011 op 16:41

Oh wat komt me dit bekend voor. Afluisteren van gesprekken, terwijl jezelf “hevig” verdiept bent in je eigen lectuur, ook zo’n heerlijke bezigheid.
En natuurlijk niet vergeten een bladzij om te slaan.
Goed verhaal.

gast · 8 september 2011 op 18:49

Grappig en herkenbaar. 😀

Mien · 8 september 2011 op 21:12

Heerlijke column. Als het even kan probeer ik ook altijd even de geuren op te snuiven van de krant én de overbuur. Gelijk een [u][b][url=http://zooi.sfynx.nl/fok/viezeman.jpg]vies mannetje[/url][/b][/u].

Mien

sylvia1 · 10 september 2011 op 09:58

Ja,ik heb me ook al vaak bedacht dat ik veel sluikreclame maak voor columnx in de trein. Leuk onderwerp. Een klein punt; ik vind dat je soms te veel uitlegt, uitweidt, waardoor de vaart en humor verloren gaan. Bijvoorbeeld: 1e zin 2e alinea “want dat staat natuurlijk raar”, dat kan in mijn ogen weg.

Meralixe · 17 januari 2012 op 09:38

Goede ogen!!! :hammer:

Geef een antwoord