Opeens heb ik er meer dan genoeg van. Ik smijt de gemeenste hardrock cd die ik vinden kan in de speler en draai de volumeknop helemaal open. Een jankende gitaar knalt zo hard uit de speakers dat onze kat denkt dat de wereld vergaat. Struikelend, met haar oren plat in de nek, snelt ze de trap op. Mijn dochter is met stomheid geslagen. Dit soort muziek mag ze van mij meestal alleen via haar koptelefoon beluisteren. ‘Ik ben het zat!’ probeer ik over de herrie heen te gillen. Feestbeesten pur sang zijn het, onze overburen. Geen gelegenheid laten ze onbenut om, bij voorkeur buiten, een feestje te bouwen. Het bier vloeit er rijkelijk en daar blijft het niet bij, want wat is een feest zonder muziek? Schaamteloos dreinen de Hollandse hits dan dus ook onze woonkamer in, aangevuld met vals zingende mannen en vrouwen die al redelijk in de olie zijn. En het is die combinatie van kwalitatief uitermate teleurstellende muziek en lallende stemmen, die me soms tot waanzin drijft.

Ook vandaag valt er blijkbaar iets te vieren. Aan het begin van de avond begint de geluidsinstallatie naast de voordeur zijn gebruikelijke repertoire uit te braken, terwijl de motregen overgaat in grote druppels. De regen mag de pret helaas niet drukken. Een grote lap felblauw landbouwplastic wordt inderhaast over de hele breedte van de voortuin gespannen. De gasten gieten er nog maar eens een extra pilsje in. Je moet toch warm zien te blijven, nietwaar? Hard meezingen en een beetje naar elkaar schreeuwen – het begrip ‘normale conversatietoon’ is mijn overburen volkomen onbekend – helpt wellicht ook nog bij de innerlijke verwarming, lijken ze te denken.

Uiteindelijk bewerkstelligt de regen wat vijf minuten snoeiharde rock niet lukte. Het blauwe plastic zeil blijkt zo versleten, dat de gasten eronder alsnog natregenen. Ze houden het voor gezien, althans voor deze keer. Voor een paar dagen keert de betrekkelijke rust terug in onze straat. Tot het volgende feestje, althans, want in de afgelopen weken is het huis aan de overkant alvast omgetoverd in een ‘Oranjewalhalla’. Het belooft een rumoerige zomer te worden. En ik beloof niet, dat ik er stoïcijns onder zal blijven.

Categorieën: Maatschappij

Avalanche

Zit nooit om woorden verlegen. http://tekstfontein.com

11 reacties

SIMBA · 7 juni 2010 op 13:31

Ow jee! Arme jij!
Jammer dat je zo ver weg woont anders kwam je gewoon op die feestavonden bij ons in de tuin zitten, heerlijk rustig!

trawant · 7 juni 2010 op 14:03

WAt een ramp, de terreur van de sjonnies..nou dan staat je de komende tijd nog wat te wachten.
Maar gelukkig je klinkt strijdbaar,,sla terug met status quo, metallica, acdc, kiss..alle remmen los!

Prlwytskovsky · 7 juni 2010 op 15:41

Ga je toch gewoon “even vragen” of het ietsje zachter kan? 😉

Welk excuus hebben zij nadat de Oranjekoorts is afgelopen? Tour de Frans?

Mien · 7 juni 2010 op 17:12

Ik zou ze daar eens effe flink klassiek opvoeden.
Bach op volume 20 met de bassen volledig open.
Dat zal ze leren.

Mien

LouisP · 7 juni 2010 op 17:36

Avalanche,

grappig stukje….succes komende weken…..
vooral tijdens de finale met Holland….

groet,

Louis

arta · 7 juni 2010 op 17:37

Of de bolero van Ravel… Die schijnt zó lustopwekkend te zijn, dat de stelletjes algauw richting huis zullen verdwijnen en dan druipen de alleenstaanden ook vanzelf af… 😀

Kwiezel · 7 juni 2010 op 19:24

Fijne buren heb je! Good luck met de tokkies deze zomer!

p.s. hoe is t met je kat? 😉

Fem · 7 juni 2010 op 19:56

Brrrrr…. buren 😕

Sterkte en succes!

Avalanche · 7 juni 2010 op 20:08

Dank voor de tips en het aanbod 😉 Kat is wel wat gewend, Kwiezel.
O, er iets van gaan zeggen is geen optie. Het is niet het slag mensen waar je als vrouw alleen even gaat aankloppen. :toeter:

Anti · 8 juni 2010 op 20:33

Ik ken de frustratie van asociale, luidruchtige buren. Ik zal er binnenkort ook eens column aan wijden, misschien werkt het gedeelde smart is halve smart ook op deze manier. Sterkte!

Patrick · 13 juni 2010 op 23:13

sterke column… Hopelijk geef je toe aan de impuls er niet stoïcijns onder te blijven. Duidelijk en krachtig, het venijn is bijna tastbaar..

Geef een antwoord