We zaten in het vliegtuig, Sylvia en ik. Ons avontuur in de States was voorbij. (*) De Roerdonkse Easyriders ‘were heading home’! Sylvia zat in de stoel naast mij, met haar hoofd tegen mijn schouder. Ze sliep. Haar lange rode haren maakten het plaatje compleet. Het beeld riep herinneringen op aan vroeger, aan mijn eerste ‘date’ met Sylvia.

Zeventien was ik, en ‘it was a very good year.’ Elk weekend ging ik voor een goeie op stap met mijn vrienden. In de regel waren we met een groepje van een man of acht; vijf jongens en drie meiden. We werden overal uitgenodigd, want het was een gezellige club. En zo kwamen we eens op een heel bijzonder feest terecht. Het vond plaats in een gehuchtje bij ons in de buurt. Drie oude langgevel boerderijen vormden als het ware een driehoek met in het midden een plein, beklinkerd met kinderkopjes, afgebakend door grillige knotwilgen. Het geheel zag er prachtig uit en met de ligging tegen de bosrand aan zou het zo voor een schilderwerk van Meindert Hobbema model hebben kunnen staan. In een van de boerderijen woonde een vriend van ons, en die had op het pleintje samen met zijn vrienden een grote feesttent neergezet. Hij vertelde ons dat ze ’s middags volop bezig waren met het opbouwen van de tent, toen zijn vader een kijkje kwam nemen. Met de handen diep in zijn zakken vroeg vader: “Wat gaat hier gebeuren?” “Oh ja pap, we vieren vanavond ons feestje, en we hebben een kleine honderd en vijftig gasten uitgenodigd.” ”Oh,” constateerde pap, draaide zich zonder verder commentaar om, en ging weer naar binnen. Geweldig vonden we dat verhaal.

En het was me een feest. Wat heet, het was overál feest! In de tent, in de boerderijen en in de donkere paadjes tussen de boerderijen. Het miezerde een beetje waardoor er hier en daar wat modderpoeltjes waren ontstaan, maar de feestelijke verlichting zorgde daarentegen voor een welhaast sprookjesachtige sfeer. In de tent op het binnenplein speelden bandjes. Daar was ik dus met mijn vrienden, in die tent. En juist op die avond was er een nieuw meisje met onze club mee gekomen. Ze heette Sylvia. Het was het zusje van een vriend van een vriend en op haar beurt was ze weer de vriendin van Monique. En Monique zat al langer in ons clubje, zodoende. Met haar lange rode haren tot aan haar heupen was Sylvia een opvallende verschijning. Ik wist dat ze iets met paarden had, en dat er met een van die paarden iets aan de hand was geweest. Ik stelde me aan haar voor, en viel gelijk met de deur in huis: “En? Is dat paard van jou al geopereerd?” Wow! Sylvia raakte gelijk van slag! Ze verkleurde en met roodomrande ogen rende ze de tent uit, naar buiten. Ik keek vragend naar haar broer, maar die ging haar meteen achterna. Ik zag hem met haar praten, en weer terugkomen naar ons, in de tent. “Wat was er nou mis met dat paard?” vroeg ik. “Paard? Waarom begin je nou ook net over dat paard van haar? Dat beest hebben we van de week laten afmaken.” ”Shit, hoe moest ik dat weten?” verzuchtte ik. ”Laat ook maar joh. Ze heeft sowieso al te diep in het glaasje gekeken, en dan is ze wat gevoeliger. Maak je niet druk, had ze maar thuis moeten blijven.” Sylvia’s broer draaide zich om, en ging verder met feesten, mij enigszins verbouwereerd achterlatend.

Het zat me toch niet lekker en ik ging naar buiten, naar Sylvia, die op een bankje onder een grote boom zat. Het miezerde nog steeds. “Gaat het weer?” vroeg ik. “Oh, jawel, dank je. Sorry voor daarnet, maar eigenlijk ga ik liever meteen naar huis. Ik heb het helemaal gehad hier. Maar mijn broer gaat niet mee.” “Wil je dat ik je naar huis breng? Zeg het maar,” stelde ik voor. Ze knikte. Ik gaf aan haar broer door dat ik zijn zus naar huis zou brengen. “Ben zo terug,” garandeerde ik. Hij knipoogde.

(*) Zie: Ik wil naar huis. Nu! 11-10-2017

 

 

Categorieën: FictieVerhalen

Thomas Splinter

Verhalen zijn splinters uit mijn onderbewustzijn.

4 reacties

Nummer 22 · 27 mei 2018 op 09:43

Over jeugdliefde(s) en herinneringen altijd mooi om te lezen! Geweldig en vlot geschreven. ‘ Moet die jongen daar met die lange haren ook een kop soep?’, vroeg haar moeder. Ik op mijn Tomos…rond brilletje, langer haar. Tsja….. 6 jaar later als een verloren grote liefde opgelost en nu even terug.
?

    Thomas Splinter · 3 juni 2018 op 19:21

    Voor sommigen inderdaad herkenbaar dit begin, denk ik. Maar de romantiek gaat in het vervolg wel een beetje verloren, denk ik ook. Bedankt voor het volgen van mijn verhaal, en reageren hierop

Arta · 28 mei 2018 op 08:32

Mooie start, Thomas!
Ik ben heel benieuwd naar deel 2!

Geef een antwoord