Pleuro staat voor de hoofdingang van het stadion in Waalwijk. Het is 21 december 2003, anderhalf uur voor het begin van de wedstrijd tussen RKC Waalwijk en Feyenoord. Een portier maakt zich wat breder, niet van plan het dametje naar binnen te laten. “Maar ik ben pleuro”, zegt ze manmoedig. De portier lijkt nauwelijks onder de indruk: “Die van die flauwe column op columniks.en.el?” “Inderdaad! Dat ben ik!”, bekent pleuro. “En als ik je nu niet doorlaat, ben ik het onderwerp van de volgende column?” “Die kans zit er dik in”, antwoordt pleuro, naar waarheid. “En als ik je nu doorlaat, dan blijft dat lot me bespaard?”. De man kijkt alsof ie de meest illustere schrijfster niet helemaal vertrouwt. “Absoluut!”, roept pleuro. “Loop maar door dan”, zegt de portier. “En denk erom: laat ik niet merken dat ik een rol speel in je volgende epistel!” “Ik beloof het”, roept pleuro en geeft de beste man nog een flinke knipoog.
Zo kan het dat pleuro voor het eerst in haar toch al rijke leven een wedstrijdbespreking van trainer Bert van Marwijk kan bijwonen. Net op tijd neemt ze zo onopvallend mogelijk plaats in een hoekje van de kleedkamer. De oefenmeester fronst zijn wenkbrauwen bij het zien van de nieuweling, maar zegt niks. Het komt vaker voor dat er wildvreemden in de kleedkamer zitten. Meestal blijken het spitsen zonder voortanden en met één of zelfs twee manke benen, die door Rob ergens in de Japanse zevende divisie zijn gescout Bert kucht en begint aan de bespreking. Terwijl pleuro de benen van de spelers nog eens even goed van dichtbij bestudeert voor ze begint te notuleren
“Heren… We gaan vandaag volgens een nieuw systeem spelen!”, roept Bert monter. “O?”, roept Kuyt verbaasd. “Gaan we proberen te winnen?” Meteen daarna kijkt de ex utreg speler vernietigend naar de druk schrijvende pleuro. “Als je het waagt om dit in je column te zetten, heb je een serieus probleem!” Bert klapt enthousiast in zijn handen en vervolgt zijn verhaal: “Gezien de ervaringen van de laatste weken, lijkt het me niet onbelangrijk dat iedereen weet wie op welke positie speelt.” Bert verdwijnt bijna in zijn geheel in een linnen tasje en vindt naast zijn boterhamzakje en zijn appel wat hij eigenlijk zoekt. Hij toont de spelers een schaakbord en drukt het liefkozend tegen zijn brede trainersborst. “Even voor de Japanse delegatie… Dit hier noemt men in het Nederlands een schaakbord”.
Ono glimlacht en vult aan in zijn eigen Nederlands: “sushi voor de schaak”. Bert laat de spelers één voor één de genummerde vakken op het bord zien. “Ik geef jullie allemaal een positie. Lodewijks speelt tussen C1 en F1. De ruimte op D2 en E2 mag je gebruiken in geval van nood”. De keeper denkt het te snappen: “Voor als ik moet poepen dus?” De trainer glimlacht, blij dat zijn eerste keeper de nieuwe tactiek begrijpt. “Maak je niet druk om ballen of spelers die op je afkomen, dat doe je anders ook niet.” Lodewijks knikt. Hij weet wat hij moet doen. “Swerts speelt op G2, G3, H2 en H3. van Haaren neemt E2, E3, F2 en F3. Gyan… Voor jou geldt hetzelfde als voor van Haaren: C2, C3, D2 en D3 zijn jouw terrein! Mocht je per ongeluk een bal afpakken, ros hem dan dom naar voren, daar hebben we je voor gekocht.” De donkere verdediger kijkt zijn trainer aan. Hij lijkt in de war. “En wat als Lodewijks zit te poepen op D3?” Bert kijkt op zijn horloge en is geërgerd over zoveel onbegrip. “Dan hijs je zijn broek op. Dat is teamspirit! En denk erom allemaal… Voetbal is hetzelfde als schaken. Je doet een zet, de tegenstander doet een zet, net zolang totdat een van beiden wint. Het maakt niet uit of het er een beetje leuk uit ziet, het resultaat is het enige dat telt!”
Het is op dit punt ongeveer dat pleuro indommelt. Ze droomt van de gouden doelpunten van Pierre van Hooijdonk en de gouden benen van Anthony Lurling. Het is al bijna tijd als de spelers wakker schrikken. Het notitieblok van pleuro is op de betonnen vloer gevallen. Spelers knikken en roepen dat ze het begrepen hebben. Schaken moeten ze! Zo langzaam mogelijk en liefst zo min mogelijk bewegen! Lodewijks mompelt nog voor ze de kleedkamer verlaten dat hij zo nodig moet poepen en dat ie niet begrijpt dat de mensen zeggen dat ie als een drol staat te keepen. Dit kan niet misgaan! In de gang lopen de spelers nog de voorzitter tegen het lijf. “Gouden tip van mij”, fluistert Jorien tegen zijn twee centrale verdedigers. “Wat die Bert ook zegt… Laat die Hoogendorp, maar lekker lopen. Da’s echt helemaal niks.”

Categorieën: Sport

0 reacties

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder