Iedereen die een vreemde taal heeft geleerd weet dat dat wat het meeste tijd kost niet het leren van de regels is, maar van alle uitzonderingen op die regels. Uitzonderingen in grammatica, schrift, uitspraak, woordbetekenis, het duurt vele jaren voordat het allemaal een beetje op zijn plaats begint te komen. Ook het taalonderwijs op middelbare scholen is verre van perfect. Als ik mijn rapportcijfers van toen bekijk lijkt het duidelijk dat ik geen talenknobbel heb. De werkelijkheid is echter anders, want ik spreek nu vloeiend Frans en Engels, en niet vloeiend maar wel heel goed Duits en … Esperanto. Hoe heb ik me die talen meester gemaakt? Voor Engels, Frans en Duits is de basis gelegd op school. Daarna ben ik aan het werk gegaan bij internationale bedrijven, waar ik de hele dag klanten in al die talen te woord stond. Het kwam zelfs regelmatig voor dat ik tegelijkertijd Frans sprak tegen een klant, het geval in het Nederlands besprak met een collega, en ondertussen aantekeningen maakte in het Engels. De perfectionering van die talen was een moeizaam prcoes dat vele jaren van regelmatig gebruik vergde. Frans is duidelijk mijn sterkste vreemde taal, maar hoe kan het ook anders want heb ik ook meer dan zes jaar in La Douce France gewoond en gewerkt.

En Esperanto? Dat heb ik in één week geleerd aan de hand van een online cursus. Het begint met het Esperanto alfabet dat iets afwijkt van het standaard Romijnse alfabet: de Q, W, X en Y bestaan niet, maar er zijn ook wat extra letters, een C, G, H, J en S met dakje en een u met een omgekeerd dakje. De uitspraak van sommige letters is ook wat anders dan in het Nederlands. C is “ts”, G is als in het Engelse “go”, Gx is “dzj”, Hx is een oerhollandse “ch”, Jx is “zj”, Sx is “sj” en de V wordt als “w” uitgesproken. Verder zijn alle klinkers altijd kort: A als in “dak”, E als in “gek”, I als in “riet”, O als in “hok”, U als in “doek”, EUx als “deuk”, en AUx als “lauw”.

En dan komen de vijf krachten van Esperanto waardoor deze taal zo verschrikkelijk snel te leren is:
1) Fonetisch schrift zonder enige uitzondering.
2) Simpele grammatica zonder enige uitzondering.
3) Basiswoorden uit alle Europese talen zodat iedereen een mooi aanknopingspunt heeft.
4) Geen synonymen of homonymen dus voor elke betekenis één woord en vice versa.
5) Woordrijgen waardoor je met een basisvocabulair van 2.000 woorden al een totale woordenschat van meer dan 20.000 woorden hebt.

Elk woord bestaat uit een stam. De stam geeft een betekenis, de uitgang geeft aan wat voor soort woord het is:

-o = zelfstandig naamwoord enkelvoud onderwerp
-oj = z.n. meervoud o.w.
-on = z.n. e.v. lijdend voorwerp
-ojn = z.n. m.v. l.v.
-a = bijvoegelijk naamwoord e.v. o.w.
-aj = b.n. m.v. o.w.
-an = b.n. e.v. l.v.
-ajn = b.n. m.v. l.v.

-i = werkwoord inf.
-as = w.w. o.t.t. (ik fiets)
-is = w.w. o.v.t. (ik fietste)
-os = w.w. o.t.t.t. (ik zal fietsen)
-us = w.w. o.v.t.t. (ik zou fietsen)
-u = w.w. gebiedende wijs (ik moet fietsen / fiets!)
(vervoeging is het zelfde voor 1e, 2e en 3e persoon, enkelvoud en meervoud)

Stammen kan je aanelkaar rijgen om betekenissen te combineren. Voorbeeldje, “dika” is “dik”, “ulo” is een persoon met kenmerk zoals beschreven door de overige woordstammen, “mala” is “het tegenovergestelde van”, “ina” is vrouwelijk, “isto” is iemand die werk doet gespecifieerd door de andere woordstammen, “igxi” is worden, en “igi” is maken. Zeven woordjes, en wat kunnen we daar allemaal mee maken? Dika (dik), diko (dikte), maldika (dun), maldiko (dunheid), dikulo (dikkerd), dikulino (dikke vrouw), maldikulo (mager persoon), maldikulino (magere vrouw), dikigi (dik maken), dikigxi (aankomen), maldikigi (dun maken), maldikigxi (afvallen), en de klap op de vuurpijl… een maldikigistino is een diëtiste (een vrouwelijk persoon die werk gemaakt heeft van het dunner maken). Dat zijn er al 13 maar de lijst is nog lang niet uitgeput.

Voeg nu nu een willekeurig achtste woord aan je woordenschat toe, bijvoorbeeld “ricxa” (rijk), en je daadwerkelijke vocabulair verdubbelt. Je kan er ook verrassende dingen mee doen. Een “auxto” is een auto, “auxti” is autorijden, en een “auxtisto” is geen autist, maar een chauffeur. “Arbo” is niet de arbo-dienst, maar een boom, en een “arbaro”, letterlijk een verzameling bomen, is een bos. Een “vorto” klinkt misschien wel als een wortel maar het is een woord, en een “vortaro” is een verzameling woorden: een woordenboek. “Verkoj” zijn de werken zoals in “de werken van Multatuli”, en een “verkisto” is een schrijver. Een “libro” is een boek, een “libraro” is een verzameling boeken, een “librejo” is een bibliotheek en een “librujo” is een boekenkast. Er zijn ook enkele leuke aha-erlebnissen, zo heb ik lang staan staren op het woord “frauxlo” wat “vrijgezelle man” betekent. Totdat ik opeens de link zag tussen “frauxlino” en het Duitse “Fräulein”. En wat is een ziekenhuis? Hospitalo? Nee, malsanejo, letterlijk een plek (gebouw) waar zich ongezonden bevinden.

Nog één leuk voorbeeld: dierennamen. Neem in het Nederlands rund, koe, stier, kalf, koestal: bovo, bovino, virbovo, bovido, bovejo. Of wat dacht je van hoen, hen, haan, kuiken, ren? Koko, kokino, virkoko, kokido, kokejo. Hond, teef, reu, pup, kennel? Hundo, hundino, virhundo, hundido, hundejo. Schaap, ooi, ram, lam, kooi? Sxafo, sxafino, … Duif, vrouwtjesduif, doffer, duivenjong, til? Kolombo, kolombino, … Probeer dat maar eens in willekeurig welke andere taal, dat zou flink wat rijtjes stampen vergen.

Esperanto is al meer dan 100 jaar geleden uitgedokterd door de Poolse Dr. Zamenhof, dus het zal wel oubollig zijn, toch? Niet dus, de taal gaat nog steeds met zijn tijd mee door de ongekende modulariteit. Informadiko is informatica (informatiewetenschap), een informadikisto is een IT-er, een komputilo is een computer (rekengereedschap), en ttt is het www (tutterreto, het wereldwijde netwerk). Wereldwijd zijn er zo’n twee miljoen mensen die het spreken, en dat zijn zeker niet allemaal geitenwollensokkentypes. Esperanto is zelfs bezig aan een flinke opkomst ondanks de alomaanwezigheid van het Amerikaans Engels. Er zijn plannen om binnen de Europese Comissie Esperanto in te zetten als neutrale pivoteertaal. Door alle stukken eerst in het Esperanto te vertalen en vervolgens vanuit het Esperanto in de meer dan 20 overige Europese talen wordt het aantal nodige vertalers en vertaalslagen drastisch verminderd en worden vertaalfouten beperkt. Ook veel automatische vertaalsystemen (denk aan Google) gebruiken Esperanto op deze manier.

En ook in China is het nut van Esperanto bewezen, ondanks dat het een Europa-centrische taal is, of eigenlijk juist dankzij dat feit, namelijk als brug naar andere Europese talen. Er is daar een test gedaan door op bepaalde scholen niet twee jaar Engelse les te geven, maar één jaar Esperanto gevolgd door één jaar Engels. Het bleek dat de Esperanto-leerlingen na die twee jaar het Engels veel beter machtig waren dan zij die twee jaar Engels hadden gehad, en daarnaast spraken ze natuurlijk ook Esperanto.

Wanneer ga jij Esperanto leren? [i]Esperanto vere estas facila lingvo ke cxiu povas lerni senpene.[/i]


9 reacties

Bitchy · 30 maart 2009 op 12:21

Je kennis van de taal Esperanto komt goed naar voren, maar het voelt voor mij aan als een *online cursus*.

Je zou het dan wel weer kunnen opsturen naar scholen, om ze te overtuigen van het feit dat ze deze in haar lespakket op moeten nemen.

Albantar · 30 maart 2009 op 14:54

[i]Dankon pri viaj komentoj.[/i] 🙂

Het idee was om in een kort artikel duidelijk te maken hoe makkelijk het eigenlijk is. En zeggen dat het makkelijk is is niet voldoende, dan krijg je het effect van die reclame voor die mini-pizza’s: “ja, geloof je het zelf?”.

Ik zie nu trouwens dat ik hem best wel wat beter had kunnen proofreaden voor ik hem instuurde want er staan een paar domme stijlfoutjes in en hier en daar een onafgemaakte zin. Dom. Volgende keer beter. 🙂

Mien · 30 maart 2009 op 18:01

Een 10 voor het Esperanto en een magere 6 voor de column.

Mien Juf

pally · 30 maart 2009 op 18:17

Ach, Albantar, wat een talenmens ben jij! En hoewel als column niet zo geslaagd vind ik jouw enthousiasme en het willen uitdragen van die taal, heel leuk. Overigens is het idee van een geconstrueerde taal natuurlijk prima.
Ik heb ooit op CX een column geschreven :’Truffeltante’, die ging over een speciale tante die net als jij Esperanto kende en in die taal correspondeerde in de 50-er jaren. (Al noemde ik dat aspect niet)maar jouw stuk bracht me even terug in het verleden.Thanks!

groet van Pally

Albantar · 30 maart 2009 op 19:59

Er is dus nog ruimte voor verbetering 😉

Mien · 31 maart 2009 op 00:46

Absoluut, bij deze ontvangt u absolutie. 😉

O ja en hier is de verwijzing naar de column van Pally:

[b][url=http://examedia.nl/columnx/modules/news/article.php?storyid=5588]Truffeltante[/url][/b]

pally · 31 maart 2009 op 09:58

Erg bedankt voor de service, Mien! :kus:Pally

Albantar · 31 maart 2009 op 11:59

Ik heb dat stukje “Truffeltante” gelezen. Leuke mensen zijn dat, die excentriekelingen. Gelukkig maar dat ze er zijn, anders zou het leven maar wat saai zijn.

Het Nederlands is trouwens ook een geconstrueerde taal. Toen er voor het eerst een Nederlandse (of eigenlijk Nederduitse) Bijbelvertaling werd gemaakt, wilden de monniken die die vertaling schreven ervoor zorgen dat deze door zoveel mogelijk mensen begrepen zou worden. Zij maakten dus een mengelmoes van alle Hollandse dialecten. Dit mengdialect werd later de voertaal in Holland en is de voorloper van ons huidige ABN.

Neuskleuter · 31 maart 2009 op 22:02

Ik sluit me aan bij de online cursus van Bitchy. Misschien had dit verhaal juist op een andere manier beter kunnen werken: door bijvoorbeeld het verhaal (zonder de complete cursus!) eerst in het Esperanto te plaatsen, met daaronder een Nederlandse vertaling. Dan laat je zien hoe makkelijk het is, in taal, met de nadruk op je verhaal. Het lijkt me inderdaad niet al te moeilijk, maar ik heb het hele grammaticale gedeelte overgeslagen omdat het op deze site beslist niet mijn interesse is.

Enneuh, ik schrijf nog altijd in Romeinse tekens, in plaats van Romijnse… 😉

Misschien kan je het de volgende keer leuker maken! Want het onderwerp is zeker al boeiend! 😀

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder