Een treinreis ergens in Azië. Noodgedwongen zitten we in de derde klas. De bankjes voelen zo hard als beton en het lawaai is enorm. Alle dingen die we normaal in de trein doen om de tijd te doden, worden ons onmogelijk gemaakt. We wanen ons in de kliniek van Vanessa, bij gebrek aan goede schokdempers worden we namelijk als gekken door elkaar geschud. Slapen of lezen wordt moeilijk. Wie bij deze trillingen nog ontspannen zinnen kan ontcijferen is een held. Ik wil m’n mp3-speler pakken, lekker muziek luisteren en ontspannen naar buiten kijken. Zo heb ik dat tijdens alle voorgaande reizen gedaan. Nu heeft het geen zin, deze herrie overstemt zelfs de ruigste nummers. Lekker kletsen over onze vreemde medepassagiers is er ook niet bij, we zouden een megafoon nodig hebben om ons verstaanbaar te maken.

Als ik met een tissue over mijn gezicht wrijf (ik heb in de afgelopen weken wel geleerd dat het onbegonnen werk is om je enigszins zweetvrij te houden, maar toch waag ik soms nog pogingen), blijkt het smetteloze wit te zijn veranderd in een bruinrode tint. Ik zit onder het stof. In de derde klas maakt men gebruik van de natuurlijke airco: om nog een beetje verkoeling te krijgen staan alle ramen allemaal open. Voor de verfrissing is het fijn, vervelend is wel dat je tegelijkertijd gezandstraald wordt. We worden al z’n half uur aangestaard door een ouder echtpaar. Ik heb trek, maar het enige dat in onze rugzakken zit zijn oude chips.

Dit lijken dé perfecte ingrediënten om eens goed chagerijnig te worden. Maar ik geniet! Met volle teugen. Het uitzicht is geweldig: rijstvelden, jungle, palmbomen. Dit is weer eens wat anders dan weilanden met koeien. We stoppen bij stations met namen die klinken als gerechten die we hier tegenkomen op de menukaarten. Schoolkinderen in uniform stappen in. Ze lachen en praten in de taal die voor mij nog steeds niet te ontcijferen is. Ik zie buiten boeren die hun koeien uitlaten op zoek naar een grasveldje. Kinderen spelen langs het spoor. Een man op een motor wacht bij een overgang. Ik zwaai, vrolijk zwaait hij terug. Ik wil tegen D. zeggen dat dit weer een van de geluksmomenten van onze reis is. Ik weet dat ze me door het lawaai toch niet zal verstaan, dus zeg ik het tegen mezelf. Dit is geluk.


15 reacties

WritersBlocq · 20 januari 2006 op 11:22

Jeetje wat schrijf jij gaaf! Van mij had het tissue-stukje tussen haakjes weg gemogen en een naam, van mijn part verzonnen, leest prettiger dan D.
Maar ik reed met je mee, helaas maar een klein stukje, tot het snertstation, dat heet naar de soep die ik straks ga oplepelen.
Complimenten dus, en o ja, welkom hier!
Groetje, Pauline.

Raindog · 20 januari 2006 op 11:54

Goed geschreven hoor, daar niet van. Maar gezien het feit dat het een reisverhaal is mis ik geloof ik iets. Dat komt pas aan de orde bij de laatste alinea die tegen het slot zozeer gaat over je eigen persoonlijke beleving van het al. Als verstokte niet-reiziger zou het voor mij nu juist zo mooi zijn geweest als ik de rit met je uit had kunnen zitten. De praktijk is dat ik in de laatste alinea vervroegd ben uitgestapt en gewoon weer op m’n burostoel ben gaan zitten.

DriekOplopers · 20 januari 2006 op 12:02

Doet mij erg denken aan een reis per trein die ik door Sri Lanka heb gemaakt, niet lang voor de tsunami. Was een erg indrukwekkende belevenis, en niet comfortabel. Mooi neergezet!

Dank voor deze herbeleving!

Driek

Trukie · 20 januari 2006 op 13:17

Aziatische treinen geven oneindig veel stof om over te schrijven. Jammer dat je zo veel weggeveegd hebt met je tissue. Als je de inhoud van de laatste alinea als roodbruin stof over je klammige lijf had verspreid, zou het voor de lezer denk ik een beleving zijn geworden.
Maar toch een leuke column om te lezen.
Ik zie uit naar de volgende.

Dees · 20 januari 2006 op 13:26

En daar zijn de reiskriebels weer! Van begin tot eind overigens, de rode stof en de zintuiglijke waarnemingen in de laatste alinea. En het geluk.

Mooi stuk!

Mup · 20 januari 2006 op 13:49

[quote]Maar ik geniet! Met volle teugen.[/quote]

Ik ook:-)

Ayo Mup.

Troy · 20 januari 2006 op 13:58

Normaal heb ik weinig met reisverhalen van anderen, maar deze column was meer dan prettig om te lezen. Goed geschreven!

Outsider · 20 januari 2006 op 15:02

Ik heb altijd een grote tegenzin gehad in reizen, maar als ik dit lees zou ik er bijna zin aan krijgen.

Mosje · 20 januari 2006 op 17:20

Ben het met alle voorgaande reagenten eens. Mooi geschreven. Maar het allerlaatste zinnetje is wel erg theatraal. Om die woorden te rechtvaardigen had je nog veel meer moeten uitpakken. Maar goed, de rest van het stukje smaakt naar meer.

Li · 20 januari 2006 op 20:28

Heerlijk reisverhaal.
Meer?:-)

Li

Emkawoman · 20 januari 2006 op 23:00

Mensen, bedankt voor jullie reacties! Voel me helemaal gevleid door alle positieve opmerkingen. Dit is mijn eerste column op deze site (had ‘m eerder al op m’n weblog gezet) en wist niet precies wat ik kon verwachten aan commentaar. Maar jullie hebben me enthousiast gemaakt om meer te gaan schrijven!

Ma3anne · 21 januari 2006 op 09:29

Mooie sfeertekening en door de manier van schrijven, beleef je het als lezer mee.

Ja, doe mij maar meer van deze koek. 🙂

Chantal · 21 januari 2006 op 10:10

[quote]Dit is geluk[/quote]

Gave column!

[quote]Maar jullie hebben me enthousiast gemaakt om meer te gaan schrijven![/quote]

Zeker doen 😀

melady · 21 januari 2006 op 12:30

[quote]we zouden een megafoon nodig hebben om ons verstaanbaar te maken.[/quote]

Ik pak de megafoon en roep: WELKOM.

KawaSutra · 22 januari 2006 op 05:32

Ik geniet met je mee. Geluk bestaat, als je het maar wil ervaren.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder