Met de fiets aan de hand schuifelt meneer Blooper over het trottoir. Meneer Blooper gaat naar het zwembad. Op zijn bagagedrager ligt zijn tasje met handdoek en zwembroek. En een stukje zeep voor na het zwemmen want je haar wordt zo stug van al die chloor. Niet dat meneer Blooper nog veel haar heeft. Verre van dat, meneer Blooper bezit welgeteld zestien krakkemikkige haartjes op zijn roze schedel. Dat stukje zeep is belangrijk voor meneer Blooper en hij heeft vanmorgen drie keer gecontroleerd of het wel in zijn tas zat..Want je moet douchen na het zwemmen.Dat hoort zo. Meneer Blooper wil niet dat de mensen hem nawijzen als hij zonder te douchen het zwembad verlaat. Dat de mensen dan zeggen; hé kijk, daar gaat die viespeuk weer. Die wast zich nooit na het zwemmen.

Vroeger had hij nooit zin om te zwemmen maar op de radio hoorde hij dat bejaarde mensen te weinig bewegen en daarom aan teveel vetzucht lijden. Hij weet nog heel goed wat die dokter op de radio zei. “Alsjeblieft lieve bejaarden, ga meer bewegen voor uw eigen bestwil. Ga zwemmen of zoiets”
Vooral dat “lieve” deed het hem. Zoveel vriendelijkheid had meneer Blooper al een tijd lang niet gehoord. Dus nu gaat hij zwemmen. Omdat de dokter het wil en wie spreekt er nou een dokter tegen?
Jammer genoeg hoort hij na een kwartiertje stevig fietsen een secondenaanhoudend pffffffffffffft, en hij weet meteen dat het hier om een lekke band gaat.
Nou ja, dan maar lopen. Zou dat ook goed zijn tegen vetzucht? Daar moet meneer Blooper lang over nadenken. De dokter had daar niets over gezegd. De dokter had alleen gezegd: ga alstublieft zwemmen of zoiets.

Intussen heeft hij het zwembad bereikt en zorgvuldig zet hij zijn fiets op slot. Daarna gaat hij naar binnen. Tjongejonge, wat is het hier verandert, denkt meneer Blooper Hij vraagt aan de mevrouw achter de kassa een kaartje waarna hij opgewekt maar moe van het slepen met die fiets, het badhokje opzoekt.
Hij grabbelt in zijn tas naar zijn zwembroek en verstart plotseling in zijn beweging. Het gelaat van meneer Blooper wordt asgrauw. Zijn zestien haartjes gaan rechtop staan en zweet parelt langs zijn oksels naar beneden. Verwildert speuren zijn uitpuilende ogen het kleine hokje af. Het hokje dat steeds kleiner lijkt te worden. Seconden worden uren.Vertwijfeld kijkt hij naar boven en daarna zakt hij op de knieën en graait in paniek met zijn handen onder bankje dat bedoelt is om zijn kleding op te leggen. Paniek !.Het zal toch niet waar zijn. Hij vindt niet wat hij zoekt. Met wilde bewegingen graait hij nog eens in zijn tas in de hoop het gezochte alsnog te vinden.

Plotseling wordt het gezicht van meneer Blooper helemaal paars. Wild grijpen zijn kromme reumatische vingers naar zijn keel. Lucht! Er zou toch lucht moeten zijn, denkt hij. Een gedachte die duidelijk aangeeft dat aan het analytisch vermogen van meneer Blooper niets mankeert. Het is wel de laatste gedachte want het hart van meneer Blooper heeft het begeven en met een middelhart plopgeluid zakt hij op de grond. Zijn beentjes passen net onder het bankje in het te kleine badhokje.Alsof het er voor gemaakt is.Het tasje valt door de wilde bewegingen van zonet van het bankje en met een eveneens middelharde plop stuitert het stukje zeep waar de heer Blooper zo naarstig naar zocht naast hem op de grond.

Nadat het eerst een paar keer op en neer stuitert blijft het eindelijk stil liggen.precies naast zijn hoofd. Duidelijk in het zicht zodat iedereen nu kan zien dat meneer Blooper voor zijn overlijden geen viespeuk was. Hij had immers een stukje zeep bij zich….?


5 reacties

wendy77 · 24 november 2005 op 13:06

Ik vind hem leuk!!

Behalve dat je eerst zei dat hij naar zijn zwembroek zocht en het daarna om een stukje zeep blijkt te gaan 😉

Li · 24 november 2005 op 15:12

Sorry hoor, hoe zielig ook, ik moet erg om je column grinniken. Vooral om dat middelhart 😕 plofgeluidje…

Die zestien haren doen me, op de één of andere manier, aan Lambiek denken.

Li

Ma3anne · 25 november 2005 op 09:15

Er zit een ondertoontje in deze column dat me niet zo bevalt. Een te kinderlijk woord- en zinsgebruik misschien voor het verhaal over een oude man?
Het lijkt of je over een kleuter schrijft. Oude mensen zijn geen kleuters, weet je…

Maar misschien heb je het bedoeld als kinderverhaaltje en dan is het best goed geschreven.

Tis dus maar hoe je het leest…. 😀

Lieve · 25 november 2005 op 10:02

Ma3, je slaat de spijker op zijn kop.Juist daarom heb ik het zo geschreven. Om reden dat er altijd op zo een kindelijke manier tegen ouderen wordt gesproken.

Mup · 25 november 2005 op 13:33

Dan zal de naam voor meneer ook met de manier van je schrijven te maken hebben, ik vond de naam minder geschikt, dacht dat het om een ironisch stukje zou gaan. En ja, helaas wordt er veel zo tegen ouderen gesproken,

Groet Mup.

Geef een antwoord