Ineens ben ik wakker. Ik geloof dat ik zojuist een knorretje hoorde uit mijn eigen neus. Aan de cynische blik van de man naast me heb ik genoeg. Maar toch moet hij het met zijn opgetrokken neusje nog eens uitspreken.
“Je snurkte.”
“Was het ritmisch, of moet ik nog even oefenen?”
Zijn dodelijke blik raakt een vogel die prompt de propeller invliegt. Het had zo mooi kunnen zijn. Zeven uur geleden stond ik in de rij voor de incheckbalie. Dat duurt zo lang, dat mijn dwalende ogen regelmatig de zijne passeerden. Bruin. En mijn groen-grijze ogen. Ik weet nog steeds niet of ze meer groen of grijs zijn, net zomin als ik weet welke kleur afvalcontainer dinsdag aan de weg moet, of welke kleur stroom ik moet nemen. Het doet toch hetzelfde als je de stekker in het contact steekt. Vonken.

In de vertrekhal kom ik hem weer tegen. Dat jasje. Ik val op mannen met jasjes. Mits ze het goed staan. En dan dat lekkere bruine woelhaar op zijn mooie hoofd. Hoe hij rustig een warme chocolademelk drinkt, terwijl ik hyper van de vakantiekriebels mijn derde cappuccino achterover sla.

En dan, in het vliegtuig, zit ik naast hém. Nee, niet die mooie man met zijn prachtig bruine ogen, waarin ik het haardvuur wil zien schitteren als we samen met een wijntje en brie op de bank zitten. Maar hém. Diezelfde man, over 40 jaar. Voor elke haar minder heeft hij een onsje meer. Zelfs zijn hoofdhuid rimpelt mee als hij met al zijn kinnen een gelatinepudding imiteert. Ze blijven meeklotsen als hij praat, net als seks op een waterbed. Minstens zo fascinerend, maar veel minder plezierig.

Toch probeer ik vriendelijk een gesprek aan te knopen.
“Goedemorgen.”
“Maar het is avond.”
“U drinkt ontbijtdrank, dus ik neem aan dat u net wakker bent.”
De man zegt niets en staart heel geconcentreerd naar de folder van onze maatschappij. Avondhumeur. Maar dan heb ik het door. Mijn neus als eerste. Deze enorme kinnenkwab naast me weet geuren te produceren die Friese boeren én schapen afgunstig maakt. Maar het blijft niet beperkt tot zijn darmkanaal. Al gauw klotst het zweet als gebroken vruchtwater over mijn stoel, het gangpad in. Vliegangst. Ik durf niets meer te zeggen. Nog even en hij kotst voor de show mijn hooggehakte laarzen vol.

Ik kijk naar het mooie donkere haar van de jasjesman, vier rijen voor me aan de andere kant van het gangpad. Hij kijkt om en geeft een bemoedigend knikje. Er is nog hoop. Ik houd het nog wel even vol. En we zijn nog niet eens in het luchtruim.

Ik was in slaap gevallen, maar ik ben weer klaarwakker. Ik heb energie teveel. Het kriebelt. Niet alleen door jasjesman, die even zwaait. Hoewel mijn lenige lijf veel kan verdragen, is ruim vijf uur origami in een vliegtuig echt teveel van het goede. Ik kan geen houding meer vinden waarbij mijn benen niet in contact komen met mijn nek. Lopen lukt niet, zelfs als ik Kinnenkwab met een lapdance zou passeren. Dus sluit ik mijn ogen weer. Luister naar de muziek van mijn mp3-speler. En trommel er lustig op los met mijn vingers op het uitklapbare tafeltje. Tot ik mijn buurman weer ruik. Heel expliciet dit keer.

Als ik dan toch, uiteindelijk, na 6 uur en 47 minuten het vliegtuig uitstrompel, komt de frisse moed op me afwaaien. De man met de bruine ogen loopt naar me toe. Ik zou zo graag eens door zijn haar woelen. We spreken tegelijk:
“Hhhhoi….!”
“Vader!”
We staren elkaar aan en hij wendt zich weer naar Kinnenkwab.
“Wat een reis hè, jammer dat we niet naast elkaar konden zitten. Zat er nog een gezellig iemand naast je?”

Ik spurt naar de bagageband en hoor nog net een cynisch knetterscheetje achter me. In stereo.


11 reacties

Avatar

SIMBA · 9 maart 2008 op 12:14

[quote]Maar hém. Diezelfde man, over 40 jaar. [/quote]
En dan dat einde!! 😆
Leuk verhaal NK!

Avatar

pally · 9 maart 2008 op 14:03

Het is leuk geschreven, NK, maar ik begrijp het verhaal toch niet helemaal. Wie is wie? Een willekeurige passagier en je vader met wie je reist?

groet van Pally

Avatar

Mosje · 9 maart 2008 op 23:50

Neuspeuter, hij is erg leuk 🙂
(en ik wil nooit naast je zitten)

Avatar

Bitchy · 10 maart 2008 op 05:19

[quote]Lopen lukt niet, zelfs als ik Kinnenkwab met een lapdance zou passeren.[/quote]

Opeens zag ik voor me hoe je Kinnenkwab met een lapdance zijn vliegangst zou laten vergeten!

Schitterend verhaal! 😆

Avatar

Fem · 10 maart 2008 op 08:07

😀 dat knorretje ken ik, heel vervelend om van jezelf wakker te worden…. 😆

(en een goede reden om een reispartner te vinden die je op tijd wakker maakt)

Avatar

Dees · 10 maart 2008 op 08:40

Volgende keer moet je nog veel harder snurken dus, stankpreventie 😀

En… kinkwabben, gebrek aan humor zijn net zo erfelijk als darmproblematiek en angstig gebeuren. Maw, good riddance.

Vind het een erg leuk verhaal, begin een beetje fan van je verhalen te worden (en dat met maandagochtendgalhumeur).

Ciao,

D.

Avatar

DreamOn · 10 maart 2008 op 17:05

Met plezier gelezen, Neuskleuter!

Groetjes DO.

Avatar

KawaSutra · 10 maart 2008 op 21:45

Ik vind hem ook heel leuk en goed geschreven. Laat die radertjes eens werken Pally!!! 😀

Avatar

trawant · 11 maart 2008 op 00:01

Zo vader zo zoon Neuskleuter..
Maar dat duurt nog 40 lange gelukkige jaren.
En tegen die tijd heeft bij jou het kleuterige ook wel plaats gemaakt voor het kreukerige.. 😉
Dus wat let je.
Leuk verhaal !

Avatar

senahponex · 11 maart 2008 op 09:02

[quote]Hoewel mijn lenige lijf veel kan verdragen, is ruim vijf uur origami in een vliegtuig echt teveel van het goede[/quote] 😆 😆
ijzersterke column

Avatar

LadyDaan · 23 maart 2008 op 22:58

Top column!
Ik begrijp dat er hier een maandcolumn gekozen wordt? Deze mag van mij op de nominatielijst!

Geef een antwoord