Nadat hij zijn eten ophad, plofte hij zijn achterste parmantig op de bank en ging hij zich, af en toe guitig grijnzend naar de baas, gelijk een sfinx zelfgenoegzaam wassen. [img]http://62.197.135.69/columnx/pics/witje.jpg[/img]

Je kon hem gewoon oppakken en op zijn buik kussen, of zijn voetkussentjes strelen en zelfs ‘nagel tegen nagel’ in elkaar gehaakt was mogelijk. Je kon tegen hem praten: als ik tijdens een slechte zomer, terwijl hij droef en vragend bij het raampje zat omdat hij eigenlijk toch zo graag naar buiten wilde zei: “Ja Witje, is buiten koude natte speele de speel, is Hollandse zomer despeele de speeeel”. Dan keek hij mij vragend en teleurgesteld met zijn gouden en zijn saffierblauwe oog aan, en zei hij: “Hhhuuu ?”. Alsof hij zeggen wilde: Hè ? Hollandse zomer ? Wat maak je me nou ? In wat voor land woon jij eigenlijk ? Als ik `s ochtends te lang uitsliep, wilde hij wel eens wekcommando`s geven. Ik heb wel eens tegen hem gezegd dat hij daar niet mee moest overdrijven. En weet je wat? Hij was zo redelijk daar ook nog gevolg aan te geven ! `s Nachts was één pupil smaragdgroen en één rood van het soort dat zich niet laat beschrijven. Nooit zal ik vergeten dat hij, toen ik met mijn vader aan het klussen was en mijn pa voorlangs de bank liep, zei op bevestigende toon: “jjaa”. Mijn vader antwoordde: “Ja, okay jongen, fijn bedankt, ja! hahaha”. Vier jaar deed ik erover om hem en mijn huis weer helemaal vlooienvrij te krijgen. Hij was namelijk’ geplaatst’ bij mij. Zijn oude bazin was knettergek en haar huis diende als ‘opvang en doorplaatslager’ voor honden en katten. Ik mocht hem zo meenemen. Een derdehandsje zogezegd, met een licht kreupel voorpootje. En de buren maar vragen; hoe kom je toch aan die mooie kat ? Ja, ja, deze American breed – kruising tussen een Turkse angora en Noorse boskat – was de mooiste,liefste, en intelligentste poes van heel Weesp e.o.
Toen ik de boel net vlooienvrij had ging hij dood. Al een paar weken at hij slecht en ik dacht nog dat het aan het eten lag. Je mocht zijn buik niet meer aaien. Soms zat hij ineens heel eng te hoesten, blaffen bijna, maar dat was toch al langer ? Hij ging zich minder en minder voor kammen interesseren. Ooit was dit toch een routine die we samen al was het een Russisch ballet tot in de perfectie beheersten. En als je er dan genoeg van had, dan zei je dat wel. Maar ineens kon je niet veel meer zeggen. Nooit zal ik vergeten dat ik je die laatste avond nog een bordje met water heb gebracht toen je daar zo lag onder dat bed. Je dronk nog wat, oneindige kameraadschap en liefde in je ogen. Ik streelde je heel voorzichtig en fluisterde: ” Witje, witje speele de speel, morgen gaan we naar de dierendokter, morgen heeft Vincent weer centjes, dan krijg je weer zo`n spuitje van de dokter de speelendespeel. Maar ik wist, het was tegen beter weten in. s`Ochtends lag je mager in je eigen pis te rillen, je stikte bijna. En weet je nog ? Je was zelfs toen, in het uur van je doodstrijd zo ongelofelijk fantastisch geweest om hygiënisch in de badkamer te gaan liggen. Ach, vergeet dat ook maar. En hier heb ik een fout gemaakt want ik had je nooit meer naar de dierenarts moeten verslepen. “Hij is stervende, ik kan niets meer voor je doen, en al was je een paar weken eerder gekomen, dan nog “. “Geeft u hem dan maar een spuitje dokter om hem uit zijn lijden te verlossen”. De laatste woorden kon ik niet meer uit mij mond krijgen daar mijn reeds overslaande stem overging in tranen. Nog even keek ik hem in de ogen maar hij was er al niet meer helemaal bij. “Witje, witje ?”. “Waarschijnlijk een gezwel achter de longen. Ik kan wel een autopsie doen en het materiaal opsturen, maar dat kost weer geld “. “Nee, laat u maar dokter” zeg ik terwijl ik me neus snuit.
Lieve heer, als er een kattenhemel bestaat, is er dan een mogelijkheid dat ik t.z.t. daar soms op bezoek mag komen ? Want dat lijkt me toch zo fijn. Want als ik nooit meer kan roepen: ” Witje moet binnenkomen, spelen de speel, moet knuffelen met Vincent spelen de speel” wat heeft het leven dan eigenlijk voor zin gehad ?


6 reacties

gast · 21 februari 2003 op 13:28

nou, IK vind het goed, laat de rest maar lullen

Kees · 21 februari 2003 op 21:30

Ontroerend verhaal, Vincent. Tegen het einde schakel je over van “hij” naar “je”, heel subtiel, waardoor je nog eenmaal met Witje kunt praten en de lezer ineens een toeschouwer wordt.

gast · 22 februari 2003 op 05:45

hele lieve foto 😥

gast · 22 februari 2003 op 05:52

wou ook nog zeggen: errug mooi verhaal. heel herkenbaar.. treurig.. liefdevol..

gast · 22 februari 2003 op 14:42

dank u, dank u !
Ik dacht; laat ik eens iets schrijven dat men ook nog kan begrijpen. o.a. daarom ook die foto. Is dat niet erg van dat enkele foute aanhalingstekentje, puntje, en spatietje dat ik vergeten ben dan ?
Nou, dank u hoor ! 🙂

Kees Schilder · 22 februari 2003 op 23:03

Mooie column Vincent.
groet
Kees

Geef een antwoord