Enkele maanden geleden begon ik aan een artikel dat ik nimmer afmaakte. Dat artikel was geinspireerd door een van mijn vroege ochtendbezoekjes aan downtown Los Angeles, waarin ik honderden mensen zich zag haasten door Hills, Spring, Beaudry, en Los Angeles Street. Allemaal straten in het hartje van downtown. Deze voortspoedende massa was op weg naar haar kantoortjes op de 14e, 16e of 25e verdieping van een der grote kolossen in de stad. En dan te bedenken dat, gegeven de instabiele bodem van Los Angeles, deze constructies relatief laag gehouden zijn in vergelijking met andere miljoenen steden. Wat me op die dag, enkele maanden geleden dus, trof, was de ongelooflijke, haast komische overeenkomstigheid en synchronie tussen al deze mensen: ze waren allen gewapend met een soort attaché-case ? de mannen droegen het simpelweg; de vrouwen trokken het elegant voort op een chique trekwagentje ? ze waren allen gekleed in zwarte, marine blauwe or grijze pakken, allen natuurlijk gemaakt van hetzelfde synthetische materiaal; ze hadden allen typische haarstijlen ?die welke je in P.R. boeken ziet staan als te zijn profesioneel ? en ze hadden allemaal haast. Sommigen probeerden een slokje te nemen van het kopje koffie dat ze waarschijnlijk van huis hadden meegenomen, terwijl ze stonden te wachten op het groen mannetje om te kunnen oversteken. Ze hadden net hun eigentijdse Sport Utility Vehicles geparkeerd op een van de mammoet parkeergelegenheden in de buurt. En weldra zou de dagelijkse routine beginnen: de eeuwige keten der gebeurtenissen zou worden ingezet, en hun machines zouden op volle toeren aan het draaien slaan.

Tot zeer recentelijk wist ik niet waarom ik dit artikel nooit had afgemaakt, maar nu realiseer ik me wat het ontbrekend punt was: ik moest de werkruimten van deze gekloond aandoende massa nog zien! Hoewel ik gedurende korte perioden bezoekjes had afgelegd in enkele van de gebouwen in deze stad, soms voor het afhalen van iets, soms voor een afspraak met iemand; had ik nog nooit echt ervaren hoe de werksfeer aanvoelde. Ik had dus nog nooit het echte bolwerk meegemaakt waarin deze mensen dag na dag een belangrijk deel van hun leven doorbrachten.

Maar uiteindelijk is dat dus gebeurd! Vorige week moest ik een kennis opzoeken voor de partiele vervulling van een projekt. En mijn kennis vertoefde dus in een van deze kampementen die mijn arme ouderwetse, plattelandse, ongecultiveerde zelf een ontzettende schok bezorgde. Ik zag uiteindelijk de verpersoonlijking van wat ik tot dan toe slechts in films en stripverhalen had waargenomen: het kubieke systeem.

Mijn afspraak bleek op de 17e etage te zitten, en dus nam ik de lift. Ik was gelijk verdwaald toen ik uitstapte, want in elke richting waren er eindeloze gangen die leidden naar verscheidene van deze mierennest-achtige labyrinten: kollosale ruimten met honderden minuscule kubiekjes voor honderden werkers die zichzelf haast niet konden verstaan door het constante geroezemoes van stemmen aan de telefoon of in conversatie met klanten. Een totaal gebrek aan privacy…

“Zo,” dacht ik, “Dit is dus waar sommige mensen naar toe komen wanneer ze hun graad behalen op de universiteit. Wat een veelbelovend en opbeurend vooruitzicht!” Ik dacht aan de kwetsbaarheid van al deze mensen in het geval dat een van hen een besmettelijke ziekte had. En ik dacht aan de onmogelijkheid voor deze werkers om een fatsoenlijk gesprek in gepaste prive sfeer te voeren. En ik dacht aan de brutale vermoording van de creativiteit in deze onspirituele werksfeer. En nog iets: Ik begon zowaar uit te kijken naar Dilbert… kent u hem? De stripverhaal figuur die het stereotype beeld weergeeft van de ongemotiveerde werker in de belachelijke werksfeer die op nog veel te veel werkplekken in de wereld heerst?

Toen ik zo naar Dilbert liep uit te kijken begon ik te beseffen hoezeer ik in feite van slag was door dit beeld van mensen in een wespennest. En ik begon me af te vragen wat de persoon die voor het eerst met dit idee opkwam wel gedacht had. Wat waren zijn of haar verdedigingspunten voor dit systeem? Ruimte besparen? Barrieres uitschakelen? Een eindeloze open-deur politiek bewerkstelligen? Klink allemaal mooi genoeg. Maar ik ben bang dat dit plan haar negatieve zijden grandioos over het hoofd heeft gezien in de tijd van haar ontwikkeling. Want hier, in deze ruimten waar zo velen van de ontwikkelaar van het kubiek systeem zijn of haar soortgenoten ongeveer een derde deel van hun leven doorbrengen; hier waren tevens de meest fundamentele menselijke attributen als waardigheid, creativiteit, inspiratie, privacy en persoonlijkheid afgepakt!

Het trieste van dit geheel is dat het moeilijk, of misschien wel onmogelijk zal zijn om weg te komen van het kubiek systeem. Want hoe hard sommigen er ook tegen zullen willen protesteren: de werkmarkt toont een te grimmig plaatje van grote vraag naar- en weinig aanbod van werk om te hard te kunnen gillen. En het uiteindelijke liedje is meestal dan dat, wanneer deze protesteerders uiteindelijk een positie bemachtigen waarin ze een menswaardigere lokatie zouden kunnen bemachtigen, ze te gewend zijn geraakt aan de enge gesitueerdheid en de enge privacy, dat ze misschien ook zijn verworden tot eng-denkenden….


0 reacties

Geef een antwoord