[i]Dinsdagavond[/i]
Telefoon van cowboy Paul. Of ik zin had in een weekje paardrijden en foto’s maken in een natuurreservaat van 40.000 hectare in de Zuid-Afrikaanse Oostkaap. [i]Woensdagmorgen[/i]
Vrij gevraagd op mijn werk, het reisbureau gebeld en geboekt.

Vrijdagmorgen zat ik met mijn hoofd boven de wolken, weer op weg naar het zuidelijkste land van het zomerse Afrikaanse continent. In de nachten tussen Paul’s telefoontje en take off had ik in totaal minder geslapen dan ik normaal gesproken per nacht nodig heb. Mijn hoofd was drukker dan de verkeerstoren; vertraagd druppelde alle informatie door mijn geestelijke koffiefilter.

Nick, mijn neef, kwam mij ‘s avonds in Kaapstad ophalen. Met een goddelijk, ijskoud biertje en sigaret installeerden wij ons bij zijn zwembad. Het was bloedheet, benauwd zelfs. In februari is het daar hartje zomer. Wij konden alleen maar lachen, elkaar beetpakken en knuffelen.
Ik dook in bed en sprokkelde acht kwartiertjes slaap bij elkaar. De rest van de uren bracht ik woelend, jeuk wegkrabbelend en weer veroorzakend door.

Zaterdagmorgen om half acht kwam Paul. Het plan om mij rond lunchtijd op te halen had hij de dag ervoor even omgegooid, omdat wij onderweg naar de Oostkaap nog naar een paardenshow zouden kijken. Dit tot grote teleurstelling van mijn familie en mij, omdat mijn achternichtje die dag zeven werd en ik weg zou zijn voordat de rest van mijn familie langskwam. [i]Damn![/i]
Wat wel leuk was, is dat mijn familie de eigenaren van het reservaat kent waar wij naartoe gingen. Dat gaf mij een vertrouwd gevoel. Pas toen hoorde ik dat de Oostkaap niet bij Kaapstad ligt, maar 800 kilometer ‘verderop’. Dit was mijn eerste les in schakelen tussen waarheid en de echte waarheid.
Na een bakkie koffie en ontbijt stapten wij in de volgepakte Landrover. De dieptebom van een koffer die ik had ingepakt baande zich bij elke bocht een weg vrij tussen de zadels en kampeerspullen. Tess, Paul’s hondje, deed haar uiterste best om zich te nestelen maar gaf het op en keek mij beschuldigend aan omdat ik haar plekje had ingenomen.

Het gebied waar wij in november drie dagen hebben gereden, is helemaal platgebrand. Wij doorkruisten een zwart, dood en onherkenbaar geworden geheel van niets. Gelukkig waren de mensen en paarden op tijd geëvacueerd. Talloze andere dieren, zoals slangen en schildpadden, maar ook zeldzame bloemen en planten, zijn levend verbrand. Gruwelijk.

Na een paar uur kwamen wij in Napier om de show van paarden en wagens te zien. Behalve drie paarden en vijf pony’s die de zogenaamde show stalen op het natgeregende terrein was het leeg. “Waar blijven de achtspannen?” vroeg Paul aan een insider.
“Die komen niet”, zei de een.
“Nee nee, dat is volgende week”, zei een ander.
“Die komen misschien nog wel na de lunch”, zei nummer drie om 2 uur ’s middags.
Dit was les twee in waarheid en echte waarheid.

Na de lunch vervolgden wij de reis naar Mosselbaai om bij vrienden van Paul te overnachten. Mijn lijf schreeuwde om genade en slaap, maar mijn hoofd liet het niet toe. Al die indrukken…
In de namiddag arriveerden we bij Tess en Guy. Perfect people: van die mensen waar je je direct thuis voelt. Ik kreeg mijn eigen ‘boudoir’ zoals Guy het tuinhuis noemde en had een groot, zacht bed, mijn eigen bad, toilet en tv. Weer zocht ik rust, weer kreeg ik het niet voor elkaar. “Wie is die andere bewoonster van mijn boudoir?” vroeg ik. Guy keek mij meewarig aan. “Diegene in de spiegel, met die holle ogen, witte snoet, piekharen”. “Oh”, zei Paul, “dat is Fluffy” en zo werd mijn nieuwe nickname een feit.
Na een heerlijke lasagne wilden de anderen ‘even’ een drankje doen in het casino. Inmiddels geobsedeerd door mijn constante strijd om slaap die ik keer op keer verloor, gaf ik op en ging mee. Guy en Paul waagden een gokje, Tess en ik namen een biertje. De Saab cabrio spurtte ’s nachts door Mosselbaai: sterren in vol ornaat, warme wind door onze haren, muziek keihard uit de boxen, heerlijk asociaal toerde Guy ons rond. Thuisgekomen deden we nog ‘even’ een drankspelletje en om 3.30 uur tolde ik om van de slaap, eindelijk!

Zondagmorgen trokken Tess en Guy alles uit de kast om ons van een goed ontbijt te voorzien. Ik zag bloeddoorlopen ogen in de spiegel, maar gelukkig ook aan tafel. Spiegels van de nacht liegen nooit. Het ontbijt was fantastisch, maar het was te laat om de reis naar Adelaide te vervolgen. Wij besloten om nog een dag te blijven en… gingen bungyjumpen! Paul en ik, samen goed voor een slordige 150 kilo, doken in een gat van 65 meter. Drie seconden terreur van 0 naar 120 km/u. Daarna de bridgeswing, wat inhoudt dat je niet op en neer gaat, maar eenmaal beneden tussen twee bruggen in schommelt. Dat effect is zálig, fantastisch!
’s Avonds moest Tess nog wat boodschappen halen. Ik mocht de Saab rijden, ge-wel-dig! Niet alleen de seizoenen in Zuid-Afrika zijn tegenovergesteld aan de onze, ook autorijden doe je daar links. Behalve ik. De middenweg vond ik wel passend. Tess niet!

De volgende dag, maandag, liep alles zowaar volgens plan. Het was prachtig weer en de Gardenroute straalde ons tegemoet. Normale mensen stoppen om de haverklap om foto’s te maken, wij niet. De Gardenroute is prachtig, de beelden zijn op mijn eigen harde schijf vereeuwigd.

In Molweni Private Game Reserve hadden wij ons eigen huis. In mijn slaapkamer zat een spin die zo groot was als een schoteltje!
[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigB4o2YBjAyiR2QfObxXSU8zFomrjMh1B8gYjY05FHwAVXcwtvHnATbhGsf807NWyql3160YKmApc30xpiC8u68Lw7QeLt60jcRHJl-sIdwSsZRdz_5lBkNM[/img]
Een dag later had Paul er een zo groot als een soepbord. “Dit is Afrika”, zei hij schouderophalend. “Ja…”, zei ik, met opgetrokken schouders en een onzekere snoet.

Dinsdag werden wij begeleid door Andile, de beste spoorzoeker van de Oostkaap. De ‘boerenpaarden’ droegen ons de steile berg op die eindigde op een prachtige ‘plaat’ (plateau). De zadeltassen waren gevuld met lunchpakketten en water voor ons en appels voor de paarden. Driehonderd zestig graden natuur, koeien,
[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigJfvO3H5tnEbpgzawTvbZAQXxVGSvRx3W0TN4GnVCRHXVRComkF-Wc70VW7JMsWK4_7VMGmfqmI_up3k2r6dfB4q-ru3JqP9wR3vNwduHCvbAhzCkeJrebw[/img]
[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigOInFnu74hyCVhDY-sNqJilOjwvrnTzakC_niGSq395wrOuZEGs13tXWniN1Xm5_iAEQREYY_k1FYc5KIt6e1aqf1acou_K9alW6NmKrVfjnwRfsVFo7Y5w[/img]

[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigNy5B07rqkFwRNBsgEsY2vJIYIVUnnKDeLegGmVcSmO62CtdMyqvGG_-nb0sugSnvwTfQoPhlWTIbzLDf6xf3Y37KAJoilKkuGOECT8dl4ZFZmF5qTm7q_E[/img]
bavianen, wrattenzwijnen en diverse bokkies lieten zich vastleggen door onze ogen en camera’s. Voor de lunch zadelden wij de paarden af en aten onder een hele grote, oude boom. Andile had al gezegd dat het weer om zou slaan. Ik zag alleen maar strakblauwe luchten maar toen ik wat hoorde rommelen en geen vliegtuig zag die het geluid veroorzaakte, werd ik ongemakkelijk. De paarden werden onrustig, de koeien renden in het rond met hooggeheven staarten… en daar kwam de pikzwarte, dreigende onweerslucht over de berg aanrollen. Gauw lieten wij de paarden nog drinken uit een plas,
[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigEKDe2PO104F3WLEegClLiRy1JzUUrTnYdvSbL7Pqkd0jW0sHwdM3mvvpjSgeWZ4sxPfEvSXIMcYOf1nImyUNmUcEGgkwAI873IXH9Vbp0J7siDZ8NQ2zuc[/img]
even later was alles en iedereen van binnen en buiten kletsnat, behalve ik. Mijn lijf was gehuld in Paul’s regenjack; voor de zekerheid heb ik hem maar niet verteld dat mijn eigen jack in mijn koffer lag. Een uur later was het weer droog en warm. De nevel die ontstond doordat de regen net zo snel verdampte als hij was gevallen, zorgde voor een sprookjesachtig tafereel.

In de namiddag gingen de mannen vissen. Na zeven uur in het zadel kon ik niet meer zitten dus lag ik op mijn buik naar de lucht te kijken. Deze veranderde per seconde in een diepere kleur. Andile zat naast mij. Ik wees. “What is ‘prachtig’ in English?” vroeg hij aan Paul. Ik begon te lachen en zei dat het Afrikaanse woord precies hetzelfde is als het Nederlandse. “Ek ga plaatje skieten”, poogde ik in zijn taal. Het was een hele organisatie om van de comfortabele horizontale houding in een ongeveer verticale stand te komen: mijn stijve lijf verzette zich hevig tegen deze krachtinspanning. Maar: het resultaat telt. Ik heb de mooiste zonsondergang die ik ooit heb gezien vastgelegd!
[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigHL8AdPA1rNm8toCpW8b7xsb4_nCDeP9Z0m2B19srXouj_5brzVKMz7NYn1sTcMfxBHHkaEXaZvovVy8f8XuxfJfQxDQUCRgZ9jhClSxHOWY_bt_GEZB-i8[/img]

[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigMJIuKDIvrIsoxBOA_3pHVpipDoz6dkStgC_GV_yk9JUPwdrGuQJkqf_ZqQMpc3hejZ_LPgYrawhAFjm5ddvGBi5IXR_S536T-M1pzP1mIzNbXVBztNdTVo[/img]

[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigHonzzEywine75NYrgaUqwfgF1Hw0flUwVT1TdZ_8e82lLDiyOz2KPpabPxhDU3X4F376yYexeOJ2S61lId4mnLH_Z55vzurT7yegq7Jk1hQ3FoJzjMwUJs[/img]

Woensdag regende het, heel hard en heel lang. Wij hebben ons rotverveeld met computerspelletjes waar we geen zin in hadden en boeken opgepakt die alleen maar weer zuchtend werden dichtgeslagen.
Paul had een idee: met een quad door het reservaat scheuren en bagger happen enzo. In het reservaat van totaal 40.000 hectare ligt een wildreservaat van 12.000 hectare met wilde dieren zoals buffels, giraffen, kudu’s en nog meer bokkies. Off we went. Keer op keer zaten we vast. Giraffen keken op ons neer, groot zijn ze, groot gelijk hadden ze! Als gestoorden scheurden we door de plassen en toen we vast kwamen te zitten mocht ik duwen. Geen probleem. Totdat de wielen weer grip hadden en ik een onder de modder gesproeid werd! Wederom geen probleem, ik had Paul’s jas weer aan. Thuisgekomen hebben we een welverdiend bad genomen, onze schoenen droog geföhnd en zijn naar de lokale bar gegaan. De tijd in het dorpje Adelaide heeft stilgestaan. Mensen spreken het liefst alleen in het Afrikaans, een biertje kost 80 cent, een steak zo groot als een hele koe iets van zeven euro.

Donderdag zouden we een cowboytocht doen om de koeien bij elkaar te drijven voor inspectie door de veearts. Een andere optie was dat ik met de eigenaar in de micolight, een klein vliegtuigje, een rondvlucht zou krijgen om van bovenaf foto’s te maken. Dit viel weer in het water door een gigantische bui van moeder aarde. Gelukkig werd het ’s middags wel droog, maar dat was te laat om nog uit te rijden. De mannen gingen vissen, ik ging zonnen, lezen en foto’s maken.
[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigDt3mM-7Ht8BxGBNLw-UCFC572ge5OHUupiZax3sc-GEZOfb3ywBY2V2cZnlwsBdznbbTVoVt06T0CW1uOXx04ZKow9bj3hWC172umXQuI1yuZAz9V4ezes[/img]

[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigJIM7WUXMdkAWrFEzuF0gmVML4S6rEiZwnpC421veU_rYF4o0zDq2xYNZyJQdsqIBnAu77J94Y-nfP1uyjTpvJx1DzJhDpwZyFqcYphXzTCneXe3JHS_JzI[/img]
’s Avonds vroeg ik aan de eigenaar of wij de volgende dag zouden kunnen vliegen. Dat zat er niet in, omdat de start- en landingsbaan gemaaid had moeten worden en dat kostte een man een dag en die ruimte had hij niet… ik werd geconfronteerd met waarheid nummer zoveel…

Vrijdag, de dag voordat wij vertrokken, was een perfecte dag. Voor de tweede keer die week gingen wij naar het reservaat, maar nu om te zien wat wij gemist hadden: zon en ontzettend veel wilde dieren. Andile vertelde ons constant over de sporen die hij zag. Voor zijn getrainde ogen verstopt niets of niemand zich; het was een rijkdom om hem met ons mee te hebben. De giraffen lieten zich tot op een paar meter afstand benaderen.
[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigEDSg1cSaekwOKqz6NLcds5SLNwAF8wEHIcGhgbJxwpD3VDbIvQr3v5R-5PuUjhBenQgJybrum7Ve4yu5SP2NxyGacz5Kk2RCZRkjYqmZi9NeAAKzw3lltI[/img]
Wildebeesten, blesbokkies en kudu’s denderden ons rakelings in volle galop voorbij.

[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigDjo3fS-yJzvifkXF8lqu9dfMB9HrpI074ki0_NRdxbrJsmzVF13fQx8-Sxnl1ZCIkJUFKXwa_CCivEbSgmrIcztPid2NuZy6GHn6m_EAE8uH–Chgn8Zfw[/img]

[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigIg57k6_XsAgW-CxuQeRK943F3mHRggexfEiL0DeMFNIsdgPzsh8yPFxjGJaN4jmKfeActwKig1redMwKiZLYeKRoXFJyI918qewrVU1MkCZKTQ1xoA71mw[/img]
De dieren roken ons niet, doordat wij op paarden zaten en tegen de wind in reden. Ik ben nog nooit zo lang stil geweest als tijdens die uren. Telkens ben ik weer stil als ik daaraan terugdenk.
Op de top van een berg aangekomen
[img]http://62.197.135.69/columnx/pics/za-wb.jpg[/img]
keken wij naar de ontzagwekkende landschappen die zich om ons heen ontvouwden. Daar bleven wij staan, foto’s maken, zwijgen, praten, luisteren naar het gezoem en gebrul van zoveel onzichtbare dieren. Ineens kwam er een gedachte in mij op: ‘we krijgen morgen twee lekke banden.’ Ik probeerde de gedachte en vooral het gevoel dat die gedachte veroorzaakte van mij af te schudden, maar dat lukte niet.

Zaterdagmorgen vroeg wekte Andile ons om naar de waterval te gaan. Ik wilde niet, mijn voorgevoel over de lekke banden werd een knagend gevoel, het zat mij niet lekker. “Zijn we wel op tijd terug?”, vroeg ik nerveus. “Jahaaa! Kom nou maar, ’t is daar mooi”. Nooit had ik kunnen denken dat de waterval zo indrukwekkend zou zijn. Een rit van drie kwartier met het ‘bakkie’, een 4WD van het reservaat, en daarna een wandeltocht van nog eens die strekking eindigde in een gebulder en geraas van 65 meter watergeweld.
[img]http://tk.files.storage.msn.com/x1pM0jCSUoiRhAPSXKKvFbigJZVn_g25cqTuiNYO6KQu3Z9r0jKXs5Zgdf97mxZYY6ubMqhTvBqpV5QIAFWN8QoVT4bFzoDR-Dz5u_4qh_C3IHC5Ujzf3E6nBMB2HyAu2LYwrSDo2VJlbM[/img]

Een half uur voordat we eigenlijk naar de luchthaven van Port Elisabeth zouden vertrekken, waren we on the move. Tien kilometer verderop moest Paul sigaretten halen – gelukkig – en constateerde hij dat de rechter achterband leegliep. Paul wisselde het wiel kundig, vloekend en scheldend voor het reservewiel, maar al met al had dat een half uur geduurd. Hij was zo kwaad, ik heb nog nooit het woord ‘fuck’ en ‘fucking’ zo vaak gehoord als in die minuten. Ik bleef stil, wachtend op de klap die zo zou komen. [b]BENG!!!![/b] Daar ging de band, helemaal aan flarden. Gelukkig honderd meter voor een benzinepomp, helaas te ver om de velg te sparen. Waar moeder natuur ons een paar dagen eerder niet goed gezind was geweest, heerste nu de bui van Paul. Nergens was een garage. Op zaterdagmiddag in Zuid-Afrika ben je aan jezelf overgeleverd. Niks ANWB, niks huurauto, niks niks niks behalve een stilstaande auto en een klok die vooruitschiet. Met nog 168 km. voor de boeg voelde ik mij ineens eng rustig. Mijn voorgevoel had plaatsgemaakt voor feiten. Ook had ik een voorgevoel dat ik nú géén foto moest maken. Later heb ik dat gecheckt bij Paul en weer bleek mijn gevoel mij goed ingelicht te hebben. Hij had me mijn camera laten opvreten!

De lekke band werd er weer onder gezet en gelukkig had Paul een apparaatje bij zich dat aan de sigarettenaansteker aangesloten kon worden, bars meet en lucht in de band pompt. Elke 40 kilometer stopten we. De eerste keer was er 1 bar uitgelopen. De tweede keer zei hij het mij niet meer. Toen kreeg ik ècht de zenuwen. Ik belde mijn neef op om te zeggen dat hij de check-in-balie moest bellen dat ik onderweg was. Nog 19 km te gaan. Nog 35 minuten voor mijn vlucht. “Welnee schat dat is niet nodig, ze sluiten de vlucht pas 20 minuten voordat je er bent. Waar ben je nu?” “19 km van Port Elisabeth, maar we weten niet aan welke kant van de stad de luchthaven ligt”. “Bel maar als je het echt niet weet, succes doll, love you, alles sal reg kom, doei!”
[i]Afrika…[/i]

Bij de luchthaven aangekomen stormde ik naar de check-in, Paul kwam hijgend achter me aan rennen met mijn koffers en ik kon zo doorlopen naar het vliegtuig. Anderhalf uur later kwam ik in Johannesburg aan waar ik vier uur moest wachten op mijn doorvlucht.

Besef dat ik hier wegging had ik niet, besef dat ik daar vertrok ook niet. Zuid-Afrika in volle galop, de foto’s bewijzen dat ik het heb meegemaakt. Ik slaap weer, veel en goed, en voel mij alsof ik het verhaal van iemand anders zit te schrijven. Als alles volgens plan verloopt, ga ik eind dit jaar weer terug. Ja, àls…


WritersBlocq

Talent voor tekst, taal en verhaal

17 reacties

pepe · 26 februari 2006 op 09:09

Wat ben jij toch een heerlijk maf mens. Ik ben CX dankbaar dat zij het mogelijk maken dat wij en anderen elkaar zo (door woorden op een schrempje) hebben leren kennen.

En jouw woorden hierboven, namen mij mee in dit geweldige avontuur. Ooit gaan we samen jumpen, cool! 😛

Dees · 26 februari 2006 op 10:19

Impulsiviteit loont, dat zie je zo! Jeez WB, ik zit hier het uitzicht op Hollandse daken te bekijken en hoewel best ok, ik krijg wel een beetje een groen waas voor mijn ogen als ik dan weer terugkijk naar je foto’s.

Einde dit jaar? Zeker weten? Niet eerder?

Waarom begin je niet iets in de toeristenindustrie daar?

😉

WritersBlocq · 26 februari 2006 op 10:23

Hoi mensen, er mist een foto van mij op een berg, die is er afgevallen maar wie dat en nog meer wil zien, klikt [url=http://community.webshots.com/myphotos?action=viewAllPhotos&albumID=547498915&security=AjbsAg]hier[/url].
Pepe, we gaan ABSOLUUT joepen, hoewel ik nu al buikpijn krijg van het idee 😎
Dees, met mij weet je het nooit zeker 😛 en aan die industrie wordt hard gewerkt, daar kom ik later nog op terug.
Ciao, Pau.

Kees Schilder · 26 februari 2006 op 11:35

In één adem uitgelezen met als extra tractatie die geweldige foto’s.Dit zijn de dingen die CX extra leuk maken.Echt genieten WB.

Chantal · 26 februari 2006 op 12:07

Super column! Inderdaad echt genieten!

Trukie · 26 februari 2006 op 13:08

WHOOOOW.

Troy · 26 februari 2006 op 13:51

Geweldig, Wb! Je weet een reisverhaal boeiend te maken en dat is knap, want meestal kunnen ze me niet echt bekoren. De foto’s maken het nog mooier. Je weet het, de zonsondergang staat op mijn bureaublad te pronken. Prachtig.

DriekOplopers · 26 februari 2006 op 18:12

Schitterend reisverhaal. En als bonus ook nog prachtige foto’s. We worden verwend, WB!

Een poosje geleden vroeg ik in een privebericht al waar je reisverslag bleef. Het was het wachten dubbel en dwars waard!

Driek

sally · 26 februari 2006 op 21:41

Na zo`n verslag en de prachtige foto`s vraag ik me af wat je hier nog doet!
Schitterend WB. Echt genieten. Wat een paradijs.

liefs
Sally

Li · 27 februari 2006 op 00:18

Eerder heb ik al een berichtje op jouw site achtergelaten. Heerlijk reisverhaal met prachtige foto’s. En zó geschreven alsof ik er zelf bij was. Fantastisch!
💡 Groepsreis columnX en dan via curacao?:-D

Li

KawaSutra · 27 februari 2006 op 00:27

Ik heb met veel plezier en ontzag voor die prachtige natuur met je meegereisd. Een reis om nooit te vergeten door jouw boeiende beschrijving van wat je daar allemaal hebt beleefd.
Geweldig dat je zo’n fotografisch geheugen hebt! 😀

melady · 27 februari 2006 op 01:18

Gek wijf, me een beetje jaloers maken.
Die waterval…helemaal top.

Ma3anne · 27 februari 2006 op 09:15

Heerlijk, om met dit verhaal de nieuwe week te beginnen.
Een reisverslag moet meer zijn dan een relaas van feitjes, wil het me boeien. Ik wil weten hoe de schrijver alles beleeft, zodat ik mee op reis ben.
En dat is jou gelukt, Fluffy! Ik galoppeerde zomaar naast je, terwijl ik in de werkelijke wereld amper een paard durf aan te raken. 😉

KingArthur · 27 februari 2006 op 10:53

Ga jij eens even anderen lekker lopen maken met dit soort reisverhalen :-). Gelukkig laat je ons hier wel in meedelen.

WritersBlocq · 27 februari 2006 op 17:58

[quote]Een reisverslag moet meer zijn dan een relaas van feitjes, wil het me boeien. [/quote]
Helemaal mee eens, en daarom was ik niet tevreden over dit verslag, omdat het juist veel weg had van wat het niet moet zijn: dag 1 dit dag 2 dat en toen me zus en me zo en me hier en me daar. Gek, hoe ik dacht jullie niet mee te kunnen nemen zoals ik het tijdens het schrijven van mijn eerdere reisverhaal wel voelde, en toch is het gelukt, wel leuk!
Onwijs bedankt allemaal voor het lezen, foto’s kijken en jullie gave reacties.
Li, goed idee!
Kawa, was mijn eigen harde schijf maar 1 gig 😛

Knuffy van Fluffy 🙂

Raindog · 27 februari 2006 op 18:00

En dan nog de impulsiviteit om glashard te boeken na een telefoontje, ook lekker…
Mooi verhaal, mooie beelden.

WritersBlocq · 28 februari 2006 op 20:12

Dank je wel Casper, voor het alsnog toevoegen van de foto van mij op de berg! Groetje, Pauline 🙂

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder