Het zakhorloge – 4

‘Dat dacht ik toch niet’, zei Piet onverwachts gedecideerd. ‘Niet voordat jij mij vertelt wat er precies rechtgezet moet worden en hoe!’.
Gnomon keek hem verontwaardigd aan en zakte vervolgens op de grond, de knokige knieën in kleermakerszit gevouwen.
‘Dat is lastig uit te leggen aan een aardling. Je mag dan als kind onder ons geweest zijn maar je hebt in principe geen benul van onze wereld. Anders had je niet aan die wijzers zitten kloten’, sprak de elf somber.
‘Ik heb helemaal niks gedaan! Het stond al jaren stil en nu tikt het weer. De wijzer staat trouwens nog steeds op één! Als je het zo nodig moet hebben, dan neem je het toch mee. Daar hoef je mij toch niet voor mee te slepen?’
‘Degene die de tijd doet tikken is verantwoordelijk voor het verloop’, sprak Gnomon op een bijna pathetische toon.
Piet zakte naast de elf op de grond en keek deze bezorgd aan.
‘Wat gebeurt er dan?’
‘de tijd tikt en zo ook alle processen die door de tijd worden aangetast’, snotterde de elf. Tranen rolden over de groene wangen.
‘Ik kan niet zomaar weg, vandaag was mijn vrije dag maar ik heb een baan en verantwoordelijkheden’, antwoordde Piet schuldbewust.
‘Wat nou als ik het uurwerk weer stilzet en terug leg waar ik het vandaan heb?’
Piet keek vragend en hoopvol naar de terneergeslagen elf maar die schudde het hoofd.
‘Jij moet mee. Hoe langer we hier blijven des te groter de schade’.

Gnomon stond op en knipte met zijn vingers. De belletjes aan zijn schoenen begonnen vervaarlijk te trillen en creëerden een oorverdovend geraas dat steeds sterker aanzwol. Piet keek met verbazing naar het aureool van licht dat plots rondom de elf hing en voelde de aantrekkingskracht. Voor hij iets kon ondernemen werd hij in het licht gezogen en buitelde hij door een tunnel waar het gerinkel van de schoenen van Gnomon als een kakofonie resoneerde.

Met een enorme vaart suisde Piet door de tunnel. Na wat een eeuwigheid leek ontwaarde hij een lichtpunt waar hij en Gnomon op af buitelden. Met een grote bons belandden ze naast elkaar in een vlakte die nog het meest op een platgebrand graanveld leek. Piet stond op en wreef over zijn pijnlijke achterwerk. Hij keek om zich heen en zag een triest landschap. Bomen staken als knokige skeletten af tegen de horizon. De vlakte waar de tunnel hun op had uitgespuugd lag droog en gebarsten voor zover het oog reikte. Piet keek opzij naar Gnomon. Hij schrok. De elf, voorheen van een weergaloze schoonheid was veranderd in een schrale gestalte, de frisgroene huid getransformeerd in grauw perkament, de ogen dof en enkel aan de schoenen met de klingelende belletjes herkende hij zijn reisbegeleider.
‘Zie je nou, dit is het gevolg’, zuchtte Gnomon.
Piet sloeg een gespierde arm om de schouders van de elf. Hij schrok van de broosheid, alsof al het leven uit het lichaam van Gnomon was gezogen tijdens de reis in de tunnel.

‘We moeten gaan voordat het te laat is. Alle bewoners verschuilen zich bij Tempus. Daar staat de tijd nog even stil. We hebben geen seconde te verliezen!’ sprak de elf.

14 gedachten over “Het zakhorloge – 4

  1. Zoals StreekSteek al aangeeft: ‘Prima consistentie’: Het knappe aan dit deel en de vorige is dat jullie top in elkaars verlengde schrijven en elkaar pakkende cliffhangers aanreiken. De nieuwe setting die jij, Esther, ‘ff’ neerzet was nodig en is er eentje waar de volgende weer alle kanten mee op kan. En ja; Ook dit kan jij! Het leest als een film.

  2. Wat leuk! Al die reacties. 🙂 Ik was zelf ook verbaasd over het plezier dat ik er in had. Ik had best door kunnen schrijven…

    Misschien na dit spannende avontuur eens zelf een fantasieboom opzetten. Wie weet.

    Heel veel succes aan wie er volgt..(even vergeten)

  3. Het begin van de alternatieve realiteit. Heel goed geschreven. Vooral de verschrompeling van de elf vind ik leuk gevonden. En ‘waar de tijd nog even stilstaat’als schuilplaats. Wel moeilijk voor de volgende schrijver, die kan niet nog even tegenstribbelen zoals jouw Piet bij de start van deze tekst.

Geef een reactie