Jij
Vaag dringt een geluid, zich in regelmaat herhalend, tot mij door. Ik schud de slaap langzaam van me af en kom tot het besef, dat hetgeen mij gewekt heeft, jouw rustige ademhaling is.
Je ligt, gelijk een spinnende poes, opgerold onder de dekens en maakt kleine bijna onhoorbare geluiden, alsof je daarmee je tevredenheid extra wilt accentueren.
