Met twee handen laat ik een kilo rundvlees in de pan met vijf liter kokend water zakken. Zes gesneden speklappen volgen. Gisteren heb ik in een geurig kruidenwinkeltje, waar ze specerijen nog met een ijzeren schep in zelfgevouwen zakjes doen, nagelgruis gevonden. Het is elk jaar lastiger om er aan te komen.
“Nagelgruis? U gaat zeker balkenbrij maken?”
“Ja, een Kerst zonder balkenbrij is niet compleet. Mag ik tweehonderd gram, alstublieft?” [i]Op het moment dat het gruis mijn vleesbouillon een vieze, grijsbruine kleur geeft en die specifieke geur vrijkomt, zie ik mijzelf en mijn zussen, springend om de grote, gietijzeren pan op de houtkachel in mijn ouderlijk huis, voor me. Uren staat hij al te pruttelen. “Wanneer mogen we het eten? Wanneer mogen we het eten?” Mijn moeder -wat is ze nog jong- herhaalt voor de zoveelste keer dat het morgenvroeg pas zover is.[/i]

“Mam, wanneer is het klaar?” Marie hangt met haar neus boven de pan.
“Morgenvroeg, meisje. Straks komt oma voor het zware werk en vannacht moet de balkenbrij rusten.” Het ontzag in haar ogen is van hetzelfde kaliber als het mijne, dertig jaar geleden. Rustend eten. Zo gek.

[i]Terwijl de geuren uit de pan mijn huis vullen, komen vergane feestdagen ter sprake. We lachen om de hond die ooit ons Kerstdiner opvrat, waardoor we boerenkool met worst aten en de gezelligste dag ooit hadden. Over de Kerst dat ik kasten in elkaar zette, omdat ik niet kon wachten om in mijn nieuwe huis te gaan wonen, nu twintig jaar geleden. [/i]

Zelfs met een renovatie in het vooruitzicht ben ik hier nog steeds blij, besef ik. Dit huis is mijn oerhuis, het draagt mijn tijdsstempel. Op deze plaats ben ik gaan bloeien.
“Waarom vind je dit huis zo fijn, mam?” Even denk ik na en leg dan uit dat, wanneer ik iemand honderd huizen laat zien en ze daarna vraag welke van mij is, negenennegentig procent het juiste kiest.
“Het huis ademt mij, ademt jullie. Deze donkere dagen versterken dat gevoel.”

[i]De afgelopen jaren echter laat de Kerstsfeer het een beetje afweten. Vorig jaar was ik ziek. Gelukkig kwam mijn Nieuwjaarswens om beter te worden uit. Helaas werd daarna Bram ziek. Mijn lieve, vrolijke, moeilijke monster zakte vanaf de zomer langzaam in een heel diep dal. Ik hield mijn hart vast voor de winter.[/i]

“Koop je nog nieuwe lampjes voor in de boom?” De bovenste helft van onze boom staat in duister gehuld door een kapotte lichtsnoer, maar ik besluit ter plekke dat het wel past bij dit jaar. Een paar flonkertjes zijn zichtbaar in de piek, als belofte dat volgend jaar weer de gehele boom gevuld zal zijn met licht.
“Nee, ik vind hem prima zo.”

Oma komt. Keurt mijn kookwerk en klakt tevreden met haar tong. Het gaat goed in de pan. Ze voegt drie eetlepels zout toe en dan kan het grote werk beginnen. Drie pakken boekweitmeel en bordjes worden op het aanrecht gezet. Ik kijk mijn moeder aan. Ze knikt, strooit wat meel in de pruttelende bouillon en begint te roeren. Met elk beetje meel wordt de massa wat steviger. Bij puddingdikte neemt Marie het over. Met twee handen houd ik de pan vast om tegenwicht te bieden. Als het voor mijn dochter te zwaar wordt, is het mijn beurt. Oma moedigt aan. Het geluid van de draaiende massa klinkt als een vermoeide mantra. ‘Puff, pfft, puff, pfft’

[i]“Puffen! Kom op, puffen. Nog even. Het is er bijna. Ja, een jongen! Het is een jongen.”[/i]

“Hij is goed.” Oma trekt aan mijn arm. Ik beweeg hem even om het ronddraairitme eruit te krijgen. Marie is al bezig om de balkenbrij op met meel bestoven borden te scheppen. In razend tempo modelleren we de brij erop. Alle puflucht moet er weer uit.
Ons Kerstontbijt rust vannacht op een vrijgemaakte plank.

“Koffie?”
“Ja, lekker.”
“Het is al donker. Kerstavond”, bedenk ik, haar blik volgend naar de ‘halve’ boom.
“Hij staat er mooi bij.” Ik glimlach. Ze begrijpt me.
“Wat een jaar was het weer, hè? Ik hoop zó op een goed 2012.”
“Mijn Nieuwjaarswensen gaan naar ons Bram”, belooft ze.
“Ik houd ze maar wat algemener dit jaar”, zucht ik. “Klokslag twaalf uur wens ik dat iedereen zoveel mogelijk goeds op gaat pakken in 2012 en de minder goede dingen zoveel mogelijk laat liggen… En dat Bram beter wordt, dat ook. Vooral dat.”

Categorieën: VC-Arta

Arta

Zijn. bewonderen, verwonderen, notuleren, opwaarderen; Het zijn zomaar wat steekwoorden, die voor mij onlosmakelijk zijn verbonden aan 'Schrijven'. *Overigens schrijf en reageer ik als arta natuurlijk op persoonlijke titel

17 reacties

LouisP · 1 januari 2012 op 00:55

En dat Bram beter wordt, dat ook. Vooral dat.

Gelukkig nieuwjaar Arta..

WritersBlocq · 1 januari 2012 op 02:58

Mooie titel, bij een verhaal dat zóveel meer in zich heeft dan het verhaal doet vertellen. Het staat toch ook op zich, en leent zich eerlijk gezegd voor een boek, ook.

Hmmmm…. een boek… dát zou smullen zijn, net als je Balkenbrij, zeker weten.

Volgende maand Carnaval. Samen? :hammer: :pint:

Ik wens jou hetzelfde als jij de wereld wenst. Wat rond gaat, komt terug.

Pauline.

Libelle · 1 januari 2012 op 10:38

Soms moet je je er echt toe zetten om een verhaal te lezen. En soms blik je snel even naar beneden, om te zien hoeveel tekst nog rest.
Zo ook hier, een boek vol zou nog niet vervelen.

SIMBA · 1 januari 2012 op 13:27

Ja, dat Bram beter wordt, vooral dat! :kus:
En wat betreft een huis wat “past” dat gevoel heb ik in 2011 mogen ervaren en wat is dat heerlijk!

Marja · 1 januari 2012 op 16:52

Prachtig en sfeervol. Alle goeds voor jullie allen.

Ferrara · 1 januari 2012 op 17:18

Heerlijk ouwerwetse kost. Maar als ontbijt ken ik het niet.
Beterschap, veel beterschap voor donderstraaltje Bram.

Dees · 2 januari 2012 op 16:18

Lekker geurig en kleurig thuisverhaal, met ieder jaar zijn eigen monsters zo te lezen. Ik wens jullie een smakelijk nieuwjaar en nieuwe wensen voor 2013…!

embee · 2 januari 2012 op 17:36

Heel mooi Arta, ik stond in je pan te kijken!
Alle goeds voor 2012 vooral voor Bram!

groetje van Embee

pally · 2 januari 2012 op 17:53

Ik wens je, (jullie) een jaar 2012 als de geurige balkenbrij en extra goeds voor ‘Bram’.
mooi stuk!
:kus:
Pally

Boukje · 2 januari 2012 op 18:45

Oh Arta, wat een mooi geschreven stukje. Ademloos gelezen en genoten!

pepe · 2 januari 2012 op 19:51

:wave: :wave: :wave:

Mien · 2 januari 2012 op 23:24

Wat balkenbrij al niet losmaakt in dit multimediale wereldje waarin we leven.
Zolang we er geen nostallergie van krijgen is daar niets mis mee.
Mooie column, graag gelezen.

Mien [b][url=http://www.webklik.nl/user_files/2009_09/64076/BREI_HAAKWINKEL/breinaalden_1.jpg]Brijbalken[/url][/b]

arta · 3 januari 2012 op 20:07

Dank jullie wel voor de reacties! Moge 2012 jullie veel inspiratie, geluk, gezondheid brengen!
Van dat laatste hoop ik in mijn huis ook wat te mogen ontvangen voor ‘Bram’.

Enne… Dat ik ons familierecept voor grijze balkenbrij verklapt heb, vertellen jullie niet door, hè? 😉

dashuri · 4 januari 2012 op 10:19

Arta, mijn beste wensen voor een literair en zoveel-meerjaar. Prachtig stukje, dit, leest zó weg!

trawant · 4 januari 2012 op 14:36

Nagelgruis… dat woord siddert al de hele middag door mijn hoofd..Is dat écht nodig?

Hoop dat het gesmaakt heeft en wens jou ( en allen) veel goeds en gezondheid in 2012.
EN meer van dit soort mooie, mooie stukjes!

Harrie · 20 januari 2012 op 11:02

:duimop:

LouisP · 28 januari 2012 op 11:36

‘Is dat écht nodig?’
hier moest ik toch wel hard om lachen.
Arta, wat gaat de tijd snel zeg. De volgende VC zit er al weer aan te komen. Ben benieuwd!

Geef een antwoord