Ik mag mijn boekje in de grootste boekhandel van de stad neerleggen. Om te verkopen.
Tot mijn verrassing reageert de baliemedewerker welwillend en gematigd enthousiast als ik naar die mogelijkheid informeer.
Ik moet er namelijk wat mee, met dat boekje. Het is een selectie van 60 van de leukste stukjes die ik de afgelopen anderhalf jaar geschreven heb.
Iedereen die het leest is laaiend, zelfs een vrouw die als gevolg van een gecompliceerde bevalling met concentratiestoornissen kampt, leest het in een adem uit. Mijn schoonmoeder van 85 heeft het zelfs twee keer achter elkaar verslonden.
Ik krijg regelmatig samenzweerderige lachjes van mijn mondhygiëniste die bij ons in de buurt praktijk houdt en die ik in proza vereeuwigd heb.
‘Daar is die meneer van dat stukje. Ach…’
Dat streelt mijn ijdelheid. Ik zie een stapeltje op een tafel liggen. Mooi recht, met de titelkant naar boven.
En mensen die erin bladeren en glimlachen en het meenemen naar de kassa waar het ingepakt wordt en met de bon in een tasje mee naar huis gaat.
Voor op het nachtkastje. Een paar stukjes voor het slapen gaan. Ik zie de kopers tevreden hun bedlampje uitknippen.

Maar nu moet ik volgende week gaan onderhandelen met de grootste boekhandel van de stad. Over de verkoopprijs en de inkoopprijs en de kostprijs en het aantal stuks.
Ik weet nu al dat een zakelijke oogopslag niet genoeg zal zijn. Ook al neem ik me voor om scherp te zijn, ik ga ‘ in het pak genaaid’ worden.
( Het is vandaag Ronde van Vlaanderen op tv.)
Eigenlijk vind ik het al mooi genoeg dat mijn boekje daar mag liggen, tussen alle andere boeken.
Dat is niet professioneel.
Echte schrijvers laten hun uitgever zweten en met de nagels diepe voren in het bureaublad krassen als ze hun royalties bedingen, terwijl ze meedogenloos de kleine lettertjes van het contract uitwringen. Echte schrijvers zijn pas tevreden met een 10e druk en een gebonden jubleum uitgave met een sticker waar 100.000 en een uitroepteken op staat.

Ik denk dat ik elke dag bij de grote boekhandel langsga om mijn boekjes te tellen en ervoor te zorgen dat men er niet met vette patatvingers aanzit.
‘Nee dat boekje, daar blijft u even vanaf met uw vieze jatten.’
Ik vraag me af of ik wel een echte schrijver ben.
Maar toen ging de telefoon.
‘Meneer Trawant, kunt u er nog 1000 bij laten drukken, we waren er in één middag doorheen.’


11 reacties

Avalanche · 6 april 2010 op 08:33

Laat er steeds 100 drukken… zit je in no time aan de elfde druk! 😀

Geweldig dat het zo goed verkoopt!

SIMBA · 6 april 2010 op 08:58

Dit doet mij denken aan de kunstenares waarvan ik een beeld heb gekocht….Ze kwam het beeld brengen en neerzetten met veel liefde en tederheid en toen ze naar huis ging zei ze: “zorg er wel goed voor he!”.

LouisP · 6 april 2010 op 10:55

Trawant…..

hee stoertje…..grappig stuk…ik ben ook trots op jouw..
groet,

Louis

Dees · 6 april 2010 op 11:34

Onze nurkse trotse Trawant, voor het grijpen op de schappen rond de olle grieze. Maar als je niet uitkijkt krijg je wel eerst een ‘handen op’ en een scheut wasgel in de palmen. Het boekje heeft smetvrees…

Gefeliciteerd Trawant!

pally · 6 april 2010 op 17:27

Wat goed! Feli, trawant! :kus:
Pally

wamackaij · 6 april 2010 op 22:14

PROFICIAT!

lisa-marie · 6 april 2010 op 23:04

geweldig en gefeliciteerd 😀

trawant · 8 april 2010 op 13:59

Dank voor de gelukwensen..

Ehh.. dat van die 1000 in de 2e druk, is natuurlijk wishfull thinking.. :oeps:

Anne · 9 april 2010 op 19:23

He dat had je nou niet moeten verklappen. Gaat de Dutch Dream ook al stuk…. Niettemin, leuk. Ligt het ook in Amsterdam ergens?

trawant · 9 april 2010 op 20:36

Amsterdam moet nog veroverd worden 😉
Boekje is ook bij mij te bestellen;

Hoe en wat, daar maak ik een dezer dagen een topic in het cafe voor aan:

“Boekje Trawant”, dus…als je dan nog denkt
‘Hé, doe mij er ook maar een’..

Anne · 10 april 2010 op 10:47

Hé doe mij er ook maar een. 😉 Nadere gegevens zal ik afwachten in ’t café.

Geef een antwoord