Wakker worden (1)
Haar ogen draaien weg. Ik zie hoe het leven uit haar lichaam stroomt en ik kan niets anders dan huilen. Zo jong, zo vol van het leven. Allerlei plannen verdwenen als sneeuw voor de zon. Ze wou zo graag, maar het is voor haar te laat. Ze kan niet meer zeggen dat ze morgen echt gaat doen wat ze wil, zoals wij. Morgen ga ik die reis plannen. Morgen ga ik echt genieten.
