“Ga je mee naar buiten?” vraagt de jongen aan Charlotte. Het meisje knikt. Hand in hand verlaten de twee de aula, waar het schoolfeest inmiddels op zijn einde loopt. Charlotte en de jongen steken het schoolplein over. Achter de gymzaal omhelzen ze elkaar, en zoenen, zoenen, zoenen …

Na afloop van zijn vaste avondje in het stamcafé komt de vader van Charlotte thuis. De hond wacht hem kwispelend op. Charlotte is nog niet thuis. Vreemd, ze zou samen met haar vriendin van het schoolfeest naar huis komen. Meteen gaat de telefoon over. Het is Madelon, Charlotte’s vriendin. “Is Charlotte al thuis? Ik heb haar niet meer gezien. Ik heb nog een hele tijd staan wachten, en ben toen alleen naar huis gefietst,” beweert het meisje. Vader Peter zucht, bedankt haar voor het belletje, en hangt op. Hij loopt naar de berging, pakt zijn fiets, stapt op en gaat op pad. Peter kent de route die Charlotte meestal fietst. Maar onderweg: Niets! Bij de school aangekomen, is alles donker. Iedereen is weg. Ook Charlottes fiets is verdwenen. Peter begint zich zorgen te maken. Hij belt de politie, en er wordt gelijk een surveillancewagen gestuurd. Zodra de wagen is gearriveerd, stapt Peter in, en legt de agenten uit wat er aan de hand is. Ze volgen nogmaals de route die Charlotte normaal gesproken zou hebben gefietst. Weer niets! Dan rijden ze naar het huis van Charlotte’s vriendin. Madelon blijkt ondertussen niet stil te hebben gezeten. Ze heeft al een klasgenoot gebeld die ook op het feest is geweest. Hij vertelde haar dat hij Charlotte met een vreemde jongen naar buiten zag gaan. Het was geen leerling van school, wellicht een introducé. De politie vraagt het nummer van de klasgenoot. Ze nemen meteen contact op, vragen of hij een beschrijving kan geven van de vreemde jongen. Grijs jasje, zwarte broek en haren stijl achterover gekamd, bril met getint glas, normaal postuur. Meer info kan hij niet geven.

De agenten rijden terug naar het politiebureau. Onderweg wordt Peter thuis afgezet. “We nemen morgenvroeg in ieder geval contact op, en zo nodig eerder,” beloven ze de bezorgde vader. Peter gaat naar bed. Hij kan niet slapen, begint te malen en raakt in paniek. Radeloos ijsbeert hij door het huis. En steekt zijn zoveelste sigaret op.


Thomas Splinter

Verhalen zijn splinters uit mijn onderbewustzijn.

0 reacties

Geef een reactie