Maarten.
Er gaat geen dag voorbij dat ik me geen sukkel voel. De ochtend begint zoals gewoonlijk moeizaam. Bruut gewekt door de schrille klanken van de wekker en badend in mijn eigen zweet word ik, verstrikt in de gebloemde lakens uit de boedelscheiding, wakker. Elke ochtend neem ik me voor het krijsende onding én het wanstaltige beddengoed te vervangen voor zachte en neutrale versies.
Ik duw de vochtige lakens van me af en ga op de rand van het bed zitten. De droom waaruit ik ruw ben gewekt ligt nog vers in mijn prefrontale cortex.
‘Het door de tand des tijd aangetaste gebouw werd bevolkt door gedaantes die sterke overeenkomsten hadden met personen uit mijn verleden die duidelijk nog een rekening te vereffenen hadden. Uit kieren, gaten en vreemde spelonken in muren en vloer kwamen ze achter me aan. Met verwrongen maskers vol haat zwaaiden ze met documenten, messen en zelfs toiletborstels. Ze achtervolgden me terwijl ik me rennend door donkere gangen, die willekeurig versmalden of verwijdden en waar plots afgronden uit het niets verschenen, uit de voeten maakte.’
Het thema verwijt en achtervolging komt regelmatig terug in mijn nachtmerries, alleen het decor is elke keer anders. De ene keer is het een verlaten industrieterrein of een oude fabriek, de andere keer lege kantoorgebouwen of het grote huis waar ik met mijn ex-vrouw woonde. Ik begrijp wel waar het vandaan komt. Iedereen wil van alles van me maar ik heb geen idee wat.
Ik tast met mijn voeten naar de sloffen die half onder het bed liggen, doe ze aan en loop naar de badkamer. In de spiegel zie ik mijn opgezette smoel, het schaarse haar vettig tegen mijn slapen geplakt, de huid glimmend van het angstzweet die de nachtmerrie door mijn poriën naar buiten heeft geperst.
‘Je ziet er niet uit, man’, zeg ik hardop tegen mijn spiegelbeeld, en draai de kraan open.
Nadat ik me aan de wastafel provisorisch heb opgefrist, me rijkelijk met deodorant en aftershave heb besproeid – een keuze uit de collectie die ooit is samengesteld door ex en schoonmoeder, kleed ik me aan. Op doordeweekse dagen draag ik een pak. Lekker makkelijk.
Mijn appartement bestaat uit een zitkamer annex keukenblok en een kleine slaapkamer met aansluitend een badkamer met toilet. De inrichting is minimalistisch te noemen. De minder aantrekkelijke helft van de boedel is mij toebedeeld daar ex zich de eerste keus heeft toegeëigend. De rest komt uit de kringloopwinkel.
In de keuken vul ik de waterkoker. Bij gebrek aan melk giet ik kokend water, dat door het verkalkte apparaat in tien minuten geproduceerd is, in de beker met oploskoffie én in een schaaltje instant Brinta,.
Ik pak een lepel uit de besteklade, roer de pap en vervolgens de beker. De roer volgorde creëert een vlokkige koffie en pap met een dubieuze structuur en tint.
‘Gemak dient de mens’, zeg ik hardop.
Sinds enkele maanden spreek ik mezelf regelmatig toe om de stilte te doorbreken. Het horen van mijn eigen stem geeft aan dat ik besta en klinkt geruststellend.
Leunend op het aanrecht neem ik, om en om, slokken Brinta en koffie.

12 reacties
Mien · 31 oktober 2016 op 11:13
Bahhh … Brinta en koffie en daarna zeker ook nog eens goedkope tandpasta. Er valt nog veel te leren. Ben benieuwd hoe je deze jongeman door het vervolg gaat loodsen ES. In ieder geval een doorsnee begin. Het kan nog alle kanten uit.
StreekSteek · 31 oktober 2016 op 11:43
De sfeer is mooi neergezet; zie uit naar het vervolg en hoop op een verrassing.
Nummer 22 · 31 oktober 2016 op 15:15
Hmm..ik kijk uit naar t vervolg? en voor nu?
NicoleS · 31 oktober 2016 op 16:20
Ik ben een en al interesse. Komt u verder met uw vervolg.
Meralixe · 31 oktober 2016 op 19:22
“Elke ochtend neem ik me voor het krijsende onding én het wanstaltige beddengoed te vervangen voor zachte en neutrale versies.” vind ik een mooie zin.
Mag ik voorzichtig opmerken dat je een beetje sukkelt met de plaats van je komma’s?
Ik kijk uit naar deel twee…
Esther Suzanna · 31 oktober 2016 op 21:41
Ja hoor Meralixe, dat mag je. Ik heb enorm veel moeite met komma’s. De ‘regels’ ken ik maar de gevoelsmatige pauzes voel ik niet goed aan. Rotdingen.
Meralixe · 1 november 2016 op 08:01
Eigenaardig, hier staat je komma (na Meralixe) perfect. Kan het zijn dat je dan toch wat te krampachtig schrijft, dat je het te goed wil doen?
Luidop herlezen en al dan niet voelen dat het ‘natuurlijk’ klinkt kan ook wel eens helpen.
Snarf · 1 november 2016 op 00:15
Niks mis met je komma’s en reactie op columns … ?
Nummer 22 · 1 november 2016 op 07:50
Komma ma op met t vervolg?
pally · 1 november 2016 op 12:10
Mooie intro over een loser.
Wat betreft komma’s, daar zijn niet echt regels voor, dat is lastig. Je moet luisteren en kiezen. Ja, hardop lezen, dat helpt absoluut, Esther
Esther Suzanna · 1 november 2016 op 18:05
Dank jullie wel voor het lezen. Het is min of meer een pilot. Ik laat mezelf even meenemen in een verhaal dat ik met jullie deel.
Mijn ervaringen in het bedrijfsleven als ‘werkende’ in diverse hoge en lage posities en een behoorlijke portie fantasie is de basis.
Verwacht niet te veel want ik heb geen flauw idee waar het schip strand… 😉
Nachtzuster · 2 november 2016 op 17:09
Mooi opgetekend eerste deel. Kan zo een filmfragment zijn. Ik mis wel een beetje een soort van cliffhanger?