Het was koud. Een ijzige wind blies in zijn gegroefde gelaat. De plaksneeuw kraakte onder zijn breedgeneusde wandelschoenen. Zijn zilverwitte haar glansde in de ochtendzon, zoals de beijsde sneeuw op de kale takken glinsterde. Zijn handen staken diep in de zakken van zijn lange zwarte winterjas. Zijn schouders waren opgetrokken, zijn hoofd een weinig gebogen, alsof er een zware last op drukte. Behoedzaam zette hij zijn ene voet voor de andere, weliswaar resoluut maar ook voorzichtig om een glijpartij te voorkomen. Zijn zachte ogen namen de vertrouwde omgeving in zich op. Hij liep langs het hondenveldje. Hij knikte vriendelijk naar het groepje dames dat zich daar dagelijks rond dit tijdstip ophield. Hun gekeuvel hield op – voor even – en ze beantwoordden zijn vriendelijke blik. Woorden werden niet gewisseld. Niet meer. Ze kenden zijn verdriet en hij wist het.

Hier liep hij dagelijks. Met haar. Jaar in, jaar uit. Het was hun rondje. Hij moest even slikken. Gek was dat, altijd als hij bij die grote eik, die daar al zeker honderd jaar moest staan, de hoek omging, kneep een diepe emotie hem zacht in de keel. Hoe vaak had hij haar op die plek niet teder vastgepakt, haar lippen zacht gekust en gefluisterd dat hij zoveel van haar hield. Zoals iedere dag vermande hij zich en stapte met iets fermere pas door. Hij dacht terug aan die ene keer, ze kenden elkaar nog niet eens zo lang. Zij was achter zijn grote geheim gekomen. En had hem de wacht aangezegd. Als verdoofd had hij toen hun rondje gelopen. Alleen. In tranen was hij toen thuis gekomen. En toen zij hem had gevraagd wat er aan de hand was had hij nauwelijks uit zijn woorden kunnen komen: hij realiseerde zich dat hij hun rondje voortaan alleen moest lopen. Gelukkig was het toen niet zover gekomen. Hun liefde was alleen maar sterker geworden. De genegenheid, de warmte en hun wederzijds begrip was zo krachtig dat ze er zelf dikwijls van schrokken. En uren konden ze praten. Over de verwondering waarmee zij beiden het leven aanschouwden. Over de zware tijden, vroeger. Over hun vertwijfelingen ook. En hun angsten. Over hun belevenissen van de dag. Vaak ook waren woorden niet nodig. Een subtiel handgebaar, een knipoog, een zachte liefdevolle blik.

Hij liep langs het bankje. Zijn warme diepbruine ogen werden vochtig. Toen haar gezondheid minder was geworden namen ze hier vaak een pauze. Dan zaten ze stil naast elkaar en genoten van hun speciale plekje. Het bankje was leeg en een laagje sneeuw beschermde de drie dierbare groen geverfde planken. Hij haalde zijn linkerhand uit zijn jaszak en het leek alsof zijn vingers de hare zochten. Hij graaide vergeefs in de koude winterlucht, er was geen verkleumde hand die hij kon warmen. Hij was al bijna thuis nu. Zijn rondje zat er al weer bijna op voor vandaag.

Toen hoorde hij het: “Liefste…… Liefste”. Hij stond even stil en spitste zijn oren. Verbeeldde hij het zich? En het klonk weer in zijn oren: “Liefste, ik ben het”. “Ben jij het werkelijk? Mijn God, als je eens wist hoeveel ik je mis”, fluisterde hij terwijl zijn tranen over zijn wangen liepen. “Ja, ik weet het schatje. Ik mis jou ook. Maar ik heb goed nieuws. Er is zojuist een kamer vrijgekomen, naast de mijne. Als je wilt kan ik een goed woordje voor je doen.” “Ja, dat wil ik”, zei hij hardop. Het bleef nu stil. “Ja, dat wil ik”, zei hij nu in zichzelf. “Er is niets dat ik liever zou willen”. Hij liep nu weer door. Snel naar huis. Zoals vroeger, als hij iets spannends had meegemaakt. Dan kon hij niet snel genoeg naar huis gaan om haar deelgenoot te maken van zijn avonturen. Hij was nu ook opgewonden. “Er is een kamer vrijgekomen!!”. Diep in deze mooie gedachte verzonken haastte hij zich naar huis. Hij stak de straat over en zag de auto niet aankomen. Hij was op slag dood.


Chris

Chris den Daas

3 reacties

Avalanche · 29 november 2009 op 20:05

Brok in mijn keel. Prachtig!

pally · 29 november 2009 op 23:35

Ha Chris, alles bij elkaar is het best een mooi verhaal, maar toch pakte het mij niet. Ik vond het te ‘vet’. b.v. in de eerste alinea al: breedgeneusde wandelschoenen, zilverwitte haar, zachte ogen etc.
Zo kan ik nog wel even doorgaan. Probeer het veel soberder te houden, is mijn advies.
Sorry, volgende keer beter

groet van Pally

Fem · 30 november 2009 op 11:16

Het ligt er idd een klein beetje te dik op en dat is jammer… Zonder al die poespas is het namelijk een ontzettend ontroerend verhaal!

Geef een antwoord