Het water spettert in mijn gezicht en ik proef het Somalische zout op mijn lippen. We schuimen de oneindig blauwe zee af naar vakantievierende zendpiraten, maar tot nu toe is het rustig. Even maakt mijn hart een sprongetje bij het zien van een knalgele zwembroek in de verte. Ik kom eraan, dacht ik, tot ik de bruingelooide lappen leer van Dries Roelvink zag, die rustig aanmeerde op een verlaten eilandje om zich bij Le Mistral te voegen. Ons schip wijkt behoedzaam uit. Plotseling klinkt er gekraak op de radio. De marconist draait verhit aan de knoppen, tot de glimlach van een kind over het dek schalt. Ik pak mijn verrekijker en richt op de horizon. Daar! De vlieger wappert als een ware piratenvlag in de verte. Het is ons baken en we gaan op volle kracht vooruit.

Mijmerend loop ik over het dek. Ik dacht het wel gehad te hebben na kerst. De ene na de andere piraat hield een marathon, die al mijn favoriete stations ernstig wist te verstoren. Internetradio was ook al geen optie, omdat de speakers door al het geweld klonken alsof er een horde oorlogvoerende Tiroler kabouters aan het brabbelen was. Dus zocht ik mijn weg naar de enige zender die iedereen tijdens de kerstperiode lijkt te mijden, maar zelfs Sky Radio was overspoeld met smartlappen. Ik ga doorgaans met een lach door het leven, maar dit werd zelfs mij te gortig.

Op weg naar het piratenschip neemt mijn wroeging verder toe. We passeren een eenzame surfer op de golven richting de kust, maar laten ons niet afleiden. De radio blijft kraken en steeds weer huil ik bij het idee dat Nederland zelfs vanuit hier wordt gestoord door allerlei uitschot zoals Lucas en Gea, ook al pretenderen zij hier slechts op vakantie te zijn. ’t Was aan de Costa del Sol, zeggen ze dan, maar die piraten zien elk eiland in de zon aan voor de Costa.

Bij het vallen van de nacht krijgen we plotseling contact met het schip van BREIN. ‘Hier Agentschap Telecom, over. We hebben onderweg alleen een eenzame surfer gezien, over. Nee, hij had Dries Roelvink niet op sleeptouw. Nee, Jannes was ook niet gedownload, we hoorden hem in ieder geval niet roepen om vrij te worden gelaten. Onze piraten zijn recht vooruit? Prima, dank u, over en uit.’

Als de morgen is gekomen bereiken we het schip. De radio klinkt zuiverder dan ooit. Geluidstechnisch, in ieder geval. De vlieger wappert ritmisch in de wind. Net als we besluiten het schip te enteren, komen twee ongeschoren mannen met enorme bierbuiken aan dek. Omdat ze alleen onverstaanbare kreten mompelen, besluiten we aan boord te gaan om eventuele apparatuur in beslag te nemen. We openen de deur van de eerste kajuit en zien twee Somaliërs rondom Frans Bauer staan. Even twijfelen we of we de tweede partij zijn die het schip wil kapen, maar dan blijkt hij onder het mes te zijn voor zijn meniscus. Ze bieden nog aan om direct zijn stembanden te verwijderen, maar na lang twijfelen lijkt dat toch te barbaars.

Iets verderop treffen we een onzekere Gordon, maar we verzekeren hem dat we vannacht niet bij hem blijven en dat het zo weer voorbij is. Rachel Hazes komt ’n beetje verliefd voorbij waggelen als een tweede Keetje Tippel, maar we laten ons niet afleiden. Uiteindelijk treffen we de buit: geluidmixers en uitzendmicrofoons worden in beslag genomen en uiteindelijk besluiten we de gehele mast omlaag te halen. Uiteraard geeft Agentschap Telecom wel lange roeispanen mee, zodat de piraten volgende kerst weer thuis zullen zijn. Of iets later.

Mijn schip met het Agentschap vaart tevreden terug richting de kust. Het is uiteraard maar een piratennest geweest, maar elk schip is er weer een. De lucht is weer even geklaard voor echte muziek. Onderweg treffen we nog eenmaal onze vrienden van BREIN. ‘En, hebben jullie nog illegale downloaders gevonden op deze stromingen?’
‘Dat helaas niet, maar we komen wel thuis met een enorme drugsvangst! We hebben Amy Winehouse!’


11 reacties

DriekOplopers · 16 januari 2009 op 15:39

Topcolumn, Neus!

Krasblog · 16 januari 2009 op 15:47

Had hem al op Fok gelezen, maar super. (Maar dat wist je al)

pally · 17 januari 2009 op 17:06

het is grappig geschreven, Neus, maar toch begrijp ik de inhoud niet helemaal. Kan aan mijn jetlag liggen. 🙁

groet van Pally

Mosje · 17 januari 2009 op 21:41

Whah, die slotzin: prachtig 🙂

Dees · 18 januari 2009 op 00:24

bjoetie 😉

Prlwytskovsky · 18 januari 2009 op 15:06

Die drugsvangst, wahahaaa schitterend. 😆

Ma3anne · 18 januari 2009 op 18:05

Zelfs zonder jet lag snapte ik dit verhaal de eerste keer niet helemaal.
Maar na twee keer lezen, begint het me te dagen aan de horizon. Ben niet zo op de hoogte van de hedendaagse piraten (behalve de Somalische) en al helemaal niet van Nederlandse smartlappen en hun zangers, maar ik herkende een paar gouwe ouwen en neem dus maar aan dat er meer woordspelingen gebruikt zijn, al kan ik die niet vinden in mijn onkunde.

Beetje vaag verhaal dus voor mij, maar wel weer op zijn Neus’ degelijk in elkaar getimmerd. En wat zo heerlijk is: ik ben over geen enkele fout gestruikeld. Mijn dank hiervoor! 😀

Neuskleuter · 18 januari 2009 op 21:46

Bedankt voor de leuke reacties!

@Ma3: ik ben er ook niet bijzonder in thuis, maar een beetje Googlewerk leverde veel op. Het verbaast me enigszins, maar ook smartlappers kunnen zo enigszins literaire vormen aannemen :kophouwe:

arta · 18 januari 2009 op 22:27

Ook hier niet helemaal bekend met alle achtergrondverhalen, maar dat neemt niet weg dat het wél goed geschreven is!
🙂

doemaar88 · 19 januari 2009 op 09:53

Leuk stuk, leuke titel, leuke uitsmijter. Gewoon leuk dus :hammer:

Mien · 19 januari 2009 op 16:34

Wat een heerlijke landerige liederlijkheid.
O nee, we zitten op zee.
Zeeige liederlijkheid … ach laat maar zitten.

Supercolumn.
Ik heb gelachen.
En wat een afsluiter!!!

Mien

Geef een antwoord