Het drietal is makkelijk te vinden. Sinds het invoeren van de avondklok voor de ongewensten onder ons is het rustig op straat. De sergeant opsporing versnelt zijn pas. Zaken met kinderen liggen nog steeds gevoelig. Hij vraagt de man om uitleg. ´Mijn vrouw trof het kind in de telefooncel aan. Ze had alleen een papiertje bij zich met haar naam, Evelien en het verzoek goed voor haar te zorgen. Ze heeft geen ouders meer en haar verzorger is te ziek om haar verder op te voeden. Omdat ze geen geldige documenten heeft, hebben we met opsporing en uitzetting gebeld.`
´Dat heeft u goed gedaan. Dit soort zaken moeten we snel en adequaat oplossen. Fijn dat u uw verantwoordelijkheid niet uit de weg bent gegaan. Ik wil wel eerst uw papieren even zien.´
De sergeant twijfelt niet aan de documenten. Je moet wel gek zijn om met opsporing en uitzetting te bellen als je valse papieren hebt. Dan wendt hij zich tot het kind. Hij schat het meisje op een jaar of drie. `Je heet Evelien of niet? Waar zijn je ouders?´ ´Die zijn dood gegaan met vechten. Ik ging toen naar de buurman. Die is heel erg ziek.´ ´Waar woonde je?´ ´In de buitenwijk.´

De sergeant herinnert zich de rellen toen de eerste maatregelen tegen de overlast van de ongewensten onder ons van kracht werden. Het geweld richtte zich vooral tegen de normale burgers. Het leidde tot de oprichting van opsporing en uitzetting. De ongewensten zijn grotendeels uit de buitenwijken verwijderd. Maar wat moet hij nu met deze Evelien? Het meisje oogt en praat duidelijk als een van ons. Ze heeft op stel en sprong pleegouders nodig. Eigenlijk zijn papieren nog belangrijker. Zonder een identiteitsbewijs geldt ze als ongewenst.
´Ik moet haar toch meenemen naar het bureau. Het is ook beter als we weer vlug van de straat zijn,´wendt de sergeant opsporing zich tot het echtpaar. ´Ik zal papieren voor Evelien moeten regelen. Het zijn moeilijke tijden voor documentlozen. Gaat u mee?´
´Kom maar, Evelien, dan gaan we met deze mijnheer mee. Het komt allemaal in orde.´ De vrouw pakt het meisje bij de hand en ze lopen achter de sergeant opsporing aan.

´We zijn wel begaan met het lot van Evelien. Ze heeft haar ouders verloren en nu heeft haar verzorger haar in de steek gelaten. Wat doet dat allemaal met zo´n kind? Vindt u ook niet dat we haar moeten helpen?´
´Ik kan, denk ik wel wat regelen. Om allerlei papieren rompslomp te vermijden, mogen we veel zelf beslissen. Bureaucratie kunnen we niet gebruiken. Daar maken de ongewensten onder ons alleen maar misbruik van. Ik heb daarbij wel uw medewerking nodig.`

Het is rustig in de dependance. De meeste gevallen worden meteen op straat geregeld. De sergeant overlegt op gedempte toon met een collega. Het echtpaar krijgt slechts flarden van het gesprek mee. ´…beslist een van ons… in orde maken…. moeten wel mee werken…´ ´Ik heb met m´n collega overlegd.
Als u nu eens de voogdij over Evelien krijgt. Ik weet dat ik veel van u vraag, maar anders moet ze naar de opvang. De benodigde documenten kan ik binnen een paar minuten klaar hebben. Dan heeft iedereen geldige papieren en is de zaak uit de wereld.´
´U vraagt nogal wat. Dat moet ik eerst met m´n vrouw bespreken. Kunt u ons een moment alleen laten?´ ´Ga maar even naar buiten.´ Als het echtpaar wegloopt, begint Evelien zachtjes te huilen. De vrouw draait zich om. ´Dit kan ik niet over m´n hart verkrijgen. Laten we het maar doen.`
De sergeant gooit de papieren van het echtpaar na ontvangst in de oven om ze zo snel mogelijk te verbranden. ´Rondslingerende documenten zijn uit den boze. Voor je het weet vallen ze in de handen van de ongewensten. Ik geef u nieuwe waarmee u officieel de verzorging over Evelien krijgt. Ik maak voor haar een persoonlijk setje. Als u een momentje geduld heeft..` Nog geen tien minuten later is alles geregeld. ´Wel thuis. En nog bedankt voor uw medewerking. Ik ben blij dat we het allemaal zo snel hebben kunnen afhandelen.` ´Dank u.´

Buiten huppelt Evelien voor het echtpaar uit. ´Wat heeft ze het goed gedaan, he?´ ´Ja, we kunnen trots zijn op onze dochter. Ze heeft haar rol perfect gespeeld.´


Frans

Ooit schreef ik voor een regionaal dagblad. Daar hadden ze na 22 jaar genoeg van en nu probeer ik het hier. Na een grote tussenpauze hoop ik de draad weer op te pakken.

6 reacties

LouisP · 17 november 2010 op 13:28

Frans,
het verhaal is wat onduidelijk. En soms is dat juist bijzonder. Is het in Nederland na de ‘groote verandering’? Dat denk ik erbij namelijk.
Op een of andere manier is het verhaal ondanks de lengte te ‘kort verteld.’ het gegeven te simpel. Weinig ruimte tot fantasie. Het klinkt ook als op de hak nemen van de bureaucratie.
Het einde is te eenvoudig. Ik voel weinig van de personages, het decor. Maar het idee is goed.

louis

datmensinkenia · 17 november 2010 op 13:46

Misschien juist omdat ik weinig kennis heb over de omstandigheden, maar als vrijstaand verhaal vind ik hem erg goed, leest makkelijk weg en met een bevredigend slot.

Frans · 17 november 2010 op 14:37

Het speelt in de nabije toekomst in een niet nader genoemd maar wel erg voor de hand liggend land. Misschien moet ik een verhaal schrijven waarin ik een tipje van de sluier oplicht hoe het zo is gekomen. Al zal het een hele klus worden om dat een beetje geloofwaardig neer te zetten.

Mien · 18 november 2010 op 07:41

Jammer dat deze column zo weinig reacties krijgt.
Ik vind hem triestig goed.
Je wordt misleid door de eenvoud van de vertelling. Aan het eind word je echter genadeloos verrast.
Ben overigens wel benieuwd wat deze papierwinkel op heeft geleverd in NL of Vergweggiestan?
De titel dekt hier goed de lading.

Evemien ontmaskert

Anti · 18 november 2010 op 09:10

Intrigerend verhaal Frans.

arta · 18 november 2010 op 12:42

Dit roept om een vervolg!

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder