De steen vliegt met een denderende klap door de ruit van de voorkamer. Cees Pereboom schrikt zich een ongeluk. Vlug duikt hij op z’n dochtertje met wie hij op de bank televisie zat te kijken.’Pedo, pedo weg er mee!’, scandeert het groepje buurtbewoners in de voortuin. ‘Oh nee, niet weer’, slaat hij de handen voor z’n gezicht. Een tweede steen raakt hem vol op de schouder. Ansje begint te huilen. ‘Kijk die viezerd eens. Hij heeft een kind bij zich. De goorlap. Kom op!’
Het opstootje dreigt te escaleren. ‘Ik zag hem laatst vanuit de bosjes naar het schoolplein gluren. Het zwijn!’
‘Ja logisch hij werkt toch bij de plantsoenendienst.’
‘Daar heeft-ie natuurlijk bewust voor gekozen. Dan kan-ie zich mooi achter z’n werk verschuilen. Opzouten met die man. En als de politie hem niet oppakt, doen we het zelf wel.´

´Kom mensen het is mooi geweest. Wegwezen hier.´
De inmiddels gearriveerde politie grijpt in. ´Wat krijgen we nou. Nemen jullie die smeerlap nog in bescherming ook!´
De agenten drijven het groepje buurtbewoners met gepaste dwang uit elkaar. Na enige minuten keert de rust terug.

Twee dienders bellen bij Cees Pereboom aan. Aarzelend maakt de man de deur open. Een arm houdt hij beschermend over z’n dochtertje Ans. Het meisje staat bevend van angst tegen haar vader aan.
‘Kunnen we even binnenkomen. We moeten praten’, zegt een van de agenten.
Ze lopen naar de huiskamer. ‘Gaat u toch zitten.’
‘Nee we blijven liever staan. U weet dat er in de buurt een jongetje is lastiggevallen. Kijk, we praten niet goed wat de mensen doen, maar u bent een veroordeeld pedofiel.’
‘Dat is jaren geleden.’
‘Met alle respect, maar uw soort verandert nooit. Is dat u dochtertje?’, wijst een agent naar Ansje, die meteen nog dichter tegen haar vader aankruipt. ‘Mag die wel zonder begeleiding bij u zijn?’
‘De eerste paar keer was er iemand bij. Maar ze wisten al snel dat ik niet zo ben. Ik ben ook nooit veroordeeld voor incest.’
De stem van Cees Pereboom trilt van ingehouden woede.
‘Wat denken ze wel. Alsof hij z’n dochter ooit wat aan zou doen.’
Het liefst zou hij de agenten z’n huis uitslaan. Maar hij weet uit ervaring dat dat de zaak alleen maar erger maakt. Ontkennen heeft ook geen zin. Hij is nu eenmaal voor ontucht met een minderjarige veroordeeld.

In z’n geboorteplaats Veenendaal heeft de buurt hem ook uit z’n huis gejaagd. Het heeft hem niet alleen z’n baan maar ook z’n huwelijk gekost. De echtscheiding was alles behalve een pretje. Ria, z’n vrouw verzette zich met hand en tand tegen een omgangsregeling met Ansje. En het was tot z’n verleden bekend werd een prima huwelijk. Uiteindelijk is hij hier naar Hilversum verhuisd.

‘U kunt vannacht beter niet thuis blijven. Wij zorgen er wel voor dat de ruit wordt hersteld. Kunt u ergens terecht?’
‘Ik breng Ansje eerst maar weer naar haar moeder. Dan overnacht ik zelf wel bij mijn ouders. Die wonen ook in Veenendaal. Ansje, kun je je spullen bij elkaar pakken dan breng ik je naar huis. Ik zal mama bellen dat we er aan komen.’

Cees Pereboom loopt naar de slaapkamer om een pyjama en wat schone kleding in te pakken. Hij zal ook z’n ouders moeten bellen. Al heeft hij een sleutel van het ouderlijke huis. Felix de poes, die hij apart moest zetten omdat Ansje allergisch is voor katten, schurkt spinnend tegen hem aan. Zonder er bij na te denken krabt hij het beestje over de kop.

‘Als dat geen nicht is. Een echte kerel heeft een hond’, fluistert een van de agenten tegen zijn collega.
‘Blijft u dan hier totdat ze de ruit hebben hersteld of moet ik daar op wachten?’ ‘Het komt in orde. Gaat u maar.’

Ria gaat helemaal over de rooie. Ze verwijt haar ex-man dat hij hun dochtertje in gevaar heeft gebracht.
‘Ik heb vanaf het begin gezegd dat het niks is. De mensen zullen je altijd blijven houden voor de viezerik die je bent’, komt er een hoop oudzeer bij de vrouw boven.
‘Ze is alleen geschrokken. Er is niks met haar gebeurd. Morgen is ze het weer vergeten’, probeert hij Ria te kalmeren.
‘Nooit, nooit laat ik haar ooit nog alleen met jouw. Zorg nu maar dat ze snel weer thuis komt.’
Cees Pereboom hangt op. Hij gaat op de bank zitten en onderdrukt z’n tranen. Ansje moet niet zien hoe vertwijfeld hij is. Daar is niemand mee gediend.

De volgende morgen komt Cees Pereboom weer thuis. De houten plank die voor de kapotte ruit is getimmerd, staat vol leuzen. Hij slaat er geen acht op.
De geschiedenis herhaalt zich. Ook in Veenendaal werd z’n huis beklad. Cees Pereboom begreep dat Ria het er moeilijk mee had. Hij neemt haar wel kwalijk dat ze nooit de moeite heeft genomen om zijn kant van de zaak aan te horen. Ze wilde van het ene op het andere moment niks meer van hem weten. Hij had het haar beter van te voren zelf moeten vertellen.
Maar wat nu? Hij kan toch niet aan het verhuizen blijven? Nee, hij moet contact opnemen met Els, het vermeende slachtoffer. Dat had hij vorige keer al willen doen. Hij zag er uiteindelijk van af omdat hij haar niet met het verleden wilde confronteren. Maar nu moet hij wel. Anders blijft de zaak hem achtervolgen. Els is de enige die zijn naam kan zuiveren. Zoveel stelde het niet voor. Als het goed is, woont zij nog steeds in Veenendaal.

Via oude schoolkameraden weet Cees Pereboom z’n slachtoffer op te sporen. De twijfel slaat weer toe. Hij blijft zich afvragen of hij er wel goed aan doet om Els er bij te betrekken. Dan hakt hij de knoop door en besluit haar te bellen.
‘Met Els van Maren.’ ‘Hoi met Cees. Ken je me nog?’ ‘Ja, wat moet jij van me?’ ‘Hang asjeblieft niet op. Ik wordt overal weggepest door die zaak met jouw. Het verpest m’n leven. Mijn huwelijk is naar de knoppen. Ik ben verhuisd naar Hilversum en nu hebben ze me hier een paar dagen geleden stenen door de ruit gegooid. Terwijl m’n dochtertje bij me was. Ze zat nota bene naast me op de bank. Mijn vrouw is er altijd op tegen geweest dat ik Ansje af en toe zag. Jij weet dat ik niet zo ben. Help me asjeblieft.’
Els houdt de boot af. ‘Ik heb m’n eigen leven. Dat ga ik voor jouw niet op de kop zetten. Ik heb er absoluut geen zin in om het verleden weer op te rakelen. Wat moet mijn man wel niet denken als alles naar buiten komt?’ ‘Wil je dan op z’n minst met m’n ex-vrouw praten? Mag ze je bellen? Dan vindt ze het misschien weer goed dat ik Ans af en toe kan zien. Ik wil niet dat ik ook nog m’n dochter verlies. Ik ben al zoveel kwijt. Asjeblieft. Ik zie het niet meer zitten’, doet Cees Pereboom nog een poging om Els te vermurven.
‘Nou, vooruit dan. Maar ik praat alleen met haar. Het was ontucht. Dat weet jij ook wel.’

Het kost Cees Pereboom bijna net zoveel moeite om z’n ex-vrouw zover te krijgen dat ze met Els belt. Uiteindelijk hebben z’n smeekbedes succes.

‘Van Maren’ ‘U spreekt met Ria Lelkens, is u vrouw thuis?’ ‘Ja, ik zal haar even roepen.’
Els aarzelt of ze de telefoon zal aannemen. Ze wil niet dat haar man meeluistert. Ze geneert zich. Eigenlijk is het allemaal haar schuld. Een jeugdzonde met ongekend grote gevolgen. Maar goed, ze heeft het Cees beloofd.
‘Weet u waarvoor ik bel?’, vraagt Ria. ‘Ja. Cees heeft me gevraagd om met u te praten. Wist u dat we verkering hebben gehad?’ ‘Nee, dat heeft hij nooit verteld.’
Ineens loopt Els van Maren leeg. Het moet er nu allemaal uit. ‘M’n ouders zagen niks in Cees. Ze vonden mij nog te jong voor verkering. Ik had daar maling aan. Hij was m’n grote liefde. We bleven elkaar stiekem zien en hadden ook sex. Toen m’n ouders daar achter kwamen, was ik zo bang voor straf dat ik zei dat hij me dwong. Voor ik het in de gaten had, deden m’n ouders aangifte wegens aanranding en moest Cees voor de rechter komen. Vrienden verklaarden dat ik zelf steeds contact met Cees zocht. Van aanranding was geen sprake. De officier van justitie trok die beschuldiging ook in. Maar ja, ik was 15 en Cees 18. Vandaar dat hij voor ontucht met een minderjarige werd veroordeeld. Dan ben je officieel een jeugdig pedofiel. Het spijt me zo. Het spijt me zo. Bent u daar nog?’, stamelt Els.

Epiloog
Ria laat de telefoon uit haar hand vallen. Ze is verbijsterd. Waarom heeft ze Cees niet vertrouwd? Ze hadden een goed huwelijk, toch. Wat een rotmeid om Cees er zo in te luizen. De krant stond er vol van toen hij een paar jaar geleden als pedofiel aan de schandpaal werd genageld. Dat heeft dat kreng ongetwijfeld ook meegekregen. Ze zal dat wijf eens mores leren. Met een smoesje weet Ria het adres van Els bij Cees los te krijgen.

Els weet niet wat haar overkomt als ze op een dag door een woedende vrouw wordt aangevallen. Zwaar gewond wordt ze in het ziekenhuis opgenomen. Ria gaat achter de tralies voor ernstige mishandeling.
Ansje is opgenomen in een pleeggezin. Cees Pereboom heeft er alles aangedaan om de voogdij te krijgen. Hij had geen schijn van kans. Zeker niet toen bleek dat hij lid was van een belangenvereniging voor pedofielen. Dat hij dat deed om er achter te komen hoe hij zich in de toekomst tegen woedende buurtbewoners moest beschermen, achtte de rechter niet geloofwaardig. Cees Pereboom is immers een notoir pedofiel. Dat is zo oordeelde de rechter in het verleden verschillende keren gebleken. Hij is toch niet voor niks een paar keer verhuisd.


Frans

Ooit schreef ik voor een regionaal dagblad. Daar hadden ze na 22 jaar genoeg van en nu probeer ik het hier. Na een grote tussenpauze hoop ik de draad weer op te pakken.

4 reacties

LouisP · 21 oktober 2010 op 16:40

Frans,
da’s een ander paar mouwen…
Het begin pakte me wel…hoewel ik het te weinig subtiel vond. Zeker de uitspraken van de agenten.
Die stoorde me wat…..

gr.
Louis

arta · 22 oktober 2010 op 09:15

Bijzonder, dit verhaal ‘van de andere kant’, het blijkt maar weer ’s mens eigen te zijn om klaar te staan met vooroordelen…

Een paar puntjes van aandacht: Je maakt vrij veel vergissingen met jou/jouw, u/uw, het woord epiloog is overbodig, omdat het verhaal gewoon doorloopt. De laatste alinea zou ik in zijn geheel weglaten, hij haalt de impact van de voorlaatste alinea weg…

Frans · 22 oktober 2010 op 10:20

Bedankt ik zie ze nu ook.

sylvia1 · 22 oktober 2010 op 20:24

In eerste instantie vond ik het verhaal niet zo mooi opgeschreven, oa door wat Arta noemt, maar ik moet zeggen, ik heb er nog een paar keer aan terug gedacht, dus dan is het toch heel sterk, sterker dan ik dacht.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder