Het is vrijdagmiddag, rond half 3. Tijd voor de wekelijkse boodschappen. Op het parkeerterrein van de Aldi is het rommelig druk. Een man staat boodschappen in de achterbak van z’n auto te laden, terwijl hij zijn winkelwagen ongeveer een meter van zich af heeft staan. Zodoende is het haast onmogelijk er langs te kunnen. Auto’s komen aanrijden en bijna iedereen wil voor de deur parkeren, terwijl er iets verder van de deur plaats genoeg is. Tijdens het pakken van een karretje, kan ik niet meer achteruit. Er staat een mevrouw stokstijf achter me. Helaas dringt het niet echt tot haar door dat als ik er niet uit kan, zij geen kar kan pakken. Na een “Sorry!” van mijn kant, doet ze verdwaasd een stap opzij.
Tussen de koffie en de frisdrank staat een mevrouw dromerig te kijken. Haar mond vertrokken tot een gespannen grijns. We zullen moeten wachten tot ze weer wakker is, om verder te kunnen.
M’n vriend sluit aan bij het loket waar je lege flessen in kunt leveren, terwijl ik alvast het één en ander in de kar gooi. Dat legt hij dan weer netjes neer, zodat het ook heel thuis aankomt.
Tussen de groente en het brood is het altijd stressen. Daar staan een paar aktiebakken, die het pad smaller maken. Zolang iedereen achter elkaar langs de dozen loopt, is er niets aan de hand. Maar nee, het barst van de spooklopers, die moeilijk kunnen besluiten wat ze zullen eten en dus twijfelend heen-en-weer lopen. Quasi ontspannen leun ik op de rand van de aktiebakken, tot ik erbij kan.
De eieren. Die staan in zo’n onmogelijke hoek, dat er altijd wel iemand voor staat. Deze keer zijn het een paar kwekkende dames, die elkaar vast al een paar jaar niet meer hebben gezien. Kan ik me iets bij voorstellen, want ze zien en horen ook helemaal niet dat er mensen zijn die eieren willen pakken. Ik besluit geen jaren te wachten en stoot “per ongeluk” tegen één van de winkelwagens aan. Zeg vervolgens “Sorry!” en pak een doos eieren. Ik word geïrriteerd na gekeken en loop grijnzend verder.
Dan de slopende weg langs de verpakte vleeswaren. Een mevrouw heeft haar kar midden in het pad geparkeerd en zichzelf tussen de kar en de vleeswaren. Ze heeft nogal wat vlees op de botten, zodat het onmogelijk is er langs te kunnen. Ik besluit niets te zeggen, terwijl ik haar kar naar de andere kant van het pad duw. Gris wat vleeswaren uit het vak, werp ze van een afstand in onze kar en sla de hoek om, het volgende pad in.
Dit kleine stukje winkel hebben we al overleefd, hoewel het met m’n hielen wat minder gaat. Daar zijn al verschillende karren tegenaan gekomen. En, erg om te zeggen, meestal zijn het de winkelende bejaarden die een aanslag op m’n benen doen.
Dit pad gaat iets sneller, op naar het volgende pad. Dat is helemaal lachen, het snoep-, koek- en zoutjespad. Favoriet bij veel mensen. Tot overmaat van ramp staat het ook nog eens volgebouwd met aktiedozen vol paaslekkernijen. Voor dit pad staan de kassa’s. Steevast lopen de rijen door tot in het pad en niemand wijkt een klein stukje om een ander erdoor te laten. Bang hun plekje in de rij kwijt te zullen raken.
Als we erin geslaagd zijn snoep, koek en zoutjes in te laden, moeten we proberen de diepvriesbakken te bereiken. Probleem, want dit pad wordt vanaf 2 kanten belopen en een pallet diepvriesartikelen verspert het pad, zodat we langs de aktieartikelen moeten zien te komen om aan de andere kant in de diepvries te kunnen kijken.
Er zijn meer mensen die erdoor willen en er is duidelijk te zien dat het recht van de sterkste hier geldt. Ik heb geen kar en ben al heel snel het pad uit, helaas niet ongeschonden. Het bloed sijpelt langzaam uit een schaafwond op m’n enkel.
De weg naar de melk is compleet afgesloten. Een man en een vrouw staan te praten met een ander stel. De karren hebben ze, gemakshalve, aan de buitenkanten van het pad gezet. Lijkt handig, ware het niet dat de karren recht tegenover elkaar staan en de dames en heren ertussen. Het ziet er niet naar uit dat het gesprek snel beëindigd zal worden. Met een kort “Sorry!” loop ik tussen ze door, zonder te stoppen. Onze kar, met vriend erachter, mee trekkend.
Het laatste pad ziet er helemaal chaotisch uit. Daar staan 3 karren naast elkaar, geen bestuurder te zien. Even kijk ik of er iemand komt, om zijn of haar kar aan de kant te zetten. Niet dus, we duwen één van de karren aan de kant en laden de benodigde spullen in onze kar.
We sluiten aan achter de rij voor de kassa. Een man komt aangelopen met z’n kar, gaat om ons heen en moet met alle geweld tussen alle ander karren door, om een rustigere kassa te zoeken. Daarbij kijkt hij niet op of om en raakt verschillende benen.
Oh jee, een bejaarde vrouw in aantocht….. Ja hoor, stuurfoutje, m’n vriend wordt vol in z’n knieholtes geraakt. Daar houdt hij wel even last van.
Een vrouw met een ernstig gezicht wringt zich langs de rij. Haar kar heen en weer stuiterend tussen het vak potgroentes en de wachtende benen. Onze kar wordt ruw aan de kant geduwd door die van haar. Ik stap achteruit om de klap te ontwijken. Tegelijkertijd word ik van achteren geraakt door een man, die in één lijn doorstoomt naar het toiletpapier. Omlaag kijkend om de schade op te nemen, zie ik dat de onderkant van m’n broekspijpen al behoorlijk rood gekleurd is.
We laden de spullen op de lopende band. Even flink stapelen en de kar is leeg. Godzijdank hebben we een snelle kassiëre, zodat we al vlug uit het oorlogsgebied weg kunnen. Buiten strompelen we naar de auto, onderweg nog een aantal maal opzij springend, om de blindelings achteruit rijdende auto’s te ontwijken. De weg naar huis verloopt voorspoedig.
Onze benen hebben een week om te genezen, voordat we onze rantsoenen weer moeten aanvullen.


10 reacties

pepe · 6 maart 2004 op 13:16

Met een lach gelezen, wat je niet allemaal beleeft in zo’n klein uurjte boodschappen doen he…

Het mooiste is de lol ervan in te zien en te blijven lachen, want ergens hebben wij het toch maar mooi goed, we kunnen boodschappen doen omdat we rijk zijn.

Maurits · 6 maart 2004 op 14:10

Wat bezielt die Aldi klanten toch? Waarom doen ze zich die kastijding aan. Alleen maar om voor hetzelfde geld meer chips, meer vleesbeleg, meer bier, meer volvette kaas en meer koekjes te kunnen kopen. Als al die Aldi-adepten gewoon naar Albert Heijn gingen hadden ze veel minder ergernis, raakten ze niet gewond en hadden ze voor hetzelfde geld minder volle winkelwagens met dikmakende produkten. Je wordt dus niet gelukkiger maar ook nog eens slank door bij Aldi weg te blijven.

viking · 6 maart 2004 op 14:50

Kijk dat voordeel heb ík dan wel weer: kleren maken de man. Dát in combinatie met een royale 100kg (mag het ietsje meer zijn?) puur vlees (met een randje vet) aan de haak, zorgt er toch maar mooi voor dat de immer vrolijk en sympathiek ogende Viking:

1 Altijd plaats heeft
2 Zelden aan de kant hoeft
3 Snel aan de beurt is
4 Geen winkelpadversperringen in de gedaante van kwekkende huismutsen hoeft ‘weg te sorrieën’

😀

Kees Schilder · 6 maart 2004 op 15:41

Al eens in Staphorst wezen winkelen Viking?Wist je dat de plaatselijke supermarkt daar een bijbelboulevard heeft ingericht? Vlak naast de mariakoekjes en pornovideos.
Eftee, uit mijn hart gegrepen en, niets ten nadele van je andere columns want die zijn uitstekend, is dit de beste.

Ma3anne · 6 maart 2004 op 15:53

Leuke titel. Weer op de verkeerde poot gezet.:-)
Ik kom niet meer bij de Aldi om precies de redenen die jij zo beeldend beschrijft.

Wat ben ik toch blij met mijn buurtsuper aan de overkant, als ik dit lees. Ik winkel alleen maar als het rustig is (kan ik zien vanuit mijn voortuin), neem de kar mee naar huis en plant hem midden in huis om uit te pakken. Gemakkelijker kan niet. Gewoon een beetje minder rotzooi kopen en je bent niet eens duurder uit en het kost alles bij elkaar hooguit een kwartier uit en thuis in de kast.

Ik kan het iedereen aanraden een supermarkt tegenover zijn huis te laten bouwen.

Mosje · 6 maart 2004 op 15:56

Tja, supermartkten. Ik zal je binnenkort eens vertellen over mijn belevenissen daar……

Li · 6 maart 2004 op 16:07

Heel herkenbaar Eftee. En dan heb je ook nog moeders met kinderwagens waar hordes bekenden omheen staan om de pasgeborene(n) te bewonderen…

Winkelen…soms is het net een survivaltocht 😀

Mup · 6 maart 2004 op 23:07

Heel herkenbaar, eng gewoon. En dan thuiskomen, waar je je briefje had vergeten en blijkt dat je toch nog niet alles hebt 👿

Groet Mup.

Eftee · 7 maart 2004 op 21:46

Bedankt voor jullie reakties!
En ik moet ook nog even vermelden dat dit verhaal wel op enige waarheid berust, maar zo erg als het er staat is het nu ook weer niet hoor 😉 .

eveltje · 8 maart 2004 op 02:19

ik heb eens een maand aan de kassa van een warenhuis gestaan, ook geen pretje hoor.
het hatelijkst zijn mensen die 5 minuten voor sluitingstijd de winkel binnenkomen om dan een waslijst aankopen in te slagen.
leuke beschrijving

Geef een antwoord