Enkele jaren geleden had onze plaatselijke Jan Linders een geweldig hulpmiddel om te voorkomen dat je in de kassa-file terecht kwam. Bij elke kassa hing aan het plafond een soort display met daaraan een koordje. Het display hing op een hoogte (laagte eigenlijk) dat je het niet kon missen. Op het display stond met enorme koeienletters: ‘U hoeft niet te wachten. Trek aan het koordje en er komt een cassiere bij’. Voor de kenners van typografie: die letters waren minsten 300 pt. Je kon ze niet missen. En zoals bij veel supermarkten stonden ook aan deze kassa, als gevolg van 2 kassa’s open 8 kassa’s dicht, met enige regelmaat lange rijen suffe huissloven en aanhangsels als schapen te wachten op hun beurt. Behalve deze jongen. Wanneer zich bij de kassa een rij bevond (vanaf drie is een rij zullen we zeggen), aarzelde ik nooit een seconde maar liep naar een onbemande kassa, trok aan het koordje en laadde mijn voedselvoorraad op de band. Voordat ik mijn wagentje leeg had zat er al een vriendelijk rekenwonder mijn schulden op te tellen. Dit tot grote ontsteltenis van mijn makke medeburgers. Het kommentaar was tenenkrullend. “Wat ik me wel niet in mijn hoofd haalde om voor te kruipen, wist ik wel hoelang zij daar al stonden?” Van de blikken van de jurken die niets durfden te zeggen kon je ergere dingen afleiden. Ik zag er de lol wel van in en dat straalde ik dan ook uit. Nog meer ergernis.

Wanneer je net als ik de keukenprins bent (ik heb mijn poppeduifje 9 jaar geleden met een zalmtaart versierd!) en dus ook voor de boodschappen verantwoordelijk bent kom je veel in zo’n supermarkt. Het personeel leert je al snel kennen en ook je gewoonten blijven niet ongemerkt. Dat maakt boodschappen doen tot een vermakelijk spel.

Eenmaal bekend met het fenomeen ‘koordje’ zag ik al gauw dat je de spanning aan de kassa’s kunt vergroten door het juiste moment af te wachten. Even kijken hoeveel shoppers er aan de kassa staan, eventueel wachten tot Miena Zus of Piet Zo ook in de rij staat en dan… in de aanval. Lege kassa zoeken, koordje pakken, wagentje uitladen en genieten. Breed grijnzen helpt gigantisch. Mijn god wat kunnen mensen zichzelf opfokken als gevolg van hun eigen onozelheid. Mijn acties hadden vreemdgenoeg geen navolging. Ondanks die vierkantemeter tekst dat je niet hoeft te wachten. Niemand anders behalve ik trok aan dat waanzinnig praktische koordje. Zelfs mijn mutsje niet.

Zij was er een keer bij toen ik aan het koordje hengste en mijn spullen op de band gooide. Ze geneerde zich kapot. Zo erg zelfs dat ze weigerde bij mij aan de kassa te komen staan. Naderhand heb ik haar toch kunnen overtuigen van het nut, dat je toch opmerkelijk sneller thuis bent wanneer je van deze extra service gebruik maakt. Dat opent perspectief. Met twee man/vrouw, twee wagentjes naar twee kassa’a en twee koordjes. Dat bleek te veel voor de grootgrutter. Twee druk-druk-druk-yuppen die niet in de rij willen blijven wachten was blijkbaar meer dan men aan publieke stress kon handelen. De bordjes werden weggehaald…

Nu moet ik dus net als iedereen in die kutrij. Shoppen wanneer het minste volk over de winkelvloer dweilt. Ik mis het koordje. Ik deed alleen daarom al iedere dag boodschappen. Ook als ik niets hoefde. Dan maar voer voor de diepvries. Die kar moet vol. Ik moet mijn kick hebben.

Bij tijd en wijle jaag ik nog wel eens een oud wijf weg wanneer ze bij de slagerijafdeling zes keer een bieflapje laat afsnijden. Dit tot grote ergernis van het meisje-van-de-slagerij die het maar niet lukt om die kutlap, op verzoek van de heks, exact op 80 gram te krijgen. Het wordt een keer 89 gram, een keer 72 gram en naarmate het seniele krengetje ongeduldiger wordt en harder begint te krijsen worden de afwijkingen groter dan een paar luttele grammetjes. Dan zie ik zo’n wichtje helemaal in de stress schieten, haar ogen beginnen te tranen en haar handjes trillen alsof de ouwe feeks elk moment kan veranderen in een vampier, hetgeen ik niet onwaarschijnlijk acht. Ik vind het welletjes en grijp in. “Kras op, lelijk oud lijk. Je tijd is om, zowel hier als elders in dit aardse leven. Vort, op je bezem en weg jij”. Vampierella kijkt me geschrokken doch vals aan. Ik ben wellicht haar eerstvolgende slachtoffer tijdens een ritueel paringsfeest maar voorlopig zijn het vleesmeisje en ik veilig. Op dit moment ben ik haar ridder op het witte paard, haar Super(de Boer)man. Niks mooier dan de blik die ze me uit louter dankbaarheid toewerpt wanneer ik aan de beurt ben. Met een vertederende veelbetekenende lach en blosjes op haar wangetjes vraagt ze: “Wat mag het zijn meneer”? “Doe mij maar twee biefstukjes van elk 150 gram…”


1 reactie

Martijn · 24 augustus 2003 op 13:37

Appie Heijn heeft in sommige filialen een scannersysteem. Je scant je product als de door de winkel loopt en legt het vervolgens in je karretje.
Bij de kassa is het dan scanner inleveren en betalen. Hoef je niet alles op die band te leggen.
Dat scheelt ook tijd natuurlijk, het is geen touwtje maar ook zeer handig.
Natuurlijk kun je er altijd [i]random[/i] uitgepikt worden voor controle.

Ik heb het in Amstelveen gezien, erg handig.

Groet Martijn 😀

Geef een antwoord