Ik vertelde haar dat ik columns schrijf.
‘Waarover dan?’
‘Misschien wel over jou.’
Dat vond ze leuk.
‘En wat zou je dan over mij schrijven?’
‘Dat zal de tijd ons leren’, lachte ik quasi-geheimzinnig. ‘Ik beloof je dat ik er ooit een over jou schrijf.’ We zaten nog wat, we dronken nog wat en we vertelden elkaar over dingen die ons bezighielden. Mijn familie, haar familie. Haar werk en mijn werk. En over muziek; ze liet me haar favoriete muziek horen. Ze hield van muziek uit de tijd dat we allebei nog kleuter waren. Er zijn weinig vrouwen met een uitgesproken muzieksmaak, zei ik haar terwijl ik nog een slokje wijn nam. Zij zat met haar ogen dicht te luisteren naar haar Billy Ocean-cd. Ik genoot van dat beeld.

We praatten over de avond, eerder die week, dat ik haar voor het eerst zag. Ik vertelde nog maar niet wat voor indruk ze op me gemaakt had, want ik wilde me vooral niet te veel blootgeven. De fles wijn was leeg en het was tijd om weer naar huis te gaan. Bij de deur kusten we elkaar welterusten. Een innige en intense zoen. Tussen de spleetjes van mijn ogen zag ik hoe zij ook naar mij keek. We zouden elkaar snel weer zien, was het plan. Ik trok de deur achter me dicht, stak een sigaret op en liep de nacht in, op weg naar huis. Een gevoel van euforie overviel me plotseling.
Gadverdamme.

Dat had ik niet aan zien komen. Ben ik nu echt zo’n cliché-romanticus of is het gewoon omdat ik dit gevoel al heel lang niet heb gehad? Het leven van een vrijgezel gaat over het algemeen wel over rozen, maar rozen hebben op den duur vaak de neiging hun doornen onverbiddelijk snel te laten voelen en te verwelken. Als ze van binnen al dood zijn, kan de buitenkant me vaak ook niet langer behagen.
Ik kreeg alleen een hint van een gevoel dat het dit keer niet om een roos ging.

Als freelancer heb ik het vaak erg druk. Dat zeg ik dan meestal maar. Een gegeven dat me vaak erg makkelijk uitkomt als situaties mij te benauwd worden, want iemand door laten dringen in mijn persoonlijke leven is al enkele jaren not done. Wordt het me te heet onder de voeten, dan spring ik eruit en zoek passievol verkoeling. Helemaal niets meer laten horen is dan weer niet mijn stijl, maar uit een situatie stappen via een mailtje of sms kan wel. Zo’n antwoordberichtje in de trant van ‘Ik heb het deze week erg druk, dus misschien volgende week?’ of ‘Ik zit de komende twee weken helemaal vol, we smsen nog, ok?’ Zo ben ik dan ook wel weer. Na het sturen van dergelijke berichtjes iset contact snel over.

Met mijn ervaringen heb ik inmiddels een aardig fort opgebouwd rondom mezelf waar ik niemand doorheen laat komen. Ik zou wel gek zijn. Te veel gezeik gehad. Maar niet meer met mij. Aan mijn lul geen polonaise.

De volgende keer kwam snel: De avond erna ontmoetten we elkaar opnieuw bij haar thuis, om even een wijntje te doen. Toen ik ’s nachts de straat waar ze woonde uitliep na weer urenlang gekletst te hebben, muziek geluisterd en gewoon in elkaars armen te hebben gelegen, kwam het gevoel van de vorige avond stiekem weer de hoek omkijken. Ik kreeg het onbestemde gevoel van een connectie, alsof ik haar al heel lang kende. We zouden elkaar wederom snel weer zien. We zouden sms’en of bellen. En we belden en smsten. En ik voelde me vrolijk. Ze was begonnen om mijn fort langzaam af te breken, zonder dat ze het zelf in de gaten had. Iemand was sinds lange tijd in staat om door te dringen tot me. Ik voelde meteen een gevoel van schaamte omdat ik zo dacht. Ik leek wel een puber. We kenden elkaar eigenlijk niet eens.

Een aantal dagen later kwam ik haar tegen in het café en ze lachte onweerstaanbaar lief naar me. ‘Sorry dat ik niet meer belde eergisteren, maar ik was in slaap gevallen’, zei ze. Zij mocht dat. Ik bracht haar even thuis en kon de verleiding niet weerstaan om op de terugweg naar huis even snel te sms’en wanneer we elkaar weer zouden zien.

Na een paar dagen kreeg ik een berichtje terug: ‘Ik zit de komende twee weken helemaal vol, we smsen nog, ok?
En ik schreef een column. Zoals beloofd.

Categorieën: Liefde

10 reacties

Quinn · 6 juni 2007 op 17:31

Over de liefde raak je nooit uitgeschreven 🙂 Mooi stuk. De titel vind ik een beetje zo-zo, het einde las ik met een glimlach, ondanks de ietwat wrange boodschap. Zo gaan die dingen.

arta · 6 juni 2007 op 17:44

Een typisch geval van ‘what goes around comes around’?
Mooi geschreven!
🙂

SIMBA · 6 juni 2007 op 19:01

Mooi beschreven “koekje van eigen deeg” 😀

Eddy Kielema · 6 juni 2007 op 19:23

De titel is erg lelijk, dat vind ik ook. Daar had je nog iets langer over na kunnen denken, maar de uitsmijter is ijzersterk!

Mosje · 6 juni 2007 op 20:13

De titel is juist erg mooi. In twee woorden uitleggen hoe het zit. Heel knap.

Prlwytskovsky · 7 juni 2007 op 12:31

Ja, een goed verhaal en het loopt lekker.
Hoest met de verkering? 😉

fjag2003 · 7 juni 2007 op 13:55

“Ja, een goed verhaal en het loopt lekker.
Hoest met de verkering?”

Tja, wat moet ik ervan zeggen. 😉

Mup · 7 juni 2007 op 15:28

[quote]En ik schreef een column. Zoals beloofd.[/quote]

Al een reactie van haar gehad?
Wat mij betreft mag je die belofte vaker doen, en je er ook aan houden.

Groet Mup.

Bitchy · 7 juni 2007 op 19:55

Jammer, had je het gevoel wel wat langer gegund!

😉

KawaSutra · 7 juni 2007 op 23:06

Uitstekend rond geschreven column met een veelzeggend slot.

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder